Vrouw met schriftje, rekenmachine en computer doet administratieve taken

1 januari 2026: verplichte e-facturatie voor verenigingen met btw-nummer

1 januari 2026: verplichte e-facturatie voor verenigingen met btw-nummer

Vanaf 1 januari 2026 moet elke erfgoedvereniging met een btw-nummer e-facturen kunnen verzenden én ontvangen via het Peppol-netwerk. Hoe je je hierop voorbereidt, ontdek je op deze pagina.

WAT IS EEN E-FACTUUR?

Vrouw met schriftje, rekenmachine en computer doet administratieve taken

Een e-factuur is:

  • een gestandaardiseerd digitaal formaat (bijvoorbeeld: xml), geen pdf of afbeelding
  • verzonden via Peppol, een beveiligd facturatienetwerk
  • automatisch verwerkbaar door boekhoudsoftware als je die hebt
  • bedoeld voor transacties tussen btw-plichtige ondernemingen: niet alleen commerciële bedrijven maar bijvoorbeeld ook socio-culturele verenigingen met een btw-nummer

Let op: facturen aan particulieren hoeven geen e-facturen te zijn.

WAT ZIJN DE VOORDELEN VAN E-FACTURATIE?

  1. Snellere en foutloze verwerking
  2. Minder papierwerk en administratie
  3. Lagere kosten
  4. Betere controle voor overheid én vereniging

IS JOUW VERENIGING BTW-PLICHTIG?

Heb je je ondernemingsnummer geactiveerd als btw-nummer? Dan valt jouw vereniging onder de nieuwe regeling. Ook als je vereniging de vrijstellingsregeling heeft gekregen omdat de omzet van btw-plichtige activiteiten niet hoger is dan 25.000 euro, ben je formeel nog altijd btw-plichtig. Enkel de niet btw-plichtige activiteiten kunnen nog zonder e-factuur.

Tip: Om verwarring te vermijden kan je ervoor kiezen om al je facturen naar btw-plichtige organisaties via Peppol te versturen.

Er zijn ook enkele uitzonderingen. Die vind je hier

HOE BEREID JE JE VOOR OP E-FACTURATIE?

We kunnen je alvast geruststellen: je boekhoudproces hoeft niet volledig te veranderen. Het gaat om de manier waarop je facturen verstuurt en ontvangt. Met de volgende stappen bereid je je makkelijk voor op de verplichte e-facturatie:

  1. Controleer hier of je boekhoudsoftware Peppol ondersteunt voor verzenden én ontvangen.
  2. Heb je geen boekhoudprogramma? Zoek dan in dezelfde lijst een erkend Peppol Acces Point om de e-factuur te kunnen ontvangen en verzenden. Ontvangen en verzenden kan via een ander Acces Point. Vraag de persoon die de boekhouding doet met welke software deze het liefste werkt.
  3. Zorg dat je vanaf 2026 e-facturen kan ontvangen, ook als je er zelf (nog) geen verstuurt. Denk maar aan de facturen van de telecomoperator of deze van de drankenhandel.
  4. Wacht niet tot 2026. Hoe vroeger je overstapt, hoe vlotter de overgang.

HOE WEET JE OF JE KLANT EEN E-FACTUUR MOET KRIJGEN?

Zoek in Peppol op het ondernemingsnummer van je klant. Zo zie je meteen of je klant een Access Point op Peppol heeft.

Het kan altijd zijn dat je klant nog niet op Peppol terug te vinden is. Weet dan dat jij zelf in orde bent door het tijdelijk gebruik van een andere verzendwijze van je factuur (bijvoorbeeld een pdf via e-mail).

Voeg toe op de factuur: ‘Wij wijzen op de efacturatieplicht tussen btw-plichtige ondernemingen vanaf 1 januari 2026. Meer info op efactuur.belgium.be/nl. Zo ben je zeker in orde. 

WAT ALS JE LEVERANCIER NOG NIET KLAAR IS?

Ontvang je een factuur die een e-factuur had moeten zijn? Spreek je leverancier aan en vraag om via Peppol te werken. Formeel kan je de factuur weigeren, maar het is verstandiger om je leverancier te informeren zodat die ook volgens de wet werkt. Je leverancier riskeert immers een boete. 

VRAGEN?

Heb je nog vragen, kijk dan of je het antwoord vindt op deze website van de federale overheid. Twijfel je nog altijd? Contacteer onze collega Els op 0492 11 75 36 of via els.vervaet@histories.be. 

Abraham – Catalogus van Belgische Kranten

Abraham - Catalogus van Belgische Kranten

Bladwijzer 17: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2016 • 17

Kranten zijn een belangrijke bron voor al wie geïnteresseerd is in de actualiteit van het verleden. Ze geven een blik op de dagdagelijkse gang van zaken. Abraham vormt het cruciale startpunt voor je zoektocht naar deze bronnen. De nadruk ligt op kranten uit de periode 1830-1950. Die zijn, door hun slechte papierkwaliteit, het meest kwetsbaar.

De databank is te vinden op www.krantencatalogus.be. Je vindt er informatie over meer dan 7300 krantentitels die worden bewaard in meer dan 100 erfgoedinstellingen in Vlaanderen en Brussel.

Agrarische erfgoedcollecties registreren, waarderen en herbestemmen

Handleiding ‘De hand aan de ploeg’. Agrarische erfgoedcollecties registreren, waarderen en herbestemmen

Bladwijzer 18: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2016 • 18

Vlaanderen evolueerde de afgelopen 150 jaar van een overwegend rurale maatschappij naar een sterk verstedelijkte samenleving, waarin de klemtoon ligt op industrie en diensten. Ook de landbouwsector kende een ver doorgedreven mechanisering. Die evolutie liet heel wat ruraal erfgoed na: van boeken, archieven, documentatie en foto’s tot landbouwmateriaal, keukengerief en ambachtelijk alaam. Ook tradities en gebruiken uit de landbouw zijn vormen van agrarisch erfgoed.

Hoewel het agrarisch erfgoed een enorm (cultureel, maatschappelijk, economisch en toeristisch) potentieel in zich draagt, sloten het voorbije decennium talrijke landbouwmusea hun deuren. Vaak gaat het om omvangrijke collecties met grote, moeilijk te herbergen objecten. Het vraagt veel onderhoud, kennis van zaken en ruimte om de objecten tot hun recht te laten komen. Het is vervolgens niet nodig en ook niet mogelijk om alles te bewaren. Goed onderbouwde en ingrijpende keuzes dringen zich op. Daarnaast is er bij het grote publiek, en zeker bij de jonge generaties, ook sprake van een zekere vervreemding tegenover het agrarische en rurale verleden.

De uitdagingen zijn dus groot om het (roerend) agrarisch erfgoed zijn verdiende plaats te geven/laten behouden in het bredere erfgoedlandschap. Om dit te verwezenlijken is in de eerste plaats een inhoudelijke ondersteuning vereist die het fundament legt voor verdere initiatieven. Vanuit erfgoedstandpunt betekent dit terugvallen op de basis: wat is er aanwezig in de collecties, wat is de toestand van de stukken, welke contextinformatie is er beschikbaar?

Kinderen van een jeugdbeweging

Al spelend erfgoed ontdekken: deze databanken helpen je op weg

Al spelend erfgoed ontdekken: deze databanken helpen je op weg

Kinderen van een jeugdbeweging

Ben je met je vereniging op zoek naar een erfgoedactiviteit en wil je kinderen en jongeren op een leuke en speelse manier betrekken? Het bedenken van nieuwe activiteiten voor deze doelgroep kan veel energie kosten. Laat je daarom inspireren door de talrijke jeugdbewegingen die Vlaanderen rijk is.

Bijna elke grote jeugdbeweging heeft zijn eigen databank met duizenden activiteiten. Sommige activiteiten zijn volledig uitgewerkt, anderen zijn slechts concepten. De volgende sites kunnen je helpen inspiratie op te doen, net zoals ze dat in het verleden al deden voor vele jeugdleid(st)ers.

Bestaat er een databank die we over het hoofd zagen? Stuur ons een bericht, zodat we de lijst kunnen aanvullen.

Wil je zien hoe een combinatie tussen geschiedenis, erfgoed en spelletjes eruit kan zien? Bekijk dan zeker het historisch spel rond de industrialisatie van Pelt. Deze kun je op alle 4 databanken terugvinden. 

Instrumenten voor leiding en begeleiding

De pagina’s van de jeugdbewegingen bieden meer dan alleen spelendatabanken. Je vindt er ook nuttige hulpmiddelen voor het plannen, organiseren en evalueren van verschillende taken. Zo bieden ze verschillende methodieken voor brainstormsessies, het begeleiden van discussies, en waardevolle tips voor het coachen van je vrijwilligersploeg. Deze inzichten zijn niet alleen relevant voor jongeren, maar kunnen ook jou en je vereniging inspireren om het dagelijkse bestuur te versterken. Voorbeelden hiervan zijn methodieken uitgebracht voor vrijwilligersverantwoordelijken (leiding en groepsleiding) en tips om een discussie te begeleiden.

Kinderen en jongeren direct betrekken bij het bedenken van activiteiten is ook een optie. Benieuwd hoe je dat aanpakt? Bekijk deze praktijktip.

Archief

Archieven over de bestraffing van collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog

De zoektocht naar het oorlogsverleden. Archieven over de bestraffing van collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog

Bladwijzer 21: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2017 • 21

‘Geachte heer, Ik schrijf u deze mail met een verzoek om informatie. Ik ben zelf geboren te Duffel, België, maar woon nu in Nederland. Mijn oom, de broer van wijlen mijn moeder, is tijdens de Tweede Wereldoorlog bij de SS geweest. Ik weet niet bij welke afdeling. Volgens mijn moeder is hij na de oorlog geïnterneerd geweest in Merksplas [...]. Ik ben sinds jaren bezig de oorlogsgeschiedenis van mijn familie langs beide kanten op te zoeken. Ik zou u vriendelijk willen vragen of in uw archief een dossier is van mijn oom en of er een mogelijkheid bestaat dit dossier (eventueel beperkt) te mogen inkijken?’

Dit uittreksel uit een mail gericht aan het Rijksarchief illustreert dat (klein)kinderen of familieleden ook vandaag nog op zoek gaan naar de juiste toedracht van het oorlogsverleden. Onder meer nabestaanden van personen die na de Tweede Wereldoorlog in aanraking komen met de bestraffing van collaboratie zijn op zoek naar informatie. Die zoektocht is echter niet altijd even makkelijk. Hoe de bestraffing van de collaboratie in België verliep en welke archiefwegen bewandeld kunnen worden in de zoektocht naar informatie, wordt in deze bijdrage bondig uiteengezet.

Archiveren van digitale beelden

Archiveren van digitale beelden

Bladwijzer 13: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2015 13

Foto’s hebben vaak een grote emotionele waarde. Daarom hoor je na een brand wel eens de opmerking dat men vooral het verlies van foto’s betreurt. Ze zijn onvervangbaar in tegenstelling tot heel wat andere zaken in huis. Foto’s kan je dan ook maar beter veilig bewaren. Voor digitale foto’s gelden nog andere risico’s. In dit artikel willen we overlopen wat je best doet om digitale foto’s zo goed mogelijk te bewaren.

Archives Portal Europe: jouw archieven in Europa

Archives Portal Europe: jouw archieven in Europa

Bladwijzer 17: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2016 • 17

Archives Portal Europe, ofwel Archieven Portaal Europa of APE, is een website waar je beschrijvingen van archiefbestanden, inventarissen en gerelateerde gedigitaliseerde documenten uit heel Europa kan terugvinden (www.archivesportaleurope.eu). Door één zoekterm in te tikken, zoek je doorheen de inventarissen van zo’n 2.124 Europese bewaarinstellingen. Het platform, dat in een eerste fase enkel toegankelijk was voor de Rijksarchieven in België, staat sinds 2016 ook open voor beschrijvingen van kleinere verenigingen via Archiefbank Vlaanderen.

Asbest in je erfgoedcollectie?

Asbest in je erfgoedcollectie?

Samen met de erfgoedvrijwilligers van enkele heemkundige kringen gingen ETWIE en Histories vzw op zoek naar asbest in collecties. We bezochten een tiental collecties en vonden asbest op onverwachte plaatsen. Het project liep tot augustus 2022.

Deze brochure geeft een aanzet voor erfgoedvrijwilligers om veilig en verantwoord om te gaan met asbest. We duiken eerst in de eigenschappen en toepassingen van asbest, vooraleer de geschiedenis van het mineraal uit te pluizen. Vervolgens staan we stil bij de gezondheidsrisico’s en het beleid dat wordt ontwikkeld om die risico’s te beperken. Ten slotte geven we mee hoe je asbest kan herkennen aan de hand van een aantal zeer concrete voorbeelden, aangevuld met de nodige tips!

Behoud en beheer van fotocollecties: een gelaagde materie!

Behoud en beheer van fotocollecties: een gelaagde materie!

Bladwijzer 9: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2013 09

Als geen andere discipline is fotografie multidisciplinair en multimaterieel. Dit zorgt ervoor dat het behoud en beheer van foto’s vaak vrij complex is en de nodige vragen met zich meebrengt. In dit artikel geven we een overzicht van de meest voorkomende schadekenmerken bij analoge foto’s en de maatregelen die kunnen worden genomen om onze collecties er zo goed mogelijk van te vrijwaren

Verzameling erfgoedtijdschriften

Belastingkrediet compenseert hogere verdeelkosten van jouw papieren publicaties

Belastingkrediet compenseert hogere verdeelkosten van jouw papieren publicaties

Verzameling erfgoedtijdschriften

Bpost verhoogde in juli 2024 haar tarieven voor de verdeling van kranten en tijdschriften nadat de federale regering de subsidiëring van Bpost stopzette. Daarna kregen we dan ook bezorgde erfgoedverenigingen aan de lijn. Gelukkig kunnen we goed nieuws melden, of toch voor de komende drie jaar.

FISCALE STEUNMAATREGEL

De federale regering heeft voor de periode tot en met 2026 een fiscale steunmaatregel uitgewerkt die tegemoet komt aan de meerkost die uitgevers  van papieren publicaties voor de verdeling moeten ophoesten. Daarvoor moet je wel rekening houden met twee verschillende voorwaarden: 

  • De verdeling gebeurt rechtstreeks naar de abonnee en niet via een dagbladhandelaar of distributieketen.
  • De uitgever draagt de meerkost zelf. 

Ook erfgoedverenigingen die een krant of tijdschrift uitgeven en onder de rechtspersonenbelasting vallen, kunnen van deze fiscale maatregel gebruikmaken. 

HOE WERKT HET?

De maatregel houdt voor niet-commerciële uitgevers zoals vzw’s in dat de hogere distributiekost in de jaren ‘24 (uitgaven vanaf 1 juli ’24), ‘25 en ‘26 tegenover deze in 2023 (referentiejaar) in mindering kan gebracht worden bij de aangifte in de rechtspersonenbelasting.

Moet je vereniging geen of minder belastingen betalen dan deze meerkost? Dan wordt het verschil gewoon uitgekeerd, indien dat verschil minstens € 2,5 bedraagt. Dat geldt dus ook voor verenigingen die jaar na jaar een nul-aangifte doen. Daarom wordt het belastingkrediet genoemd en niet belastingvermindering.

Je vereniging moet dus de nieuwe verdeelkosten kunnen voorfinancieren, maar je krijgt het later terug.

De meerkost van de verzending wordt per publicatie berekend. Is je aantal verzendingen groter of kleiner geworden dan in 2023? Dan wordt dit mee in rekening gebracht. Deze fictieve voorbeelden illustreren dit:

  • Voorbeeld 1 – Dezelfde oplage

Een familiekundige kring verzendt maandelijks een papieren nieuwsbrief aan 260 leden. In 2023 betaalden ze € 0,30 per stuk. Vanaf juli 2024 is dat € 0,60 geworden. Er is dus een bijkomende verdeelkost van € 0,30 per verstuurde nieuwsbrief. Het belastingkrediet zal voor het aanslagjaar 2024 zes keer 260*0,3 bedragen. Dit komt neer  op € 390. Voor het aanslagjaar 2025 bedraagt het belastingkrediet twaalf keer 260*0,3, wat neerkomt op € 780.

  • Voorbeeld 2 – Lagere oplage

Een heemkundige kring verzendt in 2023 280 jaarboeken (verdeelkost: € 6,8/publicatie) en in 2025 250 publicaties (verdeelkost: € 7,3/publicatie). De bijkomende verdeelkost per publicatie bedraagt € 0,50. Het belastingkrediet zal 250*0,50 bedragen, wat neerkomt op € 125.

  • Voorbeeld 3 – Hogere oplage

Een reuzenvereniging verspreidt in 2023 een papieren nieuwsbrief op 860 exemplaren en betaalt per publicatie € 0,30 verzendkosten. In 2026 gaat het om een verzending van 900 exemplaren en betaalt de vereniging per publicatie € 0,60. Er is dus een bijkomende verdeelkost van € 0,30 per verstuurde nieuwsbrief. Het belastingkrediet zal 900*0,30 bedragen, wat neerkomt op € 270.

HOE MOET HET NU VERDER?

Bij code 1952 in de rechtspersonenbelasting vul je de totale meerkost van de verzending in. Je moet bewijsstukken kunnen voorleggen van de distributiekost in 2023 en die van het jaar waarop de belastingaangifte slaat. Het gaat dan bijvoorbeeld om facturen van Bpost of van een andere verdeler.

Het ziet er naar uit dat deze steunmaatregel vanaf 2027 ophoudt te bestaan.

MEER WETEN?

Wil je graag wat meer juridische achtergrond? Lees hier de wettekst (hoofdstuk 4).

Heb je nog vragen, dan kan je terecht bij Els Vervaet op els.vervaet@histories.be of 0492 11 75 36. 

Een man kijkt in een programmaboekje. Hij heeft een pen in de hand.

Bereid je voor op een zorgeloze aangifte van de patrimoniumtaks

Bereid je voor op een zorgeloze aangifte van de patrimoniumtaks

Een man kijkt in een programmaboekje. Hij heeft een pen in de hand.

Is jouw erfgoedvereniging een vzw? Dan moet je jaarlijks rekening houden met de patrimoniumtaks. Maar hoe zit dat precies in elkaar? Wat wordt er belast? En hoe wordt de taks berekend? In deze praktijktip ontdek je stap voor stap hoe je de belastingaangifte van jouw vereniging regelt. Zo haal je probleemloos de deadline van 31 maart!

WAT IS DE PATRIMONIUMTAKS?

De patrimoniumtaks is een jaarlijkse belasting voor vzw’s en stichtingen. Deze belasting werd ingevoerd omdat rechtspersonen zoals vzw’s geen successierechten betalen.

Waarop wordt de patrimoniumtaks berekend?

De belasting wordt berekend op de bezittingen van je vereniging en verschilt zo van de rechtspersonenbelasting, die wordt geheven op de opbrengsten of inkomsten.

De patrimoniumtaks geldt voor alle bezittingen van je vzw, zowel in België als in het buitenland:

  • Onroerende goederen zoals gebouwen en gronden
  • Roerende goederen zoals laptops of archiefmateriaal
  • Immateriële goederen zoals auteursrechten
  • Geldbeleggingen zoals effecten of obligaties

Wat telt niet mee?

Kasgelden en het geld dat op de zicht- of spaarrekeningen van je vereniging staat en dat je gebruikt als werkingsmiddelen tijdens het jaar.

Bij grote sommen op de spaarrekening kan de belastingdienst besluiten dat dit geen werkingsmiddelen zijn, maar bezittingen – en er toch patrimoniumtaks op heffen. Het is daarom belangrijk om zelf een correcte inschatting te maken van je middelen.

Gedeeltelijke vrijstelling

Oefent je vzw activiteiten uit die vrijgesteld zijn van btw (onder artikel 44, §2, 9° Btw-wetboek), zoals het organiseren van tentoonstellingen of conferenties? En komt minstens 50% van je inkomsten uit die btw-vrijgestelde activiteiten? Dan moet je de patrimoniumtaks niet op je volledige vermogen betalen. De taks wordt dan maar berekend op 37,7% van je vermogen. Voor de rest (62,3%) betaal je geen patrimoniumtaks.

Let op: dit hangt sterk af van je specifieke situatie. Ga daarom altijd samen met een fiscalist na of je aan de voorwaarden voldoet, zeker omdat verschillende activiteiten onder verschillende btw-regels kunnen vallen.

Op de website van Cultuurloket vind je meer uitleg over deze vrijstellingen. Je kan daar ook gratis een eerstelijnsgesprek met een fiscalist inplannen via het contactformulier. Kies voor ‘Belastingaangifte invullen’ en plan een telefonisch moment dat voor jou past.

Je aangifte in orde brengen in vier eenvoudige stappen

Volg dit stappenplan en verzeker dat je de patrimoniumtaks correct en op tijd indient, zonder stress. 

1. INVENTARISEER EN WAARDEER DE BEZITTINGEN VAN JE VZW

Afbeelding van een tweeluik die aan de muur van het DPC Mechelen hangt

De lijst van bezittingen of activa (bij de patrimoniumtaks ook wel de massa der goederen genoemd) maak je elk jaar op.

  • Bij een vereenvoudigde boekhouding hoort de lijst bij de staat van het vermogen, opgenomen in bijlage C van de jaarrekening.
  • Bij een dubbele boekhouding vind je de activa terug op de balans van de jaarrekening.

De patrimoniumtaks kijkt naar de waarde van je bezittingen op een vast peilmoment: 1 januari van het aanslagjaar. Je moet dus in het begin van het jaar de verkoopwaarde van je bezittingen inschatten.

Let op: de verkoopwaarde is niet hetzelfde als de boekhoudkundige waarde; je kan de boekhoudcijfers dus niet kopiëren. Het is belangrijk dat je per goed zelf inschat welke prijs het op die datum realistisch gezien zou opbrengen bij verkoop, onder de beste omstandigheden en aan de hoogste bieder.

In twee gevallen mag je als vzw bepaalde lasten of kosten aftrekken van je bezittingen: 

  • Als je vzw een hypothecaire lening heeft.
  • Als je vzw algemene legataris is van een erfenis. 

Niet zeker of jouw vzw bepaalde lasten of kosten kan aftrekken? De voorwaarden vind je terug in de kennisbank van Cultuurloket. 

Voorbeelden

Er is geen vaste formule om de waarde van je bezittingen te berekenen. Het is wel belangrijk om een logische en geloofwaardige redenering op te bouwen. 

  1. Een genealogische vereniging heeft een archief met duizenden bidprentjes, kiezerslijsten, rouwbrieven en tweedehandsboeken. Maar omdat het geen zeldzame of rijk versierde antieke boeken zijn, is de marktwaarde eerder laag. Ook al is het archief maatschappelijk en historisch waardevol – de verkoopwaarde blijft beperkt. Je moet in zo’n gevallen je waarde niet te hoog inschatten.
  2. Een schuttersgilde bezit antiek zilverwerk. De marktwaarde van zilver is in deze situatie meestal een goed uitgangspunt. De historische of emotionele waarde voor de vereniging is moeilijker in geld uit te drukken. Voor een redelijke schatting kan je kijken naar het verzekerde bedrag, de zilverwaarde of de prijs van vergelijkbare stukken op de markt. Zilveren stukken die populair zijn bij verzamelaars krijgen een hogere waarde. Zorg dat je je redenering duidelijk noteert om achteraf vragen te vermijden.
  3. Een heemkundige kring bezit een eigen museumgebouw. Er is geen hypotheek op het gebouw, dus er kunnen geen schulden worden afgetrokken. De waarde hangt dan af van de vraag op de vastgoedmarkt in die regio, op dat moment. Let op: bij gebouwen gaat het niet automatisch om de verzekerde waarde, want die is vaak gebaseerd op vervangingswaarde en niet op verkoopwaarde. 

2. BEREKEN DE TAKS

Bij de patrimoniumtaks geldt er altijd een vrijstelling van 50.000 euro. Dat betekent dat je op de eerste 50.000 euro van je bezittingen geen belasting betaalt. Heb je bijvoorbeeld 60.000 euro aan bezittingen? Dan betaal je alleen taks op de 10.000 euro boven de vrijstelling.

Hoe werkt het tarief? 

Per schijf is er een hoger percentage van toepassing. Dit zijn de tarieven: 

Een tabel met de tarieven van de patrimoniumtaks.

Voorbeelden

1. Een heemkundige kring heeft een eigen museumgebouw. Door de totaalwaarde van het gebouw, de grond, het meubilair, de uitrusting en de collectie, komen ze op een totaal bezit van 505 000 euro. De berekening van de patrimoniumtaks zal dan als volgt zijn: 

  • Voor de eerste 50 000 euro betaal je geen taks.  
  • Voor het bedrag tussen 50 000 euro en 250 000 euro betaal je 0,15%. Dat is 300 euro. (0,15% van 200 000 euro). 
  • Voor het bedrag tussen 250 000 en 500 000 euro, betaal je 0,3%. Dat is 750 euro (0,3% van 250 000 euro).  
  • Voor het bedrag boven de 500 000 euro, betaal je 0,45%. Dat is 22,5 euro (0,45% van 5 000 euro). 
  • In totaal zal de heemkundige kring 1 072,50 euro patrimoniumtaks betalen.  

2. Een vereniging van metaaldetectoristen heeft een aantal metaaldetectoren, schopjes en ander materiaal in bezit. De totale waarde aan bezittingen bedraagt 20 000 euro. Omdat dit bedrag onder de voetvrijstelling blijft, is de vereniging geen patrimoniumtaks verschuldigd en hoeft zij ook geen aangifte in te dienen. 

3. VUL JE AANGIFTEFORMULIER IN

Is de totale waarde van de bezittingen van je vzw boven 50.000 euro? Dan moet je een aangifte invullen. Hiervoor gebruik je het formulier 187. Je kan dat formulier digitaal indienen via MyMinfin of met de post opsturen naar je regionaal kantoor Rechtszekerheid.

Vul de gegevens van je vereniging in

Op het formulier vul je eerst de algemene gegevens van je vereniging in: de naam, rechtsvorm, het adres, het ondernemingsnummer en de ondernemingsrechtbank waaronder je vereniging valt (met de zetel daarvan).

Geef een overzicht van wat je vereniging bezit

Heb je al je gegevens ingevuld? Dan begin je aan een duidelijke oplijsting van al je bezittingen. 

  • Bij onroerende goederen noteer je de kadastrale gegevens, de geschatte verkoopwaarde en de gegevens van de verzekering (zoals polisnummer en verzekerd bedrag). Dit doe je voor alle gebouwen en gronden die je vereniging bezit. Dat verzekerde bedrag is niet altijd hetzelfde als de verkoopwaarde: bij de verzekering gaat het meestal om de vervangwaarde. Zijn er onroerende goederen waarop een zakelijk recht, zoals erfpacht of vruchtgebruik op rust? Bij erfpacht is de verkoopwaarde deze van het erfpachtrecht. Bij vruchtgebruik is dat 4% van de volle eigendom per jaar.
  • Daarna noteer je de roerende goederen, immateriële goederen en de geldbeleggingen. Ook hier schat je wat ze ongeveer waard zijn. Bij roerende goederen is de verkoopwaarde meestal gelijk aan de verzekeringswaarde. Bij auteursrechten komt de verkoopwaarde overeen met wat je ermee kan verdienen.

Vergeet zeker niet een overzicht van de rekening en de kasgelden die je het voorbije jaar niet gebruikt hebt aan de opsomming toe te voegen. 

Tel de waarde van al je bezittingen op en pas de toepasselijke tarieven toe. Vervolgens dien je de aangifte digitaal of per post in.  

4. BETAAL DE PATRIMONIUMTAKS

Na het indienen van de aangifte, krijg je een bankrekeningnummer toegestuurd waarop je de patrimoniumtaks voor 31 maart betaalt. 

De belastingdienst kan je boekhouding opvragen om te controleren of de aangifte correct is ingevuld. En nu de indiening van de jaarrekening digitaal gebeurt, wordt die controle voor de overheid gemakkelijker. Zorg er dus voor dat je waarderingen correct en eerlijk zijn. Creatieve manieren om de taks te ontwijken, bijvoorbeeld door grote bedragen te spreiden over meerdere vzw’s, zijn niet toegestaan. 

Dien je de taks niet, verkeerd of te laat in?

Dan kan dat nadelige gevolgen hebben voor je vereniging. 

  • Bij vertraging: €2,50 per maand. 
  • Bij laattijdige betaling: 7% intrest. 
  • Als je te weinig of helemaal niets aangeeft, riskeer je een boete die even hoog is als het bedrag van de verschuldigde patrimoniumtaks. De taks zelf moet je dan nog altijd betalen. De belastingdienst kan daarbij tot 10 jaar teruggaan. 

Ga je niet akkoord met de berekening van de taks, dan kan je een klacht indienen. Dit kan digitaal via MyMinfin of door een brief te sturen naar het regionaal kantoor Rechtszekerheid. 

Let op: je moet de taks wel nog altijd betalen binnen de termijn, ook als je niet akkoord gaat met de berekening. 

MEER WETEN?

Op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën vind je antwoorden op een aantal veel gestelde vragen. 

Ook collega Els helpt jou graag verder via els.vervaet@histories.be of 0492117536. 

Twee studenten aan het werk bij een erfgoedvereniging tijdens YOUCA action day. Ze zijn aan het bladeren in boeken.

Betrek jongeren bij jouw erfgoed op YOUCA Action Day

Betrek jongeren bij jouw erfgoed op YOUCA Action Day

Twee studenten aan het werk bij een erfgoedvereniging tijdens YOUCA action day. Ze zijn aan het bladeren in boeken.

De YOUCA Action Day stimuleert jongeren om één dag actief bij te dragen aan een organisatie naar keuze. Ook jouw erfgoedvereniging kan een plek zijn waar zij mee het verschil maken.

Het is een laagdrempelige manier om jongeren in contact te brengen met lokaal erfgoed, je vereniging in de schijnwerpers te zetten én te tonen hoe belangrijk vrijwilligerswerk is.

WAT IS YOUCA?

Youth for Change and Action, kortweg YOUCA, is een organisatie die jongeren bewust maakt van maatschappelijke uitdagingen. YOUCA ondersteunt hen in hun acties voor een meer duurzame en rechtvaardige samenleving.

WAAROM MEEDOEN?

Er zijn verschillende redenen waarom YOUCA Action Day waardevol is voor jouw erfgoedvereniging: 

  • Deel je passie met enthousiaste jongeren. Leer daarbij ook van hun frisse kijk op jouw organisatie.
  • Versterk je imago. Profileer je als een toegankelijke en aantrekkelijke organisatie voor jongeren. Wie weet werf je zo ook nieuwe vrijwilligers en leden. 
  • Leg contacten met scholen, lokale besturen en andere organisaties die deelnemen. 

‘De dag geeft ons de kans om ons stoffig imago af te schudden. En natuurlijk kan het nooit kwaad om een stel extra handen te hebben.’ – Stefaan De Groote, heemkundige kring Het Land van Nevele, neemt al deel sinds 2016.

OVERTUIGD OM MEE TE DOEN? ZO WERKT HET!

De YOUCA Action Day vindt jaarlijks plaats in oktober. Deelnemen is eenvoudig: plaats een vacature op de jobbank van YOUCA, waarop jongeren kunnen solliciteren met een motivatiebrief en CV. Met zo’n 15.000 deelnemende scholieren is de kans groot dat je gecontacteerd wordt. 

Heb je hulp nodig bij de jobbank? Neem dan een kijkje in deze handleiding 

Ga je liever zelf op zoek? Bezoek een school in de buurt of vraag eens rond in je netwerk naar enthousiaste jongeren.

Praktisch:

  • Prijs: 60 per jongere. Dat bedrag gaat volledig naar het goede doel. 
  • Administratie: YOUCA regelt alle overeenkomsten en verzekeringen, zodat jij je zorgeloos kan focussen op de activiteiten. 

5 TIPS VOOR EEN SUCCESVOLLE YOUCA ACTION DAY

Met deze vijf handige tips zorg je ervoor dat de YOUCA Action day niet alleen een leerrijke ervaring is voor jongeren, maar ook een waardevolle bijdrage levert aan jouw erfgoedvereniging. 

1. Schrijf een aantrekkelijke vacature. Wat kunnen jongeren leren en ervaren in jouw erfgoedvereniging? Wees concreet over de verschillende taken. 

‘Twee jongeren hielpen ons met de voorbereiding van de tentoonstelling “Vijftig jaar geleden in Izegem.” Ze wisselden af tussen fotograferen en typen, zodat de taken niet te eentonig werden.’ – Bart Blomme, heemkundige kring Ten Mandere in Izegem.

2. Een warm welkom maakt het verschil. Toont een leerling interesse? Geweldig! Ontvang hen met een kopje koffie of thee.

3. Taken met een direct en zichtbaar resultaat maken de ervaring het meest waardevol. Zorg voor ondersteuning en toezicht tijdens het uitvoeren van de taken.

‘Iedereen heeft een familienaam, dus we zoeken aan het begin van de dag naar hun voorouders in onze databank. Op die manier toon je direct wat erfgoed voor hen kan betekenen.’ – Rik Van der krieken, Documentatie- en Studiecentrum voor Familiegeschiedenis (Familiekunde Vlaanderen) in Merksem.

4. Zet jezelf in de kijker. Deel je ervaring met de wereld. Post iets op Facebook, vraag de leerling om samen een TikTok-filmpje te maken of verwittig de pers. Wil je foto’s publiceren? Vergeet zeker niet om (schriftelijke) toestemming te vragen voor publicaties.

5. Blijf in contact. Jullie hebben net een geweldige YOUCA Action Day achter de rug. Wat nu? Vraag om het e-mailadres van de leerlingen om ze op de hoogte te houden van toekomstige activiteiten. 

OVERTUIGD?

Ontdek hier hoe jouw erfgoedvereniging kan deelnemen aan dit mooie initiatief.

 

Budgetvriendelijke tips voor diefstal- en vandalismepreventie

Kijken mag, aankomen niet! Budgetvriendelijke tips voor diefstal- en vandalismepreventie

Bladwijzer 11: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2014 11

Effectief beveiligen van erfgoedbeherende instellingen is niet moeilijk en hoeft bovendien niet duur te zijn. Het blijft vaak achterwege door het ontbreken van specifieke kennis qua beveiliging en onjuiste beslissingen. Dit artikel biedt enkele inzichten en ideeën over het budgetvriendelijk beveiligen van erfgoedbeherende instellingen vanuit het perspectief van politie en beveiligingsadviseur(s).

Checksums?! Een instrument voor betrouwbare digitale langetermijnbewaring

Checksums?! Een instrument voor betrouwbare digitale langetermijnbewaring

Bladwijzer 15: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2015 • 15

Digitale bestanden zijn kwetsbaar, niet alleen door de snel wijzigende technologie maar ook doordat alle digitale dragers onbetrouwbaar zijn voor langetermijnbewaring als ze niet worden gekoppeld aan o.a. goede back-up- en controleprocedures. Zonder de nodige voorzorgen kunnen digitale gegevens zelfs al op korte termijn verloren gaan of onbedoeld wijzigen. Dit fenomeen noemt men bitrot. De oorzaak hiervan ligt vaak bij de mechanische slijtage van de drager, of in een wijziging van de chemische samenstelling ervan. Daarom is een identieke kopie als back-up steeds noodzakelijk. Ook fouten bij het kopiëren van bestanden kunnen echter gegevensverlies tot gevolg hebben, bv. bij het maken van een back-up.

Een checksum stelt je in staat om dergelijke fouten of informatieverlies op te sporen. Het vertelt je bij de verslechtering van de drager wanneer je het oorspronkelijke bestand moet vervangen door de back-up, en stelt je in staat te verifiëren of de back-up wel een identieke kopie is van het origineel. Iedereen die digitale bestanden duurzaam wil archiveren, zou zonder uitzondering dergelijke checksums moeten aanmaken en ze vervolgens regelmatig moeten controleren.

Het principe van een checksum of controlegetal is erg eenvoudig: op een reeks letters of cijfers wordt met behulp van een algoritme een berekening uitgevoerd, met een nieuwe, kortere tekenreeks als resultaat. Door die berekening achteraf opnieuw uit te voeren en te vergelijken met de vorige uitkomst, kan worden gecontroleerd of de tekenreeks nog correct is. Een bekend voorbeeld is het laatste cijfer van een ISBN-nummer of de eindcijfers van je bankrekeningnummer.

In de informatica wordt deze techniek gebruikt bij datacommunicatie en -opslag. Hierbij wordt een algoritme uitgevoerd op een reeks bits, de verzameling enen en nullen waaruit elk digitaal bestand inessentie bestaat. Wanneer daarvan een bit verandert, levert dit een ander controlegetal op en is het duidelijk dat er iets mis is met het bestand. Zo’n controlegetal kan op elke willekeurige reeks bits worden berekend, dus ook op bijvoorbeeld een digitale afbeelding of tekstbestand.

Collecties duurzaam registreren in een rekenblad

Collecties duurzaam registreren in een rekenblad

Bladwijzer 21: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2017 • 21

De reden voor het succes van rekenbladen is eenvoudig: Je vindt het programma op elke pc of laptop terug. Gegevens in rekenbladen zijn makkelijk doorzoekbaar, sorteerbaar en filterbaar. Een kopie van je collectie-inventaris is snel gemaakt en je kan hem meteen delen met je collega’s en andere geïnteresseerden.

Maar inventarissen in rekenbladen zorgen ook voor heel wat hoofdbrekens, vooral bij mensen die ze willen hergebruiken voor hun eigen onderzoek, of bij mensen die ze moeten omtoveren tot een mooie website of databank. Gebruikers raken moeilijk wijs uit de precieze betekenis van gegevens in je rekenblad. En op die website lijken willekeurige karakters verwisseld te zijn met de vreemdste tekens.

In veel gevallen is de oorzaak dat we rekenbladen te complex maken en er vanuit gaan dat gebruikers over heel wat impliciete kennis beschikken om het rekenblad te interpreteren - kennis die voor de maker evident is, maar voor de gebruiker natuurlijk niet altijd. Maar vaak is de oorzaak ook dat we rekenbladen opslaan in bestandsformaten die enkel het softwareprogramma waarmee ze gemaakt zijn correct kan uitlezen.

Dit artikel bevat een aantal tips hoe je voor onderzoekers en ontwikkelaars die met jouw rekenblad aan de slag gaan het leven een stuk eenvoudiger kan maken. Daarbij volgen we één leidend principe: je rekenblad dient ‘zelfverklarend’ te zijn. Dat betekent dat je de gegevens in je rekenblad zo organiseert dat onderzoekers of ontwikkelaars ze intuïtief juist kunnen interpreteren.

Creatief met erfgoed: op zoek naar ideeën om cultureel erfgoed te presenteren

Creatief met erfgoed: op zoek naar ideeën om cultureel erfgoed te presenteren

Tijdens Erfgoeddag 2012 werden maar liefst 800 verschillende activiteiten georganiseerd. Echter, wanneer we inzoomen op het type activiteit, dan blijkt dat precies de helft daarvan tentoonstellingen en rondleidingen zijn. Wanneer we ook lezingen, publicaties en film- of multimedia-presentaties meerekenen, dan zitten we al snel aan een flinke 60% van de activiteiten. Anders gesteld: 3 op 5 activiteiten mogen we vanuit hun werkvorm bekeken als ‘klassiek’ beschouwen. Klassiek in de betekenis van ‘zoals gebruikelijk’ en ‘conventioneel’. Waarom zouden we ook experimenteren met werkvormen tijdens evenementen? Of waarom zouden we meer creativiteit in onze structurele activiteiten brengen? Waarom zouden onze tentoonstellingen en rondleidingen aan verfrissing toe zijn? Het antwoord kan nochtans eenvoudig zijn: dromen we er immers allemaal niet van om een passie-voor-het-leven aan te wakkeren bij net die ene bezoeker? Of om de meest onverschillige passant te laten opkijken en naar adem te doen happen?...

Dit artikel is een onverbloemd pleidooi voor meer variatie in gehanteerde werkvormen in de publieksgerichte activiteiten in het cultureel erfgoedveld. Moeten we dan al onze ‘klassieke’ activiteiten loslaten? Zeker niet. Maar laat ons beetje bij beetje verkennen wat allemaal tot de mogelijkheden behoort.

De bijlage van dit artikel vind je hier.

Eerder verschenen in "Bladwijzer 8: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2013"

Crowdfunding: hoe zorg je ervoor dat het publiek mee investeert in jouw erfgoedproject?

Crowdfunding: hoe zorg je ervoor dat het publiek mee investeert in jouw erfgoedproject?

Bladwijzer 21: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2017 • 21

Crowdfunding of publieksfinanciering is vandaag de dag een van de meest succesvolle manieren om projecten op een alternatieve manier te financieren. Steeds vaker hoor je van erfgoedprojecten die financieel mogelijk werden gemaakt door giften van een breed publiek. Bovendien zijn er veel meer voordelen aan verbonden dan enkel het kostenplaatje: crowdfunding kan er namelijk voor zorgen dat het publiek zich nauwer betrokken gaat voelen bij het erfgoed dat je beheert. Een win-winsituatie dus.

Maar hoe begin je eraan? Welke soort projecten hebben doorgaans kans op slagen? En zijn er ook nadelen verbonden aan een crowdfundingsactie? Om aan al deze vragen een antwoord te bieden werd er binnen de reeks ‘Erfgoed in de Praktijk’ in het voorjaar van 2017 een vorming rond crowdfunding georganiseerd. Hiervoor werd beroep gedaan op de initiatiefnemers van Growfunding (www.growfunding.be), een succesvol platform dat sociale crowdfundingsprojecten in de regio Brussel begeleidt maar ook allerhande vormingen aanbiedt. Dit artikel is een weerslag van deze vorming.

De archeologiedagen: ideeën en tips om een activiteit te organiseren

De archeologiedagen: ideeën en tips om een activiteit te organiseren

Bladwijzer 24: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen maart 2019 • 24

Het werk stopt natuurlijk niet na de opgraving. De vondsten worden opgeslagen in een depot en de archeoloog maakt een rapport op van de opgraving. Vondsten die er erg aan toe of bijzonder zijn, worden vaak gerestaureerd door specialisten. De rapporten en de depots zitten boordevol interessante verhalen, maar het grote publiek weet ze nog niet te vinden. Om het publiek op een leuke manier kennis te laten maken met de vele aspecten van archeologie worden de Archeologiedagen georganiseerd.

Je kan op tal van manieren het lokaal archeologisch erfgoed in de kijker zetten tijdens de Archeologiedagen. Een tentoonstelling, een archeologische wandeling of fietstocht, een archeologisch marktkraam, ... Het behoort allemaal tot de mogelijkheden. Laat je inspireren door een aantal tips in dit artikel.

De cloud en cloudcomputing: wat is het en hoe gebruik je het veilig?

De cloud en cloudcomputing: wat is het en hoe gebruik je het veilig?

Bladwijzer 20: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen september 2017 • 20

Verschillende heemkundige kringen maken gebruik van de cloud. Google Drive, OneDrive en Dropbox worden gebruikt om (gedigitaliseerde) bestanden te bewaren en te delen met andere leden van de kring. Deze platformen geven de mogelijkheid om een grote hoeveelheid bestanden gecentraliseerd te bewaren zonder over een server te beschikken, of om digitale bestanden (gratis) te bewaren zonder de harde schijf van een computer te belasten of een externe harde schijf aan te kopen. Bovendien is het via deze platformen eenvoudig om digitale bestanden met derden te delen. Maar wat is nu de cloud en cloudcomputing? Wat zijn de voor- en de nadelen? En hoe kun je je bestanden in de cloud op een zo veilig mogelijk manier bewaren?

De digitale omwenteling: handige online-instrumenten voor erfgoedverenigingen

De digitale omwenteling: handige online-instrumenten voor erfgoedverenigingen

Bladwijzer 22: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2018 • 22

De ontwikkeling van het internet en de toepassingen daarop gaan razendsnel. Het lijkt wel alsof niemand die nog kan bijhouden. Van lokale erfgoedorganisaties bestaat bovendien vaak een beeld van oude en stoffige verenigingen, bevolkt door (jong-)gepensioneerden die moeite hebben om wegwijs te geraken op het internet.

De realiteit is enigszins anders. Ja, lokale erfgoedverenigingen bestaan voor een groot deel uit mensen die niet zijn opgegroeid in de digitale samenleving. En ja, ze hebben het vaak moeilijk om jonge mensen of zogenaamde digital natives te betrekken in hun vereniging. Maar in de praktijk merken we dat deze verenigingen met vaak heel beperkte middelen of in samenwerking met professionele erfgoedorganisaties een grote digitale weerbaarheid en vindingrijkheid tonen.

In dit artikel willen we enkele van deze praktijken delen, gaande van communicatie tot het digitale beheer van je organisatie of collectie, en tips aanreiken om zelf met je vereniging digitaal aan de slag te gaan en om een digitale strategie te ontwikkelen. We richten ons daarbij op twee soorten van toepassingen: enerzijds toepassingen die de interne werking van je vereniging ten goede komen en anderzijds toepassingen die erop gericht zijn om je werking naar het publiek te ontsluiten.

De Eerste Wereldoorlog in jouw gemeente?

De Eerste Wereldoorlog in jouw gemeente? Je staat er niet alleen voor!

Bladwijzer 8: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2013 • 08

Deze bijdrage is de neerslag van de cursusreeks ‘14-18 van dichtbij’ die plaatsvond in het voorjaar van 2013. In deze reeks konden lokale erfgoedwerkers inspiratie opdoen voor een lokaal W.O.I-project en kregen ze informatie over nieuwe inzichten en tendensen in het historisch onderzoek naar de Eerste Wereldoorlog. Deze vorming was een samenwerking tussen Heemkunde Vlaanderen, FARO, het Instituut voor Publieksgeschiedenis, het Vlaams Vredesinstituut en werd ook ondersteund door de provincies.

Een onbedoeld gevolg van al deze initiatieven is dat vele lokale erfgoedwerkers het bos door de bomen niet meer kunnen zien. In deze bijdrage geef ik een aantal tips en aandachtspunten voor een lokaal project over de Eerste Wereldoorlog. Daarbij bespreek ik de belangrijkste projecten en initiatieven waar erfgoedverenigingen terecht kunnen voor steun of begeleiding. De concrete literatuurverwijzingen en weblinks staan telkens in een kadertje beschreven.

De mogelijkheden van vredegerechtdossiers als historische bron

The People’s Court. De mogelijkheden van vredegerechtdossiers als historische bron

Bladwijzer 5: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2012 • 05

In het kader van het toenmalig opgestarte project ‘Soldatenlaarzen en kauwgom. Globaliseringserfgoed van de Limburgse Kempen’1, dat focust op de impact van de Tweede Wereldoorlog op het dagelijkse leven, mocht projectcoördinator Evelien D’Haese in de bronnen van het Rijksarchief Hasselt grasduinen. Op aanraden van hoofdarchivaris Rombout Nijssen startte het onderzoek met de vredegerechten van Noord-Limburg uit de periode 1940-1945.

Dit artikel gaat dieper in op de kenmerken van de vredegerechtdossiers en de mogelijkheden die zij bieden. De bedoeling is om een houvast te bieden bij het verkennen van deze bronnen.

 

 

De ODIS-databank als instrument voor lokaal historisch onderzoek

De ODIS-databank als instrument voor lokaal historisch onderzoek

Bladwijzer 19: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2017 • 19

ODIS (www.odis.be) is in Vlaanderen de grootste historische databank op het internet. Ze bevat een schat aan unieke informatie over de geschiedenis van het middenveld. Dit betekent dat de focus ligt op de vele organisaties, instellingen en structuren die een bemiddelende rol spelen tussen individuen en overheid. Het gaat dan om politieke partijen, socioculturele verenigingen, jeugdbewegingen, werknemers- en werkgeversorganisaties, kerkelijke instellingen, vrije scholen, enzovoort. Maar ook de hierin actieve personen en families en de ermee verbonden gebouwen, gebeurtenissen, archieven en periodieke publicaties komen ruimschoots aan bod. In deze bijdrage laten we je van meer nabij kennismaken met ODIS en gaan we in op de mogelijkheden die de databank biedt als instrument voor lokaal historisch onderzoek.

De schaduwzijde van licht

De schaduwzijde van licht

Bladwijzer 9: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2013 09

Laat er geen twijfel over bestaan: we houden van licht. Zonder licht zien we niets en is er geen fotosynthese, die zorgt voor zuurstof en ons voedsel. Erfgoedbewaarders weten echter dat licht voor het erfgoed een bedreiging vormt.

Je hebt het zelf wel al eens kunnen vaststellen. Een krant, kas- of parkeertickets hoeven niet lang in de zon te liggen om te vervagen en te vergelen. In dit geval houdt men de kwaliteit van de inkt en het papier bewust laag om economische redenen. Het resultaat is een beperkte levensduur. Wat geldt voor deze documenten, geldt bij uitbreiding voor alle objecten. Zodra licht een voorwerp aanraakt, komen vervalprocessen op gang die we zo veel mogelijk willen vermijden.

De toekomst van het verleden Heemkunde en technologie: verslag van de studienamiddag Heemkunde Actueel 2014

De toekomst van het verleden Heemkunde en technologie: verslag van de studienamiddag Heemkunde Actueel 2014

Bladwijzer 13: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2015 13

Heemkunde en technologie, het lijken twee werelden. Toch is niets minder waar. Anno 2015 wordt (digitale) technologie op alle mogelijke manieren ingezet om het lokaal erfgoed te bewaren, te bestuderen en te ontsluiten. Software, internettoepassingen en digitale applicaties zijn voor veel heemkundigen geen toekomstmuziek meer, maar dagelijkse realiteit. Zelfs filmpjes opnemen vanuit een drone blijkt voor sommige lokale onderzoekers geen brug te ver. De technologische mogelijkheden worden alsmaar groter. Maar wat vandaag in is, is morgen misschien alweer passé. Bijblijven is de boodschap!

Daarom organiseerde Heemkunde Vlaanderen op zaterdag 15 november 2014 de vierde editie van haar jaarlijkse studienamiddag rond het thema technologie. Een thema dat duidelijk leeft, want meer dan 80 geïnteresseerden woonden de studienamiddag bij.

Technologie is natuurlijk een erg brede term die op verschillende manieren gedefinieerd kan worden. Vaak wordt hieronder het systematisch toepassen van kennis voor allerhande praktische doeleinden bedoeld. De namiddag was dan ook erg ‘praktisch’ opgevat en bestond, in tegenstelling tot eerdere edities, grotendeels uit sessies waarin een bepaalde technologische toepassing en de mogelijkheden voor heemkundigen werden voorgesteld

De vele onderzoeksmogelijkheden van het ‘primitief’ kadaster

Het kadaster laat in zijn kaarten kijken: de vele onderzoeksmogelijkheden van het ‘primitief’ kadaster

Bladwijzer 21: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2017 • 21

Het Rijksarchief heeft in mei 2017 een onlinecollectie kadastrale kaarten en -documenten gelanceerd, die in totaal zo’n 85.000 scans omvat. In dit artikel verneem je meer over het ontstaan van het kadaster, de inhoud van de collectie en de vele onderzoeksmogelijkheden die deze collectie in combinatie met andere bronnen biedt.

De zoektocht naar archieven en collecties van beeldende kunstenaars

Erfgoedzorg in de kunstensector. De zoektocht naar archieven en collecties van beeldende kunstenaars

Bladwijzer 15: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2015 • 15

Stel: je heemkring ontvangt het archief of de collectie van een kunstenaar. Of een van de leden heeft (delen van) een kunstenaarsarchief op zolder liggen en weet niet wat hiermee gedaan. Hoe ga je hiermee om? Wat is ‘kunsterfgoed’? Wie maakt deze archieven en collecties in de eerste plaats aan en wie bewaart ze nu en later? Hoe ga je om met de verschillende materialen? Hoe verzeker je de bewaring op lange termijn? Archieven en collecties van beeldend kunstenaars, verzamelaars en kunstenorganisaties vormen een belangrijk onderdeel van ons collectief geheugen. Commerciële belangen, de lokale verspreiding en de particuliere aard zorgen er echter voor dat dit erfgoed bedreigd is. In dit artikel belichten we hoe je kunsterfgoed in kaart kan brengen via Archiefbank Vlaanderen en de toekomstige bewaring ervan kan verzekeren via tools zoals TRACKS.

Digitaliseren in de heemkundige kring

Digitaliseren in de heemkundige kring

Bladwijzer 1: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen - mei 2011 • 01

We willen onze fotocollectie op het net zetten, we willen onze dure boeken digitaliseren zodat we het origineel niet meer ter beschikking moeten stellen in onze bibliotheek, de kwaliteit van onze videocassettes gaat zienderogen achteruit ... er zijn veel redenen te verzinnen om met het digitaliseren van ons archief te beginnen. Maar hoe beginnen we daar nu aan? En waar moeten we op letten? Welke hard- en software hebben we nodig? Allemaal vragen waarmee we steeds meer geconfronteerd worden in onze heemkundige kring.

Diversifiëren: verslag van de studiedag Heemkunde Actueel II

Over het muurtje kijken. Verslag van de studiedag van Heemkunde Actueel II

Bladwijzer 7: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2013 • 07

Diversifiëren is niet meteen het makkelijkste thema. Toch hebben heemkringen die ‘over het muurtje’ durven kijken heel wat te winnen. Dit was althans de boodschap die Heemkunde Vlaanderen op de studiedag ‘Heemkunde Actueel II’ (17 november 2012) bracht. Tijdens deze jaarlijkse expertise-deling wisselen vrijwilligers en professionelen uit de cultureel-erfgoedsector ervaringen en standpunten uit. Dit jaar stond het thema ‘diversifiëring van het heemkundig landschap’ centraal. De inspirerende voorbeelden die tijdens twee plenaire lezingen en drie parallelle thematische workshops werden belicht, bewezen alvast dat diversifiëren op heel wat manieren in de praktijk kan worden gebracht.

Annet & Liese in het gemeentearchief van Zele

Een beestige schattenjacht in het gemeentearchief van Zele

Een beestige schattenjacht in het gemeentearchief van Zele

Annet & Liese in het gemeentearchief van Zele

In het hart van Zele – in de kelders van het gemeentehuis – ligt het gemeentearchief. Hier wordt niet alleen het rijke verleden van de regio bewaard, maar ook nieuwe herinneringen gecreëerd. Dit gebeurde op een wel heel bijzondere manier tijdens Erfgoeddag 2023, met het thema “Beestig Erfgoed”. Intergemeentelijk archivaris Liese en erfgoedvrijwilliger Annet ontwikkelden een speelse en originele schattenjacht die zowel jong als oud wist te verrassen.

EEN BEZOEK AAN HET GEMEENTEARCHIEF VAN ZELE

Het gemeentearchief van Zele bewaart heel wat waardevolle documenten en artefacten, maar het heeft geen eigen archiefwerking. Liese, die zes gemeenten in de regio bedient, kan niet zonder de steun van een toegewijd team vrijwilligers. Deze vrijwilligers, elke van andere pluimage, vormen het kloppende hart van de werking. Zij zetten zich met passie en creativiteit in voor het toegankelijk maken van erfgoed voor het brede publiek.

Annet, de nieuwste aanwinst in het team, bracht na haar loopbaan als ergotherapeut, een frisse wind in het archief. Ze kwam hier terecht om iets totaal anders te doen, maar weet haar creatieve stempel te drukken. Liese is meer praktisch ingesteld, maar samen vullen ze elkaar aan. Dat geldt ook voor het volledige Zeelse vrijwilligersteam, terwijl Liese zorgt dat alles binnen de lijntjes van de wetgeving en praktische haalbaarheid blijft.

HET ONTSTAAN VAN EEN BEESTIGE SCHATTENJACHT

Puzzel van een oud archiefstuk

Het idee voor de schattenjacht tijdens “Beestig Erfgoed” ontsproot gaandeweg. Eerst was het de bedoeling om een escapespel te maken, maar dit evolueerde snel naar een originele schattenjacht doorheen het archief, waarbij kinderen de hoofdrol speelden. Het doel? Het archief op een speelse manier in kaart brengen en de schatten die het archief te bieden heeft, letterlijk en figuurlijk, ontdekken.

Annet – met ervaring in sport en spel – en Liese haalden hun inspiratie uit de archiefstukken zelf. Ze stelden zich vragen als: “Wat is plezant?” en “Kunnen we er iets mee doen?”

Zo ontstonden er creatieve, kindvriendelijke opdrachten zoals het puzzelen van een kopie van een “hanenaffiche” uit 1920 en de zoektocht naar een “aangetaste archiefdoos” in het rolarchief. Uitdagend bleken ook speelse opdrachten zoals het bij elkaar sprokkelen van lichtgevende letters in een donker hondenhok of het zoeken naar een hint dat verstopt zat in de buik van een knorrig speelgoedvarkentje. Kopieën van de kermis van 1895 (mét “veemerkt”) zorgden dan weer voor de puzzelstukjes in oude vogelkastjes.

Foto van Blak, uit het archief van Zele

EEN BUDGETVRIENDELIJKE EN CREATIEVE AANPAK

Met een beperkt budget moesten Annet en Liese creatief zijn. Ze maakten gebruik van wat er al voorhanden was: materialen van thuis, zoals de oude vogelkastjes, kippen uit papier maché en restmateriaal dat anders in de vuilnisbak zou belanden. Deze aanpak zorgde ervoor dat de schattenjacht niet alleen uitdagend en leuk was, maar ook duurzaam en budgetvriendelijk.

Naast de schattenjacht was er ook een tentoonstelling met archiefstukken over beesten te ontdekken in het archief. De combinatie van de twee maakte het evenement een onvergetelijke ervaring voor zowel kinderen als hun ouders.

WAT HEBBEN ZE GELEERD?

Opdracht uit de beestige schattenjacht in archief in Zele

Hoewel de opkomst bescheiden was – ongeveer 15 kinderen, vergezeld door ouders of grootouders – was de feedback positief. Voor het evenement hadden ze promotie gemaakt via de gemeentebrochure “De Zelenaar”, affiches, Dijk92, Facebook en de UIT-databank. Reclame genoeg, dus. Toch realiseerden ze zich dat ze misschien niet de juiste communicatiekanalen hadden gebruikt. Volgende keer willen ze bijvoorbeeld jeugdbewegingen en scholen betrekken om een bredere doelgroep te bereiken. Ook was het maken van een draaiboek voor het spel een waardevolle les, zodat ze in de toekomst dezelfde blauwdruk kunnen gebruiken voor soortgelijke activiteiten.

ZELENASSEN DOEN HET VOOR DE EERSTE KEER!

Het gemeentearchief van Zele blijft zich inzetten rond publiekswerking en kijkt al uit naar het volgende evenement. Vanaf 29 augustus kan je er terecht voor een tentoonstelling rond vrouwenstemrecht, een thema dat aansluit bij de lokale verkiezingen in oktober. Net zoals bij “Beestig Erfgoed” kunnen bezoekers een creatieve en informatieve ervaring verwachten. Ga dus zeker eens langs!

ERFGOED TOEGANKELIJK VOOR IEDEREEN

Deze inspirerende projecten bewijzen dat erfgoed niet alleen bewaard hoeft te worden, maar ook beleefd kan worden. Dankzij de inzet van deze Zeelse vrijwilligers en de deskundige begeleiding van Liese, wordt erfgoed toegankelijk en aantrekkelijk gemaakt voor iedereen.

Een bewogen geschiedenis: het archief van het bestuur der gemeentewegen

Een bewogen geschiedenis: het archief van het bestuur der gemeentewegen

Bladwijzer 10: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen maart 2014 10

De wegen in onze omgeving lijken op het eerste zicht misschien niet uit te nodigen om er een onderzoek aan te wijden, maar schijn bedriegt. Via het verhaal van de wegen krijgt men een idee over hoe woonkernen groeien, kan men zien hoe men omgaat met open ruimte, hoe handelstransport mogelijk wordt gemaakt enzovoort. In het Rijksarchief bevindt zich het archief van het voormalig Bestuur der Gemeentewegen. In dit artikel willen we nagaan hoe we de informatie kunnen gebruiken voor lokaal onderzoek.

Een goed advies is goud waard – Lokale erfgoedraden in Vlaanderen

Een goed advies is goud waard - Lokale erfgoedraden in Vlaanderen

Bladwijzer 15: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2015 • 15

In het vorige nummer van Bladwijzer kondigden we het al aan: vanaf dit najaar verschijnt in elke aflevering een bijdrage over lokale erfgoedraden in Vlaanderen. Via concrete tips, goede praktijkvoorbeelden en interviews met interessante sterkhouders hopen we leden van erfgoedraden te inspireren, te enthousiasmeren en te versterken. Want goed advies over lokaal erfgoed kan wel degelijk een verschil maken.

Zo trok de erfgoedraad van Borgloon in 2013 aan de alarmbel: als er niet snel iets gebeurde, zou de stoomstroopfabriek, beroemd dankzij een overwinning in De Monumentenstrijd in 2007, reddeloos verloren zijn. De gemeente had immers een aantal maanden daarvoor beslist dat er geen geld meer was voor de restauratie van de fabriek. De acties van de erfgoedraad hadden effect: mede door het voortdurend op de agenda plaatsen van dit heikele dossier, er steeds weer opnieuw aandacht voor te vragen en te wijzen op de toekomstmogelijkheden voor dit unieke stuk industrieel erfgoed werd de stoomstroopfabriek terug opgepikt. Recent werden de investeringsplannen herbekeken, budgetten voorzien en in een concrete aanbesteding gegoten. Als alles goed gaat zullen de werken in het voorjaar van 2016 van start kunnen gaan.

Dit succesverhaal bewijst dat het kan: als erfgoedraad het erfgoedbeleid van je gemeente mee bepalen en zo het lokale erfgoed bewaren en overdragen naar de volgende generatie. Maar adviseren loopt niet altijd van een leien dakje. Sommige erfgoedraden hebben het zo druk met het organiseren van allerhande erfgoedactiviteiten dat ze nauwelijks aan hun werkelijke opdracht, advies formuleren, toekomen. Andere adviesraden formuleren wel adviezen, maar de gemeente lijkt doof te blijven voor hun aanbevelingen. Wat is precies het probleem en hoe kan je als lokale erfgoedraad een sterk advies uitbrengen dat een gemeentebestuur niet zomaar naast zich neer kan leggen? In dit artikel proberen we een antwoord te zoeken op deze vragen.

Een heemkundige website maken met WordPress

Een heemkundige website maken met WordPress

Bladwijzer 11: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2014 11

Er bestaan talloze manieren om een website te bouwen. Wie hiermee niet vertrouwd is, heeft waarschijnlijk nog nooit van WordPress gehoord. Maar als je wat opzoekwerk hebt verricht om een website te bouwen, dan is de kans groot dat ook het WordPress-platform ergens opdook. Dat is geen toeval: van het totaal aantal websites wereldwijd draait in 2014 ongeveer 22 procent op deze software. In dit artikel gaan we na hoe dit succes te verklaren is en begeleiden we je bij de eerste stappen om je eigen website op te bouwen en online te zetten.

Een nieuwe computer voor de erfgoedvereniging … maar welke software zet je erop?

Een nieuwe computer voor de erfgoedvereniging… maar welke software zet je erop?

Opgelet: vzw’s kunnen via SocialWare voordelige tarieven krijgen voor software. Leer meer over het aanvragen van zo’n tarief in het artikel van Bladwijzer.

De dag van vandaag is een computer onontbeerlijk om de organisatie en de werking van je erfgoedvereniging te ondersteunen. Vaak gebruiken de leden van de kring hiervoor hun persoonlijke computer, maar sommige erfgoedverenigingen kopen ook hun eigen pc of laptop aan. Eenmaal de computer is aangekocht, dringt zich de vraag op welke software nodig of nuttig is om te installeren. Niet altijd eenvoudig, want er zijn zo veel alternatieven te vinden op het internet dat je vaak door de bomen het bos niet meer ziet. Bovendien wil je uiteraard liefst de goedkoopste en meest gebruiksvriendelijke software installeren. In dit artikel helpen we je een beetje op weg.

De meeste computers die je in de winkel koopt, worden geleverd met een versie van Microsoft Windows. Windows doet dienst als ‘besturingssysteem’ voor je computer. De laatste nieuwe versies zijn Windows 10 en Windows 11. Een besturingssysteem is noodzakelijk om te kunnen werken met een computer. Merk wel op: Microsoft Windows is veruit het bekendste besturingssysteem, maar zeker niet het enige. Misschien heb je wel al eens gehoord van Linux? Dat is een alternatief besturingssysteem, dat vooral door meer gevorderde computergebruikers wordt gebruikt. Voor de gewone gebruiker is Windows echter nog steeds de norm. In dit artikel laten we software voor Linux- of Mac-computers dus even buiten beschouwing.

Bij de aankoop van je computer moet je er goed op letten of er al software is inbegrepen bij de computer. Vaak zal bijvoorbeeld het pakket ‘Microsoft Office’ al geïnstalleerd zijn. In zo’n Office-pakket zitten veelgebruikte programma’s zoals Microsoft Word (voor tekstverwerking), Microsoft Powerpoint (waarmee je presentaties kan maken), Microsoft Excel (een soort rekenblad) en Microsoft Access (voor het maken van databases). Ook voor dit pakket zijn er (gratis) alternatieven beschikbaar, maar daarover later meer. Pas op: het al dan niet inbegrepen zijn van bepaalde software kan ook gedeeltelijk de prijsverschillen tussen verschillende computers in de winkel verklaren. Vergelijk dus goed en lees de kleine lettertjes!

Beveiliging

Na de aankoop van je computer moet je allereerst even stilstaan bij de beveiliging ervan. We gaan er hier van uit dat je je computer met het internet gaat verbinden. Zoals je weet, kan je computer schade oplopen wanneer er bijvoorbeeld ‘virussen’ worden binnengehaald op de computer. Daarom is het nodig dat je hiertegen enkele maatregelen neemt. Als er geen anti-virusprogramma bij je computer werd geleverd, kun je bijvoorbeeld het gratis programma Avast! installeren: http://www.avast.com. Er zijn ook betalende anti-virusprogramma’s die meer functionaliteit hebben, bijvoorbeeld McAfee. Ook ‘spyware’ kan een risico betekenen voor je computer. Een gratis anti-spywareprogramma is bijvoorbeeld Malwarebytes Anti-Malware. Dat kun je downloaden op www.malwarebytes.com.

Internet

Eenmaal je de veiligheidsrisico’s tot een minimum hebt herleid, wil je wellicht meteen het internet op. Het programma waarmee je websites bezoekt heet een ‘browser’. Standaard wordt op de meeste pc’s ‘Internet Explorer’ of ‘Microsoft Edge' als browser meegeleverd, alweer een product van Microsoft. Ook voor dit programma zijn echter vele alternatieven beschikbaar. Een aanrader is zeker Mozilla Firefox, dat je gratis kan downloaden op www.mozilla.com/firefox/. Andere gratis browsers zijn bijvoorbeeld Opera en Safari (meest gebruikt op Mac). Google Chrome is ook een interessante optie. Probeer er wel voor te zorgen dat je steeds de laatste versie hebt van de gebruikte browser. Ook dit verkleint weer de veiligheidsrisico’s.

E-mail

Uiteraard wil je ook je e-mails kunnen lezen op je nieuwe computer. Vaak is het mogelijk om je e-mail in een internet-browser te lezen. Dat is bijvoorbeeld het geval bij Outlook, Gmail of Yahoo Mail. Ook e-mailaccounts van internetproviders, zoals Telenet of Belgacom, kunnen op het internet geconsulteerd worden. Wil je meer functionaliteit, dan kan je een echt e-mailprogramma installeren. Standaard wordt op de meeste pc’s een e-mail app reeds geïnstalleerd waar je met eender welk e-mail je kan inloggen. Daar kan je ook meerdere accounts op zetten. Daarnaast is Microsoft Outlook (Express) het meest gebruikte mailprogramma, maar ook hier durven we weer een alternatief aan te raden: zo heb je Mozilla Thunderbird, dat gratis te downloaden valt via www.mozilla.com/thunderbird.

Kantoorsoftware

Wil je een tekst schrijven, een database bijhouden of een presentatie maken voor je lezing, dan heb je een kantoorsoftware- of office-pakket nodig. Hierboven bespraken we al kort het office-pakket van Microsoft. Een van de nadelen van Microsoft Office is de relatief hoge kostprijs. Wil je liever een gratis alternatief, dan kan je bijvoorbeeld terecht bij OpenOffice: www.openoffice.org. Met dit pakket kun je alles doen wat ook in Microsoft Office mogelijk is, alleen is deze software gratis. Ook Google lanceerde enige tijd geleden haar eigen, web-gebaseerde kantoorsoftwarepakket: Google Docs. Dat pakket is ook uitermate geschikt om online documenten met elkaar te delen of door verschillende mensen te laten bewerken. Surf eens naar docs.google.com om Google Docs te leren kennen.

Het initiatief ‘SOCIALware‘ wil vzw’s helpen door ze toegang te verlenen tot donatieprogramma’s voor de meest gevraagde informaticaproducten. Heeft je erfgoedvereniging het vzw-statuut, dan komt de vereniging wellicht in aanmerking om bijvoorbeeld het Microsoft Office-pakket tegen een sterk verlaagde prijs aan te kopen.

Veel documenten worden ook verspreid als pdf-bestand. Hiervoor heb je de Adobe Reader software nodig die je vindt op www.adobe.com. Wil je zelf een pdf-document maken van een Word-document? Dan moet je nog even een plugin installeren die je op de website van Microsoft vindt. Bij OpenOffice is deze functionaliteit standaard aanwezig.

Grafische software

Wil je foto’s en andere afbeeldingen bewerken op je computer, dan heb je een grafisch programma nodig. De standaard-programma’s die worden meegeleverd met een nieuwe computer, zijn vaak heel erg beperkt qua functionaliteit. Adobe Photoshop is nog steeds één van de beste programma’s om foto’s te bewerken. Helaas is ook deze software vrij duur. Een gratis alternatief voor Photoshop is het programma ‘The Gimp’. Dat is misschien iets minder gebruiksvriendelijk door de wat ingewikkelde interface, maar het heeft alle functionaliteit die je nodig hebt om foto’s te bewerken. Je kunt dit programma downloaden via https://www.gimp.org/. Hetzelfde kan gezegd worden van het gratis programma Paint.net. Je kan het downloaden van http://www.getpaint.net.

Multimedia

Multimediabestanden, audio- en videobestanden komen voor in vele formaten, zoals mp3, m4p, avi en mpeg. De standaard-programma’s die worden meegeleverd met een nieuwe computer, zijn vaak heel erg beperkt qua functionaliteit. Een goede mediaplayer die het leeuwendeel van deze formaten ondersteunt en gratis te downloaden valt is VideoLan Mediaplayer. Je vindt dit programma op www.videolan.org.

Om filmpjes te kunnen afspelen, moet je soms ook nog bijkomende codec’s installeren. Het K-Lite Codec Pack is een verzameling van verschillende codec’s:

Wil je filmpjes bewerken, dan kun je hiervoor Windows Movie Maker gebruiken. Dit programma wordt samen met de meeste versies van Windows geïnstalleerd. Een alternatief is AVI Demux en is te downloaden op http://avidemux.sourceforge.net. Een ander gratis alternatief is de basisversie van Lightworks, een uitgebreider programma dan beide voorgaande. Om het te gebruiken moet je wel een account aanmaken op de site. Je kunt Lightworks downloaden van http://www.lwks.com.

Varia

Ten slotte raden we nog enkele programma’s aan die nuttig kunnen zijn voor bepaalde doeleinden.

Filezilla: wil je bestanden ‘uploaden’ naar het internet dan komt een FTP-programma (File Transfer Protocol) goed van pas. Filezilla is een goed en gratis FTP-programma.
http://filezilla-project.org/

WinRAR: om een archief van verschillende bestanden te maken of te openen, is WinRAR een goed alternatief voor het meer bekende WinZip.
http://www.winrar.be

CCCleaner: zeer goed programma om onnodige bestanden van je computer te halen en zo meer ruimte vrij te maken op je harde schijf.
http://www.ccleaner.com/

Google Photos: met Google Photos organiseer je je fotocollectie en maak je mooie fotogalerijen voor je website.
https://photos.google.com/?hl=nl

Google Earth: nog een interessant programma van Google, waarmee je de hele wereld virtueel kunt bezoeken of waarmee je kunt inzoomen op je eigen regio vanuit de lucht.
http://earth.google.com

Adlib Lite: de gratis versie van de bekende Adlib-software voor het registreren van collecties.
http://www.adlibsoft.com/

Eerste hulp bij GDPR voor lokale verenigingen

Eerste hulp bij GDPR voor lokale verenigingen

Bladwijzer 23: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen september 2018 • 23

GDPR (General Data Protection Regulation) of AVG (Algemene Verordening voor Gegevensbescherming): hoe dienen heemkringen, lokale musea en documentatiecentra hier mee om te gaan? De laatste maanden doken diverse bedrijven en consultants op die bedrijven en organisaties aanbieden om hen hierin te ondersteunen tegen betaling. Voor grote bedrijven en organisaties is dit zeker een must, voor lokale organisaties en vzw’s kan het al volstaan om betrouwbare informatie in te winnen bij officiële instanties zoals de gegevensbeschermingsautoriteit (voormalige Privacycommissie) en door de overheid gefinancierde organisaties als SCWITCH of Heemkunde Vlaanderen. In deze bijdrage geven we toelichting bij de basisprincipes van de AVG en geven we enkele modeldocumenten weer om met je heemkundige kring of documentatiecentrum in regel te komen met de AVG. Na een toelichting van de basisbegrippen ‘persoonsgegevens’ en ‘verwerken’ wordt het juridische kader toegelicht met de voornaamste principes van de AVG en worden modellen voor register, privacyverklaring en contracten meegegeven om zelf mee aan de slag te gaan.

Philip De Temmerman, regisseur van de Krakelingenstoet, zit in een bruine zetel met een plant achter hem.

​​Eeuwenoude tradities in leven houden: Philip De Temmerman over de Krakelingenstoet​

​​Eeuwenoude tradities in leven houden: Philip De Temmerman over de Krakelingenstoet​

Philip De Temmerman, regisseur van de Krakelingenstoet, zit in een bruine zetel met een plant achter hem.

Al meer dan 30 jaar zet Philip De Temmerman, regisseur van de Krakelingenstoet, zich samen met honderden Geraardsbergenaars in om de historische ommegang in goede banen te leiden. Hij vertelt meer over zijn rol als regisseur en waarom het voor hem zo belangrijk is om deze traditie in leven te houden.

WAT IS DE KRAKELINGENSTOET?

De historisch-volkskundige Krakelingenstoet vindt plaats op de voorlaatste zondag voor de eerste maandag van maart. Met kleurrijke praalwagens, muziek en dans vertelt de stoet de rijke geschiedenis van Geraardsbergen. Een deel wordt bij elke editie herhaald, maar sinds 2000 werkt het Krakelingencomité elk jaar rond een specifiek thema dat een bepaalde periode uit de lokale geschiedenis belicht. Zo vertelde de stoet in 2000 het bezoek van Keizer Karel aan de stad, stond 2022 in het teken van transport en keek men in 2023 naar ziekte en genezing. Dit jaar was het thema opgroeien in Geraardsbergen.

Het feest van Krakelingen en Tonnekensbrand werd in 2008 opgenomen in de Inventaris van Immaterieel Cultureel Erfgoed Vlaanderen en in 2010 toegevoegd aan de Representatieve Lijst van het Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid van Unesco. Meer weten over de erkenning? Bezoek deze website. 

HOE PHILIP DE MAGIE VAN DE KRAKELINGENSTOET ONTDEKTE

“Mijn ouders namen ons van kinds af aan mee naar de stoet. Het was altijd een traditie, een familiegebeuren. Ik heb het dus zeker van thuis meegekregen.”

Philip is een echte Geraardsbergenaar. Al zolang hij zich herinnert, heeft hij een fascinatie voor de magie en het spektakel van de stoet. Dit zette hem aan om zelf actief aan de traditie mee te bouwen. “Vanaf het vijfde leerjaar krijg je de kans om mee te stappen in de stoet,” vertelt hij. “Dat was voor mij geen verplichting, maar eerder een gunst. Ik keek er elk jaar opnieuw naar uit.”

Zijn liefde voor de stoet ging verder dan deelnemen alleen. Hij herinnert zich nog hoe hij als kind thuiskwam, helemaal onder de indruk van de praalwagens – toen nog oude, omgebouwde vuilniswagens van de stad. Toch maakten ze bij de jonge Philip indruk: “Na de stoet bouwde ik thuis mijn speelgoedwagens om tot praalwagens.” Nu, vele jaren later, werkt hij als regisseur mee bij het ontwerpen van de praalwagens.

DE ROL VAN DE REGISSEUR

Als regisseur van de Krakelingenstoet is Philip, met de andere leden van het Krakelingencomité, achter de schermen een heel jaar bezig met de voorbereidingen. “Al snel na de stoet komen we samen voor een evaluatiemoment,” vertelt Philip. “Dan blikken we niet enkel terug op de afgelopen editie, maar brainstormen we ook al over een nieuw thema.”

Philip in actie tijdens de Krakelingenstoet op 23 februari 2025.

Philip in actie tijdens de Krakelingenstoet op 23 februari 2025.

Wanneer een nieuw onderwerp gekozen is, verzamelen de twee historica’s zoveel mogelijk informatie en materiaal over dat thema. Op basis van dat materiaal werken ze samen met Philip de regie uit. In de volgende maanden toetst hij met het comité de haalbaarheid van het thema en zijn regie af. Valt zijn verhaal niet in herhaling met de vorige edities? Past het thema in de geschiedenis van de stad? Dit zijn slechts enkele criteria waar hij rekening mee moet houden. Daarnaast moet Philip ervoor zorgen dat zijn regie toegankelijk is voor het brede publiek. Het is belangrijk dat de scenes kort zijn, zodat de toeschouwers zowel het totaalspektakel als het geschiedkundige aspect van de stoet begrijpen.

Philip staat er echter niet alleen voor. Naast de leden van het Krakelingencomité kan hij rekenen op de hulp van meer dan 800 vrijwilligers. Ze dragen elk met hun eigen expertise en talenten bij aan de traditie. “We hebben door de jaren heen veel mensen bereikt, en zij kregen, net zoals ik, de smaak te pakken.”

Wanneer de stoet eindelijk vertrekt, is het aan de vrijwilligers om het verhaal naar buiten te brengen. Gelukkig weet Philip dat hij kan vertrouwen op het enthousiasme van de Geraardsbergenaars die samen met hem de traditie koesteren.

EEN TRADITIE DIE GENERATIES VERBINDT

De Krakelingenstoet

Immaterieel erfgoed draait voor Philip niet alleen om respect voor het verleden, maar ook om het juist doorgeven ervan. “Tradities in ere houden, kan je alleen maar door actueel te werken,” zegt hij. “Het is belangrijk dat elke generatie de traditie op zijn eigen manier verder draagt.” Philip kent de Krakelingentraditie vanuit zijn eigen tijdsgeest, maar ziet hoe deze voortdurend evolueert. Dat de volgende generatie het anders zal benaderen dan hem, is noodzakelijk: “Mijn opvolger zal het anders aanpakken dan mij, zoals ik het anders heb gedaan dan mijn voorgangers.”

Sinds de Unesco-erkenning van het Krakelingenfeest, streeft Philip naar nóg meer kwaliteit en diversiteit. Verschillende lagen van de bevolking aanmoedigen om mee te lopen met de stoet is voor hem een vereiste. Elk jaar opnieuw wordt hij verrast door de indrukwekkende geschiedenis van zijn stad, iets dat hij ook aan de jongeren van Geraardsbergen wil meegeven. Zo worden niet enkel de scholen, maar ook verschillende dans-, muziek- en toneelgroepen aangemoedigd om deel te nemen. Daarnaast zijn er nog andere initiatieven die participatie stimuleren, zoals een kleine compensatie voor de deelnemers en een regieprijs voor de groep die de aanwijzingen en regie het beste heeft opgevolgd.

Ten slotte beseft hij dat het doorgeven van deze traditie niet enkel in zijn handen ligt, maar ook in die van zijn mede-Geraardsbergenaars. “Het is belangrijk dat de traditie ook in familieverband in leven gehouden wordt,” zegt hij. Vaak stappen er verschillende generaties mee in de stoet, van grootouders tot ouders en kleinkinderen, of komen families samen om elkaar toe te juichen. Dat maakt de Krakelingenstoet voor Philip een dag van samenhorigheid en connectie, niet alleen met elkaar maar ook met de stad.

Meer lezen over dit dubbelfeest? Neem een kijkje in onze feestendatabank. 

 

Erfgoededucatie voor jongeren? Een cursustraject voor erfgoedaanbieders

Erfgoededucatie voor jongeren? Een cursustraject voor erfgoedaanbieders.

Bladwijzer 17: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2016 • 17

Met deze cursus wilden we erfgoedorganisaties en erfgoedwerkers overtuigen dat een vruchtbare uitwisseling tussen de erfgoedsector en het secundair onderwijs zeker mogelijk is en niet ingewikkeld hoeft te zijn. Meer nog, de cursus wilde handvesten aanbieden om – met vaak kleine maar haalbare stappen – een werking te initiëren, te verfijnen of verder te ondersteunen. Als lerarenopleider, gidsen-opleider en zelfstandig consulent in de erfgoedsector was het een bijzonder aangename opdracht om dit inzicht te verschaffen. Dit gebeurde door met de organisaties boeiende gesprekken aan te knopen over het vormen van jongeren, door werkvormen uit te testen en door zelf aan de slag te gaan. Gaandeweg ontdekten de deelnemers dat werken met jongeren als doelgroep diepzinnig, betekenisvol en bijzonder leerrijk kan zijn.

Alhoewel dit artikel zeker geen transcriptie wil vormen van de gegeven cursus(momenten), geven we de lezer toch graag enkele ankerpunten mee, die ook in de cursus aan bod kwamen. Op die manier wordt het een neerslag van handvesten die ook aan de organisaties werden aangereikt om zelf aan de slag te gaan met erfgoededucatie voor jongeren.

Erfgoedvrijwilligers motiveren en begeleiden

Hou ze aan boord. (Nieuwe) erfgoedvrijwilligers motiveren en begeleiden

Bladwijzer 5: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2012 • 05

Van april tot mei 2012 konden lokale erfgoedorganisaties in alle provincies de cursusavond ‘Hou ze aan boord! (Nieuwe) erfgoedvrijwilligers motiveren en begeleiden’ volgen. Deze avonden, die ingericht werden door Heemkunde Vlaanderen en het Forum voor Erfgoedverenigingen, bestonden uit een interactieve voordracht van Koen Vermeulen (trainer/consulent vrijwilligerswerk1) en praktijkvoorbeelden van lokale erfgoedverenigingen die hun expertise in vrijwilligerswerking deelden.

Deze cursusreeks was het vervolg op de vorige reeks rond ‘vrijwilligers rekruteren’. Vrijwilligers vinden die zich willen inzetten voor je erfgoedvereniging is één zaak, maar zorgen dat ze willen blijven, is een andere zaak! De vragen die centraal stonden tijdens de avondcursussen waren: Hoe bestuur je anno 2012 best een erfgoedvereniging opdat de vrijwilligers gemotiveerd blijven? Waarop moet je letten als je je bestuur wilt verjongen? Hoe moet je een goed vrijwilligersbeleid voeren? Dit artikel is een samenvatting van de cursus, aangevuld met de gegeven praktijkvoorbeelden.

Kinderen verkleed als prinses en burgemeester. Een man helpt ze bij het opsteken van een lint.

ErGoed Galmaarden geeft tradities een frisse wending

ErGoed Galmaarden geeft tradities een frisse wending

Kinderen verkleed als prinses en burgemeester. Een man helpt ze bij het opsteken van een lint.

Immaterieel erfgoed wordt ook ‘levend erfgoed’ genoemd. Maar wat met tradities die steeds minder beoefend worden? Daar proberen de vrijwilligers van ErGoed Galmaarden antwoorden op te vinden. Wat ooit begon als een kleine Facebookpagina, groeide uit tot een hechte vereniging en een vaste waarde in de regio. Hun geheim? Geduld, vastberadenheid én creatieve partnerschappen. 

MEER DAN ERFGOED: DE START VAN EEN SOCIALE ERFGOEDVERENIGING

ErGoed Galmaarden begon in 2013 als de Facebookpagina ‘Galmaardse Kwis’, waar leden verhalen en foto’s van het oude Galmaarden met elkaar deelden. Uit de gesprekken ontsproot het idee om een feitelijke vereniging op te richten, zodat ze meer konden doen met en voor het erfgoed van Galmaarden.

Door de jaren heen groeide ErGoed uit tot een ‘sociale erfgoedvereniging’ met een dubbele missie: mensen samenbrengen en zorg dragen voor het materiële en immateriële erfgoed van Galmaarden, Tollembeek en Vollezele. ‘Een van de doelen van onze vereniging is om mensen samen te brengen,’ vertelt bestuurslid Luc. ‘Door erfgoedactiviteiten te organiseren voor het hele gezin, lukt dit vlot. We willen dit in de toekomst nog meer doen.’

VAN BIJNA VERDWENEN TRADITIE NAAR ERKEND IMMATERIEEL ERFGOED

Gosjdieël is misschien wel de bekendste traditie die de vrijwilligers van ErGoed weer tot leven brachten. Deze eeuwenoude gewoonte uit Zuidwest-Pajottenland is ontstaan uit een christelijke bedeltraditie. Ondertussen is het uitgegroeid tot het paradepaardje van de vereniging.

Gosjdieëlers staan lachend op de foto.

De kleine Gosjdieëlers

Bij Gosjdieël trekken kinderen op oudejaarsochtend met een washandje van huis tot huis en vragen ze om een centje.  In 2014 was deze traditie bijna volledig verdwenen, maar dankzij de inzet van ErGoed trekken er vandaag opnieuw zo’n 60 kinderen door de straten om hun ‘Godsdeel’ te vragen.

Intussen is Gosjdieël officieel erkend als immaterieel erfgoed in Vlaanderen. Luc probeert dan ook, samen met andere leden van ErGoed Galmaarden, om de traditie bekender te maken bij (nieuwe) inwoners en jongeren die deze niet van thuis uit meekregen. ‘We verspreiden flyers op scholen en werkten samen met de gemeente aan een publicatie over lokale tradities.’

Daarnaast werkte ErGoed mee aan een lespakket rond Gosjdieël, samen met de regionale erfgoedcel Zender. ‘Elke drie maanden is er bij Zender een vergadering voor lokale verenigingen,’ vertelt Luc. ‘Daar ontdekken we hoe andere verenigingen, zoals heemkundige kringen uit de regio, te werk gaan. Dat is fijn, want zo leren we van elkaar en versterken we onze tradities.’

STERK LOKAAL NETWERK(EN)

Gosjdieël is niet de enige traditie die ErGoed opnieuw op de kaart zette. Ook de Walmenbrand, de Galmaardse reactie op het dubbelfeest van de Geraardsbergse Tonnekesbrand en Krakelingenworp, werd in 2014 voor het eerst sinds een halve eeuw terug aangestoken. Vandaag is er zelfs een gezinswandeling aan verbonden.

‘Samenwerkingen met lokale partners zijn hierbij cruciaal,’ benadrukt Luc. Zo blies het Jachthoornkorps van K.S.A. Geraardsbergen de Walmenbrand feestelijk in gang en voorzag de Chiro Albatros van Tommelbeek bezoekers van een hapje en een drankje.

Tijdens de Meiboomplanting in 2025 helpt de lokale chiro Albatros uit Tollembeek met het opzetten van de meiboom.

De Meiboomplanting in 2025

Ook de Galmaardse Meiboomplanting kreeg een tweede adem. Deze lokale traditie verdween in de negentiende eeuw, maar werd vijf jaar geleden opnieuw georganiseerd tijdens de Pinksterkermis. Bij de laatste editie werkten zo’n vijftien verenigingen uit Galmaarden en omstreken mee. Dankzij de inzet van de verschillende verenigingen groeide de Meiboomplanting opnieuw uit tot een levendige traditie in de gemeente.

HOE VERGETEN VERHALEN LEIDEN TOT NIEUWE INITIATIEVEN

Voor het heropleven van tradities laat ErGoed zich inspireren door de lokale heemkundige Michel Matthijs. ‘Michel onderzoekt vergeten Galmaardse gebruiken en hun oorsprong, en deelt zijn bevindingen met ons,’ vertelt Luc. ‘Wij proberen die tradities vervolgens opnieuw te organiseren en bekender te maken in de regio.’ 

De vrijwilligers laten zich niet enkel leiden door heemkundig onderzoek. Soms zijn het ook onverwachte ontdekkingen die nieuwe initiatieven op gang brengen. Zo stootten ze tijdens de voorbereiding van een recente reveil-activiteit op een opmerkelijk stukje lokale geschiedenis: de Brusselse verzetsstrijdster Augusta Marcoux bleek geboren te zijn in de naburige gemeente, Tollembeek.  

Deze ontdekking leidde tot een bijzonder herdenkingsinitiatief op 21 mei 2025, exact 80 jaar na het overlijden van Augusta. De Processiestraat in Tollembeek werd omgedoopt tot de Augusta Marcoux-straat, en samen met het lokale bestuur van Pajottegem organiseerde ErGoed de eerste Augusta Marcoux-ommegang door de Pajottegemse deelgemeente.  

ZO ZET ERGOED TRADITIES OP DE KAART

Lucs voornaamste tip voor andere verenigingen? ‘Heb geduld.’ Maar geduld alleen is niet genoeg: zichtbaarheid speelt minstens een even belangrijke rol. ‘Maak je vereniging of traditie zichtbaar, via de klassieke pers, mond-tot-mond reclame of sociale media.’   

Zo heeft ErGoed bijvoorbeeld een Facebookgroep om de Galmaardenaars warm te maken voor hun activiteiten. In die groep, met bijna 4.000 leden, delen ze regelmatig foto’s van tradities die ze ondersteunen. ‘Iedereen kan er vrij deelnemen,’ vertelt hij fier.  

Via UiTinVlaanderen en aankondigingen in het lokale infoblad, zorgen ze er dan weer voor dat ook andere nieuwsgierigen de weg vinden naar hun evenementen. En dankzij Lucs contacten met de regionale pers reiken de Galmaardse tradities steeds verder in het Pajottenland. 

ERFGOED TOEKOMST GEVEN DOE JE NIET ALLEEN

De vrijwilligers van ErGoed, het stadsbestuur van Pajottegem en andere deelnemende vereniging poseren breed glimlachend op de foto na de Meiboomplanting in 2025

Het stadsbestuur van Pajottegem en de vrijwilligers achter de vijfde Meiboomplanting.

De ervaringen van ErGoed Galmaarden laten zien dat je met enthousiasme, doorzettingsvermogen en betrokken vrijwilligers (immaterieel) erfgoed écht weer tot leven kan brengen. Zo worden lokale tradities niet alleen gevierd, maar ook doorgegeven door de hele gemeenschap. 

Wil je meer ontdekken over immaterieel erfgoed en hoe je het kan doorgeven? Snuister door deze pagina voor handige tips, vormingen en inspiratie.

copyright foto: Parcum

Filmpjes in de erfgoedpraktijk

Filmpjes in de erfgoedpraktijk

Bladwijzer 7: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2013 • 07

In een film kan een organisatie zich uitdrukken in beeld en klank en dat is een krachtige manier om het doelpubliek te bereiken. Er is helaas maar één manier om filmpjes te leren maken: het zelf doen! In de volgende bladzijden zijn een aantal tips te vinden die van pas kunnen komen als je zelf een productie wil opzetten.

Ga digitaal met je (erfgoed)verhaal!

Ga digitaal met je (erfgoed)verhaal! Van wetenschappelijke tekst tot interactieve applicatie

Bladwijzer 14: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2015 14

We kunnen er onmogelijk aan ontsnappen dat onze maatschappij aan een snel tempo digitaliseert. Reeds meer dan de helft van de Vlamingen heeft een smartphone of een tablet. Hiermee liggen we nog ver onder het Europese gemiddelde (ongeveer 70 procent) maar het geeft toch aan dat de digitale informatiedragers steeds meer deel van ons dagelijks leven beginnen uitmaken. Stellen dat ook de erfgoedsector hieraan onderhevig is, is een open deur intrappen. De nieuwe technologieën en hun toepassingen worden dan wel vooral ingezet in de profit marketing, toch is het vooral de erfgoed- en toerismesector die het meeste gediend is met deze nieuwe technologieën. Ze zijn er bijna voor gemaakt. En dat is ook het geval voor wat betreft digital storytelling, of in andere woorden: het vertellen van verhalen aan de hand van de hedendaagse multimediale technieken en digitale kanalen.

Marketeers bijten soms de tanden stuk op het verzinnen en ensceneren van goede verhalen om hun producten op authentieke wijze te promoten. Erfgoed heeft dat probleem gelukkig niet. Ons erfgoed staat bol van grote en kleine verhalen. Dankzij digital storytelling kunnen we bezoekers de verhalen echt laten beleven in en rond onze musea, archiefinstellingen, monumenten, steden of regio’s. De stap naar digital storytelling is echter lang niet voor iedere erfgoedorganisatie evident. Erfgoedbeheerders zien dikwijls de enorme mogelijkheden en voordelen van digital storytelling, maar blijven toch vaak zitten met de vraag hoe ze eraan kunnen beginnen.

Met dit artikel willen we graag een eerste aanzet geven om te starten met digital storytelling. Het is de neerslag van de sessies ‘Ga digitaal met je erfgoedverhaal’ die dit voorjaar in alle Vlaamse provincies werden georganiseerd in het kader van de ‘Erfgoed in de Praktijk’, een laagdrempelige vormingsreeks die de deelnemers helpt bij de organisatie van hun activiteiten tijdens erfgoedevenementen als Erfgoeddag, Open Monumentendag en Open Kerken Weekend. De partners van ‘Erfgoed in de Praktijk’ zijn Familiekunde Vlaanderen, FARO, Heemkunde Vlaanderen, Herita en Stichting Open Kerken.

Spelende en dansende Chiromeisjes op een grasveld

Game On! Duik in het erfgoed van de jeugdbewegingen voor Erfgoeddag 2025

Game On! Duik in het erfgoed van de jeugdbewegingen voor Erfgoeddag 2025

Game On! Erfgoeddag 2025 staat volledig in het teken van spel en beweging. Dit is hét moment om het rijke erfgoed van jeugdbewegingen te verkennen en de erkenning van de jeugdbewegingen in Vlaanderen als immaterieel erfgoed in de kijker te zetten. De Werkgroep Jeugdbewegingen en Erfgoed bundelde enkele tips om met dat erfgoed aan te slag te gaan. Lees snel verder en doe inspiratie op!

WAAROM SAMENWERKEN MET JEUGDBEWEGING TIJDENS ERFGOEDDAG?

Nergens zijn jeugdbewegingen zo groot en populair als in Vlaanderen. Het is een kenmerk van onze samenleving en het zit in onze cultuur ingebakken. Jeugdbewegingen zijn springlevend cultureel erfgoed. Door samen met jeugdbewegingen speelse erfgoeddagactiviteiten uit te werken, creëer je een erfgoedreflex bij de jeugdbewegingen én bereik je een nieuw en jonger publiek.

TIP 1: ZET EEN ORIGINELE TENTOONSTELLING OP POTEN

Een tentoonstelling met thema ‘spelen’ rijmt volledig met het thema Game On! Contacteer de lokale jeugdbewegingen en breng samen een verhaal tot leven met sprekende stukken en ludieke opstellingen. Hang foto’s aan wasdraden van een gesjorde constructie, plaats oude spelattributen op rekken uit het materiaalkot, boots de klank van waterspelletjes na… Ook de plek spreekt voor zich: er bestaat namelijk geen betere expolocatie dan de jeugdbewegingslokalen.

Een gesjorde driepoot met allemaal foto's aan wasdraden

Gesjorde constructie voor de tentoonstelling van 50 jaar KSA Herdersem © KSA Herdersem

Maak je tentoonstelling aantrekkelijk voor jong én oud met interactieve elementen! Laat bezoekers spelnamen koppelen aan de juiste foto’s of spelmaterialen. Aan het einde van de tentoonstelling kan je een vriendenboekje neerleggen als gastenboek. Hierin kunnen bezoekers vertellen wie ze zijn en welk spel van de jeugdbeweging hen het meest is bijgebleven. De ingevulde boekjes kun je later bundelen tot een bijzonder aandenken.

TIP 2: BRENG HET VERLEDEN TOT LEVEN VIA EEN ERFGOEDSPEL

Zet samen met een jeugdbeweging een doe-activiteit op en maak zo komaf met het stoffige karakter van erfgoed. Speel Cluedo met personages uit het verleden, gebruik oude spelattributen als moordwapens en ga op zoek naar locaties waar verhalen en tradities aan verbonden zijn. Of stel vragen over het jeugdbewegingsverleden tijdens een zelfgemaakte versie van Trivial Pursuit. De vragen kunnen gaan over spelen uit het verleden, maar ook over het heden. Zo sla je de brug tussen tradities en vernieuwingen.

Deze voorbeelden zijn lang niet de enige opties. Met een beetje creativiteit kan van ieder spel een erfgoedspel maken. Denk maar aan levende Stratego, een tienkamp, … Een duik in het verleden hoeft geen saaie bedoening te zijn!

TIP 3: COÖRDINEER MUZIEK- VENDEL- OF WIMPELEVENEMENTEN VOOR JONG EN OUD

Op Erfgoeddag staan ook sport, techniek en vaardigheid centraal. Verzamel verschillende generaties die deel uitmaak(t)en van de muziekkapel, vendel- of wimpelgroep. Zijn de technieken geëvolueerd? Zijn sportfeesten vandaag nog hetzelfde als 50 jaar geleden? Door jong en oud samen te brengen, kan je hier veel over bijleren. Zo organiseerde Oud KLJ Reet ooit een retro-sportfeest waar verschillende generaties vendeliers en wimpeliersters samenkwamen en het beste van zichzelf gaven.

TIP 4: GA NA HOE VAARDIGHEDEN EN TECHNIEKEN EVOLUEERDE

Sjorren, oriënteren, survival, bushcraft, EHBO, … het zijn allemaal technieken of vaardigheden. Tegenwoordig sjorren veel jeugdbewegingen of organiseren ze droppings, maar dat was niet altijd zo. Wist je bijvoorbeeld dat de Chiro bij haar ontstaan niet mocht sjorren en geen overlevingstechnieken aanleerde om de vrede met de Scouts te bewaren? Vandaag zit dat helemaal anders.

Het is daarom boeiend om in de geschiedenis van de verschillende lokale jeugdbeweging te duiken en meer te leren over hun technieken. Werd er altijd al een zwembad gesjord op kamp of is dat iets nieuws van de laatste jaren? Hoe verliepen de trektochten van de lokale jeugdbeweging toen de GPS nog niet bestond? Ga eens op tocht met een oud-Scout, oud-JNM-er, … en vraag raak!

Chiroleden spelen een spelletje op een grasveld terwijl omstaanders kijken

Re-enactmentevent naar aanleiding van 75 jaar Chiro in het Openluchtmuseum van Bokrijk © Hans van der Linden

TIP 5: ORGANISEER EEN RETRO-SPELACTIVITEIT

Jong gespeeld, is ook oud geleerd! Laat verschillende generaties oud-leiding (bijvoorbeeld uit dezelfde familie) de spelregels uit hun tijd uitleggen tijdens een retro-spelnamiddag of -avond. Zoiets nodigt ook uit om na te denken over wat oude en nieuwe spelen verbindt en onderscheidt.

Zin in iets meer dan een spelavond? Maak er een groot speelweekend van waarin verschillende generaties met elkaar spelen. Inspiratie opdoen naar oude spelen kan via de retro spelfiches van de Chiro.

TIP 6: MAAK EEN TIJDSCAPSULE

Spelen van vandaag, zijn het erfgoed van morgen. Maak samen met de lokale jeugdbewegingen een tijdscapsule die kan dienen als toekomstig ‘erfgoedarchief’. Welke spelen worden vandaag vaak gespeeld? Welke originele variaties van een bestaand spel bestaan er allemaal? Schrijf het op en bewaar het voor de volgende generatie(s). Wie weet kunnen ze de tijdscapsule op een Erfgoeddag ver in de toekomst weer bovenhalen en gebruiken!

Zorg dat de tijdscapsule de tijd overleeft, anders is het een verloren moeite. Verpak de tijdscapsule in zuurvrij zijdepapier i.p.v. in krantenpapier of plastic. Bewaar de capsule in een donkere en niet-vochtige ruimte: een kelder die elk jaar wel eens overstroomt is dus geen goede locatie. Jullie plaatselijke heemkundig museum of documentatiecentrum kan wel een goede optie zijn.

Maak een officieel moment van de overhandiging of het opbergen van de tijdscapsule en laat jeugdbewegingsleden getuigen over waarom ze hun spelen en eventueel bijhorende objecten willen bewaren voor de toekomst.

HANDIGE LINKS

  • FARO bundelde inspiratie en ideeën voor Erfgoeddag 2025. Surf snel naar hun website.
  • Ben je op zoek naar extra ideeën of weet je niet goed met welke partners je kan samenwerken? Regionale coördinatoren zoals de erfgoedcellen helpen je met plezier verder!

 

Geboorte, huwelijk en dood: parochieregisters als bron voor je historisch artikel

Geboorte, huwelijk en dood: parochieregisters als bron voor je historisch artikel

Zonder overdrijven kan men stellen dat de parochieregisters tot de meest geconsulteerde bronnen behoren voor zowel genealogisch als lokaal historisch onderzoek. De parochieregisters, waarin de doop-, huwelijks- en begrafenisakten zijn opgenomen, zijn ruim bekend bij onderzoekers. Het zijn de bronnen bij uitstek om de geschiedenis van individuen, families en gemeenschappen in kaart te brengen. De individuele akten vertellen het verhaal van een individu, een seriële benadering en analyse van de akten werpt een licht op het verleden van een gemeenschap.

Hoewel deze bron ruim bekend is, worden de mogelijkheden van deze bron niet altijd ten volle benut door lokale onderzoekers. Tal van lokale historische studies maken handig gebruik van parochieregisters om de evolutie van de bevolking te bestuderen of om te achterhalen welke periodes werden gekenmerkt door uitzonderlijke mortaliteit. Op basis van de informatie besloten in de parochieregisters kan je echter nog veel meer te weten komen over het sociale, culturele, economische en zelfs politieke leven in het verleden. Deze bijdrage richt zich zowel tot genealogen als heemkundigen en reikt een aantal concrete onderzoeksmogelijkheden aan die tot op heden nauwelijks in lokaal historisch onderzoek aan bod kwamen.

Eerder verschenen in "Bladwijzer 12: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2014" 

Gedrukte aandelen als informatiebron voor lokaal historisch onderzoek

Gedrukte aandelen als informatiebron voor lokaal historisch onderzoek

Bladwijzer 17: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2016 • 17

In de zoektocht naar meer informatie over wat er zich in onze eigen omgeving afspeelde, is het interessant om ook eens minder gekende wegen in te slaan. In dit artikel willen we graag wijzen op hoe een gedrukt aandeel ten volle benut kan worden als bron voor lokaal historisch onderzoek.

Goed schrijven gebeurt niet zomaar

Goed schrijven gebeurt niet zomaar. Tips om teksten te schrijven voor het internet

Bladwijzer 20: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen september 2017 • 20

Tegenwoordig heeft bijna elke lokaal erfgoedorganisatie wel een kanaal waarmee het online communiceert naar haar publiek. Blogplatformen en sociale media zorgden ervoor dat het internet toegankelijker werd en dat vele technische drempels wegvielen. Hierdoor kon de aandacht meer gaan liggen op de inhoud die erop gepubliceerd wordt.

Maar wat bedoelen we precies wanneer we spreken over schrijven voor het web? Onlinetoepassingen, van een eigen website tot Wikipedia of sociale media, bestaan in allerlei soorten en maten en elk van hen vereist andere technieken om een tekst te schrijven. Logisch toch?

Er zijn verschillende factoren waarmee je rekening moet houden: hoe geef je een goede structuur aan je tekst? Wat is je doel? Wat zijn de redactionele richtlijnen van het medium waarvoor je schrijft? Wie zijn de lezers en hoeveel tijd hebben ze? Met welke technische elementen moet je rekening houden? Deze en andere vragen werpen telkens een nieuw licht op het vormgeven van je uiteindelijke tekst.

Heemkunde en de inventarisatie van luidklokken

Heemkunde en de inventarisatie van luidklokken

Bladwijzer 24: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen maart 2019 • 24

Onze kerken krijgen veel minder gelovigen over de vloer, met meer en meer herbestemmingen tot gevolg. Daardoor verliezen ook de luidklokken in de kerktorens hun oorspronkelijke functies en worden ze op die manier kwetsbaar. Nochtans hebben klokken ontegensprekelijk een waarde die verder reikt dan het economische. Historisch, sociaal, artistiek en heemkundig hebben klokken ons nog steeds iets te bieden wat weinig andere kunstvoorwerpen kunnen. Bovendien blijft Vlaanderen achter bij ons omringende gebieden in het inventariseren van het klokkenbestand.

In dit artikel beginnen we met een geïllustreerde beschrijving van wat vroeger van een luidklok verwacht werd en het belang van een goede inventaris. In een verder hoofdstuk verzamelen we voorbeelden van wat men kan vinden op luidklokken om daarna over te stappen naar de praktische aanpak bij het inventariseren en het verzamelen van achtergrondinformatie. We eindigen met een aantal min of meer concrete suggesties om de luidklokken in de belangstelling te houden en niet enkel in het geheugen van de ouderen in de bevolking. We hopen met deze bijdrage een stimulans te zijn voor de lokale heemkundige groepen om werk te maken van een inventaris van het patrimonium aan luidklokken. Uit ervaring weten we dat ze meer dan eens verrast zullen zijn om een stuk erfgoed te ontdekken waarvan ze alleen auditief ooit iets hebben vernomen.

Heemkunde en duurzaamheid

Studie van het verleden, blik op de toekomst. Heemkunde en duurzaamheid

Bladwijzer 11: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2014 11

De hoofdtaak van een heemkundige kring is de studie van het ‘heem’ en de lokale geschiedenis. Dit is en zal altijd de hoofdbekommernis van de heemkundige kringen zijn. Toch zou je kunnen beweren dat een heemkundige kring, net als ieder van ons, eigenlijk ook de verantwoordelijkheid heeft om rond duurzaamheid te werken en bijvoorbeeld de impact van de activiteiten op de leefomgeving te evalueren. Op die manier kunnen heemkundigen - hoewel ze vooral werken met het verleden - er ook voor zorgen dat er ons een mooie toekomst te wachten staat.

Het belang van een sterk draagvlak – Lokale erfgoedraden in Vlaanderen

Het belang van een sterk draagvlak - Lokale erfgoedraden in Vlaanderen

Bladwijzer 17: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2016 • 17

Als adviesraad werk je nooit voor jezelf. Het voornaamste doel van een erfgoedraad is om het beleid te ondersteunen en te adviseren. Maar erfgoedraden nemen ook andere taken op zich: overleg tussen aangesloten leden, de organisatie van een Erfgoeddag of een Open Monumentendag, infomomenten tot zelfs vorming. Ook in deze activiteiten werkt een erfgoedraad niet voor zichzelf, maar ten dienste van de bevolking of de verenigingen. Juist omdat je als adviesraad werkt voor het beleid, de verenigingen en de bevolking, is het belangrijk dat deze groepen op de hoogte zijn van je werking, het belang ervan erkennen en je ook ondersteunen.

Twee mannen, erfgoedvrijwilligers, druk aan het discussiëren

Het beschermde statuut van erfgoedvrijwilligers: wat jij moet weten

Het beschermde statuut van erfgoedvrijwilligers: wat jij moet weten

Twee mannen, erfgoedvrijwilligers, druk aan het discussiëren

Vrijwilligers zijn het kloppend hart van erfgoedverenigingen. Zonder hun inzet zouden vele collecties, verhalen en tradities verloren gaan. Als bestuurder wil je hen dan ook de nodige zekerheid bieden. De Vrijwilligerswet helpt daarbij: ze legt duidelijke krijtlijnen vast die je vrijwilligers en je organisatie beschermen. Ontdek hier wat je mag en moet doen.

WAT IS VRIJWILLIGERSWERK?

Vrijwilligerswerk is wettelijk omschreven en betekent dat het:

  • ten dienste is van de samenleving
  • gebeurt in een organisatie zonder winstoogmerk (vzw, feitelijke vereniging, openbaar bestuur, …),
  • volledig vrijwillig is (dus geen stage, alternatieve straf of gemeenschapsdienst),
  • losstaat van een arbeidscontract (dus niet gebeurt in de organisatie waar je ook tewerkgesteld bent, tenzij het iets heel anders is dan wat bij je job hoort),
  • onbezoldigd is (maar er mag wél een kostenvergoeding zijn),
  • nooit betaalde arbeid mag vervangen.

Een vrijwilliger kan bovendien op elk moment stoppen, zonder opzegtermijn.

WIE MAG VRIJWILLIGEN?

Iedereen vanaf 16 jaar kan vrijwilligerswerk doen (soms al vanaf 15 jaar, als de eerste graad van het secundair is afgerond). Nationaliteit speelt geen rol, maar een geldige verblijfsvergunning is verplicht.

Afhankelijk van je sociaal statuut gelden soms bijkomende regels:

  • Werkloosheid of brugpensioen (SWT): vrijwilligerswerk vooraf melden met formulier C45B bij de RVA. Blijft reactie uit binnen 14 dagen, dan mag je starten.
  • Ziekte of invaliditeit: schriftelijk toestemming vragen aan de adviserend arts van je mutualiteit.
  • Leefloon: toestemming vragen aan het OCMW.
  • Gepensioneerden, mensen met tijdskrediet, loopbaanonderbreking of een handicap: geen bijkomende voorwaarden.

Ben je werknemer of zelfstandige? Dan mag je in de organisatie waarin je betaald werk verricht, enkel vrijwilligerswerk doen als dat wezenlijk verschilt van je betaalde opdrachten.

Ambtenaren die in een andere organisatie willen vrijwilligen vragen bij twijfel over mogelijke belangenconflicten best toestemming aan hun leidinggevende.

JOUW PLICHTEN ALS ERFGOEDVERENIGING

Werk je met vrijwilligers, dan zijn er twee grote verplichtingen volgens de Vrijwilligerswet.

Informatieplicht 

Voor ze van start gaan, geef je je vrijwilligers duidelijke basisinformatie mee, zoals: 

  • Doelstelling en rechtsvorm van je vereniging. Bij een feitelijke vereniging moet je ook de identiteit van de verantwoordelijke van je vereniging meedelen.  
  • De verzekeringen die je afsloot (of hoe je aansprakelijkheid regelt). 
  • Of er kostenvergoedingen zijn en hoe die werken. 
  • De discretieplicht van de vrijwilliger. Vrijwilligers moeten vertrouwelijk omgaan met informatie die ze tijdens hun werk voor jouw vereniging te horen of te zien krijgen. 

Dit hoeft niet op papier, maar je moet wel kunnen aantonen dat je het gedaan hebt. Handig is een informatie- of afsprakennota die je deelt via je website, tijdschrift of mail. Hier vind je een voorbeeldnota. 

Verzekeringsplicht 

Vrijwilligers kunnen tijdens hun werk schade bij anderen veroorzaken. Daardoor ontstaat burgerlijke aansprakelijkheid. 

Vzw’s: altijd verplicht een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid voor de vrijwilligers af te sluiten. 

Feitelijke verenigingen: verplicht in drie gevallen: 

  • als je betaald personeel in dienst hebt, 
  • als je verbonden bent aan een feitelijke vereniging die personeel heeft, 
  • als je een afdeling bent van een vzw. 

Vrijwilligers in verenigingen met verzekeringsplicht kunnen niet rechtstreeks voor de schade aangesproken worden, tenzij er sprake is van bedrog, zware fout of herhaalde lichte fout. Wie schade lijdt, richt zich tot de vereniging zelf. 

Meer info over het verzekeren van vrijwilligers lees je in deze praktijktip

WIL JIJ JE VRIJWILLIGERS VERGOEDEN?

Je vrijwilligers vergoeden moet dan weer niet. Doe je dat wel, dan komen daar regels en administratie bij kijken. Ontdek het hier. 

MEER WETEN?

Je vindt meer informatie, uitlegvideo’s en modeldocumenten over vrijwilligerswetgeving op de website van het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk. 

Geraak je er nog niet aan uit? Contacteer onze collega Els via els.vervaet@histories.be of bel 0492 11 75 36. 

 

 

Het gemeentearchief als rijke bron voor lokale bedrijfsgeschiedenis

Over hinderlijke inrichtingen en patentplichtigen. Het gemeentearchief als rijke bron voor lokale bedrijfsgeschiedenis

Bladwijzer 16: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2016 • 16

Voor heemkundigen en amateurhistorici is het bestuderen van een lokaal bedrijf of een lokale nijverheid bijzonder interessant. Zo’n studie hoeft zich niet te beperken tot het puur economische (welke producten, hoeveel werknemers, enzovoort). Er zijn ook heel wat linken met het sociale en politieke leven in een gemeente. Zaakvoerders waren vaak actief in de lokale politiek. Stakingen en arbeidsonrust in een bedrijf vertellen ons dan weer iets over de sociale toestanden. De aanwezigheid van veel arbeiders werkte de opkomst van het socialisme in de hand. Vaak leidde dat tot conflicten met de meer landelijke bevolking. Arbeiders en bedienden verenigden zich in vakverenigingen, maar ook in vrijetijdsclubs: harmonieën, fanfares of fietsclubs. Bedrijfsgeschiedenis heeft ook een stevige link met onroerend erfgoed. Veel bedrijven lagen tot na de Tweede Wereldoorlog immers pal in het centrum van de gemeente en bepaalden daarmee ook sterk het uitzicht. Rond fabrieken ontstonden wijken en buurten. Oude bedrijfsgebouwen staan soms jarenlang leeg. Grondig historisch onderzoek helpt om oude bedrijfspanden te waarderen: afbreken of een nieuwe bestemming geven. Ten slotte vinden we in veel heemkundige musea werktuigen en machines. Waarvoor dienden ze? Hoe werden ze precies gebruikt?

Vaak wordt uit het oog verloren hoe belangrijk het negentiende- en twintigste-eeuws gemeentearchief wel is voor dat soort onderzoek. In dit artikel geven we naast een algemeen plan van aanpak een overzicht van de heel diverse bronnen uit het gemeentelijk archief die gebruikt kunnen worden bij het schrijven van een boek of artikel over een lokaal bedrijf. We sluiten af met twee aanvullende informatiebronnen: interviews en beeldmateriaal.

Hoe archiveer ik websites?

Hoe archiveer ik websites?

Bladwijzer 18: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2016 • 18

De meeste organisaties hebben al een of meer websites versleten. Bij de overgang naar een nieuwe website stellen organisaties zich wel eens de vraag hoe ze de oude kunnen archiveren. Vaak bevat zo’n oude website interessante gegevens die niet meer relevant zijn voor de nieuwe, maar die wel een historische waarde hebben voor de organisatie. Wat is dan de eenvoudigste manier om die informatie te archiveren?

Nog niet zo heel lang geleden bestonden websites enkel uit statische html-pagina’s. Dit zijn eenvoudige tekstpagina’s met een opmaak die de webbrowser kan omvormen tot een webpagina. Om deze websites te archiveren, volstond het om het mapje met de bestanden naar je eigen computer te kopiëren. Recente websites maken echter gebruik van een Content Management Systeem (CMS). Dit is een databank waarin de website-informatie wordt beheerd en waarin webpagina’s samengesteld worden op het ogenblik dat ze geopend worden. Dit maakt de website dynamisch, maar ook veel moeilijker om te archiveren.

In dit artikel bespreken we hoe zo’n (dynamische) website op een eenvoudige manier digitaal gearchiveerd kan worden. De website zal terug statisch gemaakt worden en offline opgeslagen worden in een vorm waarin ze op lange termijn bewaard kan worden. Net zoals bij e-mails is het digitale karakter bij websites een essentiële eigenschap die bewaard moet worden. Zonder digitale bewaring zou je de look & feel en de ervaring om door de website te surfen missen.

Hoe beschrijf ik audiovisueel materiaal?

Hoe beschrijf ik audiovisueel materiaal?

Bladwijzer 19: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2017 • 19

Voor het verdere behoud en beheer van je audiovisueel materiaal, ook als je het digitaliseert, is het belangrijk dat je het beschrijft. Dit artikel maakt duidelijk hoe archief- en collectiebeheerders die niet gespecialiseerd zijn in audiovisuele materialen, dat op een eenvoudige manier kunnen doen. Door beschrijving van je audiovisueel archief vermijd je informatieverlies. In sommige gevallen kan het heel wat centen en energie kosten om achteraf te achterhalen wat je vandaag kan beschrijven.

Hoe e-mails archiveren?

Hoe e-mails archiveren?

Bladwijzer 16: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2016 • 16

Het archiveren van e-mails is voor veel organisaties een uitdaging. Mailboxen puilen uit van inkomende en uitgaande berichten en worden steeds meer als een vergaarbak van informatie en kennis gebruikt, mede omdat ze allerlei bestanden in bijlagen kunnen bevatten. Dit is geen goede manier van werken indien je de informatie voor lange termijn wil bewaren. E-mailtoepassingen zijn immers niet gemaakt om duurzaam te bewaren. Bij de bewaring van e-mails vormt het behoud van de band tussen bijlagen en e-mail een extra uitdaging.

Voor de bewaring van e-mails op mailservers en in e-mailclients bestaat er geen standaardformaat. E-mailclients, zoals Microsoft Outlook of Apple Mail, gebruiken een eigen propriëtair bestandsformaat. Dit kan betekenen dat niet alle metadata bewaard worden en dat e-mails onleesbaar worden wanneer de e-mailclient niet meer beschikbaar is. Bovendien gebruiken steeds meer mensen webmaildiensten zoals Gmail of Outlook.com (het vroegere Hotmail). Wanneer deze diensten stoppen of (hoge) kosten beginnen vragen, dreig je al je e-mails te verliezen.

Het artikel is opgebouwd in twee delen: In het eerste deel geven we je enkele vuistregels mee over het duurzaam omgaan met e-mail en in het tweede deel gaan we aan de slag met enkele tools. We gaan uit van het digitaal archiveren van e-mails. E-mails zijn documenten die digitaal geboren zijn. Het digitaal zijn is dan ook een essentieel kenmerk dat bewaard moet worden.

Geert Vandecruys poseert voor het Gasthuismuseum in Geel

Hoe Geert Vandecruys erfgoed en jeugdbewegingen samenbrengt

Hoe Geert Vandecruys erfgoed en jeugdbewegingen samenbrengt

Geert Vandecruys poseert voor het Gasthuismuseum in Geel

Geert Vandecruys

Hoe vier je als jeugdbeweging een eeuw geschiedenis? Door samen te werken, vindt oud-scout en historicus Geert Vandecruys. Voor het project 100 jaar scouts Tarcitius in Geel bundelden (oud-)scouts, erfgoedvrijwilligers, het Gasthuismuseum en lokale erfgoedorganisaties hun krachten. Het resultaat: een tentoonstelling, een jubileumboek én meer bekendheid voor lokale erfgoedpartners.

HOE HET BEGON

Scouts Tarcitius werd in 1922 opgericht in Geel. Naar aanleiding van het honderdjarig bestaan groeide binnen een groep (oud-)scouts het idee om dit jubileum niet zomaar te laten passeren. Samen vormden ze een werkgroep en namen contact op met het Gasthuismuseum, waar de scouts tussen 1956 en 1970 actief waren.

Gesjorde kookinstallatie tijdens 100 jaar Scouts Tarcitius

Gesjorde kookinstallatie tijdens 100 jaar Scouts Tarcitius

Het Gasthuismuseum bleek al snel de ideale plek voor de jubileumtentoonstelling. Het museumteam stond meteen open voor samenwerking – zeker toen duidelijk werd dat Scouts Tarcitius jarenlang actief was geweest op het domein. Zo bleek bijvoorbeeld dat delen van het huidige museum – zoals de Sint-Dimpnakapel – vroeger werden gebruikt door de scouts voor onder meer hun jaarlijkse belofte. Ook andere ruimtes sloten mooi aan bij het scoutsverhaal. Het kookgedeelte, typisch voor het scoutleven, kreeg zelfs een plaats in de vaste opstelling.

HET GEELS GESCHIEDKUNDIG GENOOTSCHAP: BRUG TUSSEN VERLEDEN EN HEDEN

Een andere belangrijke schakel in het project was het Geels Geschiedkundig Genootschap. Deze vereniging, die sinds 1961 actief is in de regio, zet zich in voor een diepgravende en toegankelijke geschiedschrijving van Geel en omstreken. Ze publiceren jaarlijks een jaarboek en organiseren regelmatig activiteiten die lokale geschiedenis tot leven brengen. Verschillende leden, waaronder Geert zelf, zijn oud-scout én actief binnen het Genootschap – wat de samenwerking vanzelfsprekend maakte.

SAMENWERKEN LOONT: LOKALE ERFGOEDPARTNERS VERSTERKEN ELKAAR

‘We konden putten uit een rijk archief aan foto’s en documenten,’ vertelt Geert. ‘Bovendien werkten we met mensen die het verhaal kenden van binnenuit.’ Het Genootschap leverde niet alleen inhoudelijke expertise, maar hielp ook mee aan het jubileumboek en het vormgeven van de tentoonstelling. Hun jarenlange ervaring met erfgoedprojecten gaf het geheel een stevige historische fundering.

Medewerkers tijdens 100 jaar Scouts Tarcitius

Medewerkers tijdens 100 jaar Scouts Tarcitius

De samenwerking tussen het Gasthuismuseum, het stadsarchief, het Geels Geschiedkundig Genootschap en Stuifzand bleek een schot in de roos. ‘De oud-scouts hadden weinig ervaring met expo’s opzetten,’ geeft Geert toe. ‘Maar dankzij de steun van de partners konden we professioneel te werk gaan.’ Elk van de organisaties bracht eigen expertise, archiefmateriaal of vormelijke ondersteuning aan. Ook de subsidieaanvraag werd versterkt dankzij deze brede samenwerking.

Ook de subsidieaanvraag werd versterkt dankzij deze brede samenwerking.

JONG EN OUD SAMEN ROND ERFGOED EN SCOUTING

Het project bracht mensen van verschillende generaties samen. Jongere scouts stonden in voor de speelse en ludieke activiteiten, terwijl de oudere generatie zich boog over het boek en de expo. ‘Die wisselwerking werkte inspirerend,’ zegt Geert. ‘Het was mooi om te zien hoe zestigers en tieners elkaar vonden in dit project.’

‘Het was mooi om te zien hoe zestigers en tieners elkaar vonden in dit project.’

Zulke intergenerationele samenwerking is overal mogelijk, als je elkaar maar weet te vinden. ‘Je hebt geen mirakel nodig. Als je een concreet project hebt en bereid bent samen te werken, ben ik ervan overtuigd dat er overal kansen liggen. In de sociaal-culturele sector, en ook in de politiek, groeit het besef dat het verenigingsleven belangrijk is—niet alleen om de geschiedenis te bewaren, maar ook om jong en oud dichter bij elkaar te brengen.’

MEER DAN EEN JUBILEUM: BLIJVENDE IMPACT OP LOKAAL ERFGOED

Wapperende vlag 100 jaar Scouts Tarcitius

Wapperende vlag tijdens 100 jaar Scouts Tarcitius

De impact van het project reikte verder dan het feestjaar. Zo werd het Geels Geschiedkundig Genootschap bekender binnen de stad en ontstonden er nieuwe initiatieven, zoals een vervolgproject over andere Geelse scoutsbewegingen. ‘Het toont wat er mogelijk is als je organisaties samenbrengt rond een gedeelde passie voor geschiedenis,’ besluit Geert. ‘Jeugdbewegingen tonen op die manier ook dat ze meer zijn dan spel en kamp: ze dragen bij aan het cultureel geheugen van een stad.’

 

‘Jeugdbewegingen tonen op die manier ook dat ze meer zijn dan spel en kamp: ze dragen bij aan het cultureel geheugen van een stad.’

Het verhaal van 100 jaar scouts Tarcitius is er een van samenwerken, verbinden en vieren. Het toont hoe erfgoed leeft als je het deelt, en hoe jeugdbewegingen en erfgoedorganisaties samen sterke verhalen kunnen vertellen.

Beluister hier de volledige podcast. 

Hoe kan een erfgoedvereniging voldoen aan de wet betreffende de rechten van de vrijwilligers?

Hoe kan een erfgoedvereniging voldoen aan de wet betreffende de rechten van de vrijwilligers?

De ‘wet betreffende de rechten van de vrijwilligers’ van 2005 voorziet in een statuut, en dus een wettelijke bescherming, voor vrijwilligers. Elke organisatie die met vrijwilligers werkt, is verplicht deze wet toe te passen.

Concreet bestaat deze wet uit twee grote verplichtingen voor verenigingen: de informatieplicht en de burgerlijke aansprakelijkheid. Dit laatste onderdeel geldt niet voor feitelijke verenigingen die geen personeel tewerkstellen, die niet verbonden zijn aan een feitelijke vereniging die personeel tewerkstelt of die niet beschouwd kunnen worden als een afdeling van een vzw. Maar toch is het ook voor hen aan te raden om hun vrijwilligers goed te verzekeren.

De informatieplicht

Elke erfgoedvereniging (zowel vzw’s als feitelijke verenigingen) moeten hun vrijwilligers op  voorhand informeren over:

  • De doelstelling en het statuut van de organisatie (én in het geval van een feitelijke vereniging moet de identiteit van de verantwoordelijke van de vereniging worden meegedeeld).
  • Het feit of de vereniging burgerlijk aansprakelijk is (zie verder) en welke verzekering hiervoor werd afgesloten.
  • Eventuele bijkomende verzekeringen die zijn afgesloten.
  • Het al dan niet betalen van vergoedingen en de aard van deze vergoedingen (forfaitaire of werkelijke kosten). Meer informatie over het vergoeden van vrijwilligerswerk vind je hier.
  • Het feit dat de vrijwilliger gebonden is door discretieplicht. Dit geldt voor vertrouwelijke informatie die valt onder artikel 458 van het strafwetboek (het zogenaamde medisch beroepsgeheim).

Hoe je deze informatie aan je vrijwilligers meedeelt, is vrij te kiezen. Indien hierover een betwisting ontstaat, moet de erfgoedvereniging evenwel kunnen aantonen dat ze het nodige gedaan heeft. Een goede optie is om een informatienota of afsprakennota (kies voor: modeldocument: afsprakennota volgens de vrijwilligerswet) op te stellen, deze publiek kenbaar te maken via jullie website of tijdschrift en door te mailen naar alle vrijwilligers. Laat je de vrijwilliger deze nota ondertekenen, dan heb je als vereniging zeker voldaan aan je informatieplicht en kan je het als een afsprakennota beschouwen.

Burgerlijke aansprakelijkheid: verzekeringsplicht!

Alle erfgoedverenigingen (met uitzondering van feitelijke verenigingen die niet verbonden zijn aan een vzw zoals bv. de provinciale koepel) zijn burgerlijk aansprakelijk voor de schade die hun vrijwilligers tijdens het uitoefenen van hun activiteiten voor de organisatie aan derden berokkenen. Deze verplichting geldt echter niet wanneer de vrijwilliger opzettelijk bedrog of fraude pleegde of meermaals dezelfde (lichte) fout beging.

Organisaties moeten zich tegen deze risico’s dus indekken via een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid. Dat kan via een privéverzekeringsmaatschappij, maar weet dat er ook alternatieven zijn. Sommige (provinciale) koepels ontwikkelen bijvoorbeeld initiatieven om hun leden de verplichte verzekering aan te bieden.

Vrijwilligers bij feitelijke verenigingen zonder personeel of die niet beschouwd kunnen worden als een afdeling van een vzw of een feitelijke vereniging met personeel moeten ingeval van schade beroep doen op hun persoonlijke verzekering.

Daarnaast kan je uiteraard ook nog bijkomende verzekeringen afsluiten zoals een ongevallenverzekering of een verzekering rechtsbijstand. Dit is aan te raden, maar geen verplichting. Zie Welke verzekeringen moet een erfgoedvereniging best hebben?

Via de het Vlaams Steunpunt voor Vrijwilligerswerk kan men zich sinds 1 januari 2018 inschrijven op de  gratis collectieve verzekering van Vlaanderen.  De gratis vrijwilligersverzekering is wel te beperkt voor erfgoedverenigingen met veel activiteiten. De organisatie kan per kalenderjaar gratis maximum 1000 vrijwilligersuren verzekeren. Langs de andere kant is het wel voordelig dat de gratis verzekering niet enkel de verplichte buitencontractuele BA omvat, maar ook rechtsbijstand en lichamelijke ongevallen. Via deze link kan je meer informatie vinden over de gratis vrijwilligersverzekering.

Mag iedereen vrijwilligerswerk doen?

Voor vrijwilligerswerk moet je minstens 15 jaar oud zijn, mits je je tweede jaar secundair onderwijs achter de rug hebt. Vanaf 16 jaar vervalt die scholingsvoorwaarde. 

Ben je werkloos of bruggepensioneerd? Dan kan je vrijwilligerswerk verrichten zonder je uitkering te verliezen. Je moet hiervan echter vooraf schriftelijk aangifte doen bij de RVA. Zonder reactie van de RVA kan je na 12 dagen beginnen als vrijwilliger. Wanneer je arbeidsongeschikt bent, heb je de schriftelijke toestemming nodig van een geneesheer. Ontvang je een leefloon? Meld dan je vrijwilligerswerk bij het OCMW. Andere uitkeringsgerechtigden moeten hun vrijwilligerswerk niet melden.

Zie hier voor meer info i.v.m. wie mag vrijwilligen.

Meer informatie

Meer informatie over de vrijwilligerswetgeving vind je op de website van het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk:

https://www.vlaanderenvrijwilligt.be/wetgeving/

Heb je nog vragen of hulp nodig? Dan kan je terecht bij Els Vervaet van Histories op els.vervaet@histories.be of 0492 11 75 36. 

Hoe kun je Linked Open Data thesauri gebruiken om je collectie te beschrijven?

Hoe kun je Linked Open Data thesauri gebruiken om je collectie te beschrijven?

Bladwijzer 17: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2016 • 17

Een goede collectiebeschrijving is niet alleen noodzakelijk voor een goed beheer van je collectie, maar ook voor de doorzoekbaarheid ervan. Een beschrijving van het geheel en de delen geeft je reeds een overzicht van je collectie, maar hiernaast is ook een goede beschrijving per voorwerp gewenst. Het achterhalen van de gegevens die het verhaal achter elk voorwerp vertellen (bijvoorbeeld het gebruik en de herkomst), vereist echter kennis. Als deze kennis aanwezig is in kleine collectiebeherende organisaties, zit ze vaak verspreid bij verschillende medewerkers. Zij dienen samen te werken bij de beschrijving, niet alleen om ze zo volledig mogelijk te krijgen maar ook te verzekeren dat gelijkaardige voorwerpen een gelijkaardige beschrijving krijgen, en geen verschillende.

Een gelijkaardige beschrijving voor gelijkaardige voorwerpen veronderstelt het gebruik van dezelfde termen. Als je voor de beschrijving van een voorwerp bijvoorbeeld een dialectwoord in plaats van een gestandaardiseerde term gebruikt, zal je het voorwerp nog wel terugvinden in de collectiecatalogus maar mogelijk andere medewerkers niet wanneer zij bij het zoeken andere dialectwoorden gebruiken. Bovendien beperkt een dialect zich steeds tot een bepaalde regio, waardoor het gebruik van dialectwoorden in collectiebeschrijvingen de collecties ontoegankelijk maakt voor geïnteresseerden van buiten de regio. Dit is slechts één voorbeeld waarom je in je collectiebeschrijving steeds moet gebruikmaken van gestandaardiseerde termen zoals die zijn vastgelegd in een thesaurus.

Het normaliseren van je collectiebeschrijving met een geschikte thesaurus is echter een tijdrovende en foutgevoelige taak. Vaak moet je immers eerst voor iedere term de juiste schrijfwijze in de thesaurus opzoeken en deze vervolgens handmatig overnemen in je collectiebeheersysteem. Bovendien zijn thesauri geen statisch gegeven. Ze evolueren doordat ze verder worden uitgebreid en geactualiseerd. Hierdoor loop je al snel het risico dat je termenlijst veroudert. Bovendien wil je je collectiedata mogelijk niet enkel doorzoekbaar maken, maar ze ook verrijken met bijkomende contextuele informatie.

In dit artikel gaan we op zoek naar het antwoord op de volgende vragen: hoe kun je het gebruik van een thesaurus bij het beschrijven van je collectie vereenvoudigen, en ze minder arbeidsintensief en foutgevoelig maken? Biedt het gebruik van Linked Open Data thesauri hiervoor een oplossing? En hoe doe je dat dan in de praktijk?

Metaaldetectorist Gevert Van Belle

​​Hoe metaaldetectorist Gevert zijn kinderdroom vervulde​

​​Hoe metaaldetectorist Gevert zijn kinderdroom vervulde​

Metaaldetectorist Gevert Van Belle

Metaaldetectorist in zijn vrije tijd, Field Service Operator van beroep. Jaarlijks legt Gevert Van Belle voor zijn werk zo’n 70.000 km af in en rond België. Hij kocht drie jaar geleden zijn eerste metaaldetector toen hij op zoek was naar een nieuwe hobby.

HOE GEVERT ZIJN PASSIE VOOR METAALDETECTIE ONTDEKTE

Al sinds zijn kindertijd is Gevert gefascineerd door films als Indiana Jones en The Goonies, die de interesse in metaaldetectie aanwakkerden. “Vroeger was de kans om écht iets te vinden nog niet zo groot,” vertelt hij. “Ik had geen toegang tot informatie of materiaal om mijn nieuwsgierigheid te stillen.” Daar kwam drie jaar geleden verandering in. Toen investeerde Gevert in zijn eerste metaaldetector en realiseerde hij eindelijk zijn kinderdroom

“Die eerste detector is ondertussen al geüpgraded, zo ook mijn kennis en interesse van en voor geschiedenis.”

OP ZOEK NAAR DE VERHALEN ACHTER ELKE VONDST

Met zijn metaaldetector op pad gaan en voorwerpen opsporen, dat is waar Gevert het voor doet. Maar ook het onderzoek nadien vindt hij boeiend. Daarom voorziet hij zijn aangiftes bij het Agentschap Onroerend Erfgoed altijd van zoveel mogelijk informatie. “Elk stukje gevonden metaal heeft zijn eigen verhaal,” legt hij uit. “Dat proberen achterhalen is wat de hobby zo bijzonder maakt.”

Door zijn vondsten steeds correct te melden, zorgt hij er niet enkel voor dat de geschiedenis bewaard blijft, maar dat hij ook bijdraagt aan de wetenschap: “Zo kunnen geschiedkundigen en archeologen een duidelijker beeld krijgen van een bepaalde regio, of vondsten beter in een context plaatsen.”

“Ik hoop om ooit iets te vinden dat historisch significant is, voor mijn regio of voor ons land.”

Zodra hij een vondst uit de grond haalt, begint hij zich in te beelden wie de laatste persoon was die dit vasthield. Hoe, wanneer en waarom ging dit voorwerp verloren? Die verbondenheid met het verleden maakt dat deze hobby zoveel meer voor hem betekent dan alleen maar vondsten opduiken. Voor hem zijn de échte schatten de verhalen van de mensen en de artefacten die ze achterlieten: “De voorwerpen zelf zijn slechts sporen die ons naar die geschiedenis leiden.”

LIFE IS LIKE A BOX OF CHOCOLATS

Gevert vergelijkt zijn hobby graag met het beroemde filmcitaat uit Forrest Gump: ‘Life is like a box of chocolats, you never know what you’re gonna get.’ Je weet nooit wat je gaat opgraven, en dat maakt het voor hem zo spannend. “Soms is er teleurstelling, maar meestal is er voldoening, een gelukzalig gevoel en die ontladende ‘YES’ wanneer ik toch iets onverwachts vind.”

Ondertussen is Gevert al een ervaren metaaldetectorist, maar de hobby blijft hem nog altijd verrassen. Gevert: “Er ligt een wonderbaarlijke wereld onder onze voeten, eentje die niet stopt met vragen te stellen en die ook te beantwoorden, die de nieuwsgierigheid voedt, de kennis aanscherpt en waar er altijd iets te vinden is uit vervlogen tijden.”

Ook aan de slag met metaaldetectie? Bekijk hier onze tips, handleidingen en meer.

Gerda Damen, voorzitter van de Heemkundige Kring Aartselaar

Hoe onverwachte samenwerkingen deuren openen: Gerda van de Heemkundige Kring Aartselaar

Hoe onverwachte samenwerkingen deuren openen: Gerda van de Heemkundige Kring Aartselaar

Gerda Damen, voorzitter van de Heemkundige Kring Aartselaar

Sinds september 2024 staat Gerda Damen aan het roer van de Heemkundige Kring Aartselaar. Samen met de leden van de kring zet ze zich in om het verleden van haar gemeente levend te houden. Ze vertelt meer over haar rol als voorzitter, de werking van de kring en hoe ze onlangs tien nieuwe vrijwilligers binnenhaalden.

VAN VRIJWILLIGER NAAR VOORZITTER

Voor Gerda lid werd van de heemkundige kring, engageerde ze zich al voor het bewaren van haar lokale geschiedenis. Bij Azura (nu Streekvereniging Zuidrand) werkte ze mee aan het ontsluiten van de fotodatabank van haar geboortedorp Mortsel.

“In 2020 organiseerde Azura een vorming over het toevoegen van foto’s in een databank,” vertelt ze. “Daar leerde ik René Beyst kennen, de toenmalige voorzitter van de heemkundige kring.” Na haar ontmoeting met René rolde Gerda al snel als secretaris in het bestuur en hielp ze met het beschrijven van foto’s van Aartselaar.

“René zocht al enkele jaren een opvolger,” gaat Gerda verder. Omdat er niemand zich aanmeldde, besloot Gerda de uitdaging aan te gaan: “Ik zou het spijtig vinden als alles wat de kring sinds 1980 realiseerde, verloren zou gaan.”

Samen met het bestuur en de andere vrijwilligers werkt Gerda ondertussen hard aan de toekomst van de kring. Ze organiseren lezingen, uitstappen en zorgen voor een warme sfeer tijdens hun open huis op de jaarmarkt van Aartselaar. Sinds enkele maanden is de kring ook te vinden op Facebook: “Ik probeer om zeker twee keer per maand een nieuwe foto te plaatsen.”

VRIJWILLIGERS ALS DRIJVENDE KRACHT ACHTER DE KRING

De heemkundige kring telt momenteel 328 leden. Er zijn een tiental enthousiaste vrijwilligers die wekelijks komen meehelpen: “Sommigen helpen met het inventariseren van de voorwerpen van onze kring,” vertelt Gerda. “Anderen houden zich bezig met het registreren en digitaliseren van overlijdensberichten, bidprentjes en allerlei andere documenten die in ons archief bewaard worden.”

Zo is de kring sinds eind 2024 bezig met het inventariseren van alle voorwerpen in hun bezit: “Samen met de vrijwilligers zoeken we uit wat we in handen hebben,” vertelt ze. “Soms weten we helemaal niet wat we hebben of waarvoor dat gebruikt kan worden.” Maar dat is ook wat het voor Gerda zo speciaal maakt: “Tijdens deze zoektochten komen de verhalen naar boven die aan de objecten kleven.”

HOE EEN STICKERALBUM TIEN NIEUWE VRIJWILLIGERS AANTROK

Een man en drie vrouwen grabbelen tussen stickers. Ze hebben grijs haar en dragen allemaal donkere kledij.

Op de ruilbeurs konden bezoekers hun stickeralbum vervolledigen.

In oktober 2023 werd de vereniging benaderd door de zaakvoerder van AD Delhaize. Hij vroeg of de kring wou meewerken aan een bijzonder project: het samenstellen van een stickeralbum Historisch Aartselaar. Gerda: “We zijn de uitdaging aangegaan om een stickeralbum te maken met 175 stickers, verspreid over 30 hoofdstukken.” Elk thema werd voorzien van foto’s en bijhorende teksten. Toen de actie op zijn einde kwam, organiseerden ze een grote ruilbeurs. Daar konden bezoekers hun stickers ruilen en zo hun album vervolledigen.

 

“De ruilbeurs bracht veel mensen op de been, ons lokaal werd overspoeld. Het was een groot succes.”

Voor de actie had Gerda flyers gemaakt om potentiële vrijwilligers te overtuigen om mee te helpen bij het verzamelen van materiaal. Die werden niet enkel uitgedeeld tijdens diverse activiteiten, maar waren ook te vinden in de bibliotheek en het cultureel centrum van de gemeente. Ze vertelt verder: “Ook toen de stickeractie nog bezig was, probeerden we nieuwe medewerkers aan te spreken. We maakten bijvoorbeeld reclame in ons tijdschrift, sommige mensen hebben zich zo aangemeld.”

Ook na de actie bleef de interesse: “Mensen vroegen of er nog albums of stickers beschikbaar waren,” zegt Gerda. Ze zag dit als een kans om nieuwe vrijwilligers aan te trekken en vroeg geïnteresseerden of ze af en toe wilden meehelpen bij de heemkundige kring. Dit resulteerde vaak in nieuwe leden: “Zij nemen deel aan activiteiten en steken soms een handje toe.”

“Ik probeer steeds te polsen wat de nieuwe vrijwilligers graag doen: klasseren, lijsten intikken, inventaris maken, …”

Zo leerde Gerda tijdens haar eerste maanden als voorzitter al snel een waardevolle les: grijp elke kans om mensen te betrekken. Een eenvoudig gesprek of een kleine vraag kan soms net dat duwtje in de rug zijn om iemand als vrijwilliger te verwelkomen.

Hoe organiseer ik sociale en toegankelijke erfgoedactiviteiten?

Hoe organiseer ik sociale en toegankelijke erfgoedactiviteiten? Cultuur voor en door mensen in armoede

Bladwijzer 20: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen september 2017 • 20

Bovenstaande titel was de titel van een vorming binnen de reeks 'Erfgoed in de praktijk' tijdens het najaar van 2016. Maar over wie gaat het als we denken aan 'sociaal' en 'toegankelijk'? Hoe maken we een erfgoedverhaal voor iedereen? Mensen in kwetsbare situaties blijken weinig tot niet aan erfgoed te participeren. Voor welke kwetsbare mensen willen en kunnen we werken? Deze groepen zijn erg verscheiden, daarom werd in de vorming de focus gelegd op mensen in armoede. Hoe sluiten we hen in, in plaats van uit? Hoe ontginnen we dit potentieel? En wat kunnen erfgoedorganisaties voor hen betekenen?

Hoe organiseer je een gezinsvriendelijke erfgoedactiviteit?

Kinderen toegelaten: hoe organiseer je een gezinsvriendelijke erfgoedactiviteit?

Verschillende studies toonden reeds aan dat de kans op cultuurparticipatie bij volwassenen veel groter is wanneer zij al op jonge leeftijd deelnemen aan culturele activiteiten. Uit de analyse van de cijfers van de participatiesurvey 20141 blijkt bovendien dat cultuuractieve ouders hun kinderen (vooral kinderen uit de leeftijdsgroep 6 -12 jaar) ook frequent meenemen naar culturele activiteiten. 2 Steeds meer culturele instellingen zetten dan ook in op activiteiten voor gezinnen met kinderen: spelkoffers, gezinsparcours en speurtochten in musea, gezinsvoorstellingen op zondagnamiddag in cultuurcentra, theaterstukken met een dubbele bodem en verhaallijn voor zowel ouders als kroost.

Om lokale erfgoedorganisaties en deelnemers aan erfgoedevenementen als Erfgoeddag, Open Monumentendag en Open Kerkendagen te helpen bij de organisatie van hun eigen gezinsvriendelijke activiteit werd in het najaar van 2015 in alle Vlaamse provincies de vormingsavond ‘Kinderen Toegelaten’ ingericht. Die vormingen, begeleid door Chris Ferket van Mooss vzw, werden georganiseerd in het kader van ‘Erfgoed in de Praktijk’, een laagdrempelig vormingsinitiatief van Familiekunde Vlaanderen, FARO, Heemkunde Vlaanderen, Herita en Stichting Open Kerken. Tijdens de sessies stonden de deelnemers onder andere stil bij volgende vragen: hoe ziet een gezin anno 2016 eruit? Wat zijn hun noden en wensen? Hoe kan je jouw erfgoed aantrekkelijk voorstellen aan families? Hoe verzin je een origineel intergenerationeel aanbod? Hoe begeleid je dit? Hoe promoot je jouw gezinsactiviteit? Dit artikel is een neerslag van die vorming en bevat een heleboel concrete ideeën en tips om zelf aan de slag te gaan.

Eerder verschenen in "Bladwijzer 16: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2016"

 

Hoe organiseer je een goede vergadering?

Hoe organiseer je een goede vergadering?

Heb je soms het gevoel dat de vergaderingen van jouw vereniging praatbarakken zijn waar nauwelijks concrete afspraken worden gemaakt? Je bent ongetwijfeld niet alleen. Goede vergaderingen zijn nochtans essentieel voor de werking van een organisatie. Hieronder vind je een aantal tips om van jullie vergaderingen nuttige en aangename bijeenkomsten te maken.

Voorbereiding

Nodig iedereen op tijd uit voor de vergadering en deel de agendapunten mee. Zorg ervoor dat alle documenten die op de bijeenkomst worden besproken als bijlage met de uitnodiging worden bezorgd. Laat weten hoe laat de vergadering start en stel meteen ook een eindduur vast. Langer dan twee uur vergaderen is niet aan te raden!  Een voorafgemaakte tijdsplanning helpt je de vergaderduur te beperken. Vergeet ook niet om voor een goed uitgeruste vergaderlocatie te zorgen waar eventueel een bord staat waarop argumenten, planning, ideeën, voorstellen en besluiten genoteerd kunnen worden

Tip: voorzie koffie/water/thee etc. voor de deelnemers!

Het leiden van een vergadering

Een goede vergadering staat of valt met een goede structuur en een bekwame leider. Beide hangen uiteraard nauw samen.

Is de vergadering een vervolg op eerdere bijeenkomsten met dezelfde groep mensen? Dan start je best met de goedkeuring van het vorige verslag. Daarna komen de belangrijkste punten aan bod. Hou daarbij het voorafgemaakte tijdschema en de agenda in het achterhoofd. Doorgaans wordt de agenda gevolgd, maar afwijken daarvan kan, indien dit nuttig is. Bijvoorbeeld omdat een bepaalde persoon de vergadering pas later vervoegt of vroeger dient te verlaten.

Een goede en open discussie over de agendapunten kan je inleiden met een aantal start- en kernvragen. Probeer daarbij iedereen zoveel mogelijk te betrekken: mensen die spraakzaam zijn rem je best wat af, terwijl zwijgzame types soms expliciet om hun mening moeten worden gevraagd. Aarzel niet om in te grijpen wanneer enkele personen hun eigen gesprek beginnen of wanneer iemand te langdradig wordt. Om de participatie van iedereen te verhogen, stel je best zoveel mogelijk vragen. Probeer de deelnemers oplossingsgericht te laten denken. Om het met een modewoord te zeggen: denk ‘out-of-the-box’ en wees creatief: gewoontes moeten in vraag gesteld kunnen worden.

De belangrijkste taak van de leider van de vergadering is het luisteren en het geregeld samenvatten van de discussie. Probeer de hoofdlijn vast te houden, maar noteer zijpaden op voor later. Je eigen visie is even belangrijk als die van de andere deelnemers, maar spaar ze voor het einde. Zo blijft een open debat mogelijk. Laat je echter zelf niet voortdurend onderbreken als je aan het woord bent.

Sluit de vergadering af met een actielijst en concrete afspraken: wie doet wat wanneer?

Het verslag

Een verslag is een belangrijk werkdocument. Het is niet alleen een weergave van de discussies tijdens de vergadering, maar bevat tevens de beslissingen die jullie vereniging over bepaalde punten heeft genomen en de acties die in de toekomst moeten worden opgevolgd.

Opdat iedereen tijdig aan die toekomstige acties zou worden herinnerd, moet een verslag zo snel mogelijk na de vergadering worden bezorgd. Idealiter 48u na de vergadering, stuur je elke deelnemer een verslag met actielijst.

Vergeet in het verslag niet te vermelden:

  • Plaats, datum  en locatie
  • Aan- en afwezigen en verontschuldigden

Na de goedkeuring van het verslag op de volgende vergadering kan het definitieve verslag gearchiveerd worden.

Groep mensen die door een hal lopen en gezellig met elkaar aan het babbelen zijn

Hoe promoot je jouw erfgoedactiviteit met een klein budget?

Hoe promoot je jouw erfgoedactiviteit met een klein budget?

Het promoten van je erfgoedactiviteit hoeft helemaal niet duur te zijn. Met een slimme aanpak kan je zelfs met beperkte middelen een groot publiek bereiken. Hieronder vind je praktische tips die je direct kunt toepassen om jouw erfgoedactiviteit in de kijker te zetten.

ZET JE DOELGROEP CENTRAAL

Groep mensen die door een hal lopen en gezellig met elkaar aan het babbelen zijn

Het succes van je communicatie begint bij een duidelijke doelgroep. Denk goed na over wie je wilt aanspreken en pas je boodschap daarop aan.

Wil je gezinnen, studenten of kwetsbare groepen aantrekken? Zorg ervoor dat je communicatie aansluit bij hun behoeften en laat zien waarom jouw activiteit speciaal voor hen interessant is.

Speel in op mogelijke drempels. Vermeld bijvoorbeeld dat de locatie rolstoeltoegankelijk is of dat je tentoonstelling op maat gemaakt is van (kleine) kinderen.

 

DE KLANTREIS: VAN BEWUSTWORDING TOT TROUWE BEZOEKERS

Elke bezoeker doorloopt verschillende fases, van bewustwording tot loyaliteit. Stem je communicatie af op deze zogenaamde ‘klantreis’ en maak handig gebruik van alle contactmomenten die daarbij horen.

  • Bewustwording: maak je activiteit zichtbaar via sociale media of posters die je ophangt op
    Moeder die kind knuffelt tijdens het Histories Festival
    relevante plekken.
  • Overweging: benoem voordelen zoals gratis toegang, kindvriendelijkheid of unieke ervaringen.
  • Besluitvorming: zorg voor heldere informatie over tickets, tijden en locatie.
  • Bezoek: vraag aan je bezoekers om hun ervaringen te delen op sociale media of stel hen voor om zich in te schrijven voor jouw maandelijkse e-nieuwsbrief.
  • Loyaliteit: zijn jouw bezoekers tevreden over jouw activiteit? Dan is het waarschijnlijker dat ze jouw activiteit zélf gaan promoten bij hun vrienden of familie. Of misschien abonneren ze zich op jouw krantje of e-nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van jouw volgende activiteiten.

ZET IN OP SLIMME KANALEN 

Je hoeft niet overal tegelijk te zijn, maar kies zorgvuldig de kanalen die passen bij je doelgroep. Sommige mensen kan je bijna alleen bereiken via online kanalen, met andere mensen communiceer je dan best weer via offline kanalen.

Online

  • Kondig je activiteit aan op je website, in je e-nieuwsbrief en via je sociale media.
  • Plaats je activiteit in de UITdatabank.
  • Vraag aan je stad of gemeente of je activiteit ook via hun digitale kanalen verspreid kan worden.

Offline

  • Verspreid flyers of posters in de buurt.
  • Neem contact op met je lokale radiostation en maak daar promo voor je activiteit.
  • Vermeld je activiteit in je krantje of publicatie.
  • Stuur (persoonlijke) uitnodigingen naar je achterban.

Rood-gele flyers van Reuzen in Mechelen

Werk je samen met andere verenigingen voor de activiteit? Bundel dan je krachten op vlak van communicatie.

Tip: Herhaling werkt! Zorg dat je boodschap meerdere keren en via verschillende kanalen gezien wordt.

ZO MAAK JE JE BOODSCHAP HELDER EN AANTREKKELIJK 

Sterke teksten en beelden zijn essentieel om mensen te overtuigen. Maar hoe zorg je daarvoor?

Teksten

  • Prikkel je publiek met wervende, concrete teksten.
  • Kies voor actieve en positieve zinnen.
  • Vermijd vakjargon en lange, ingewikkelde teksten.
  • Vermijd herhaling in je tekst: het is niet omdat je iets op drie verschillende manieren uitlegt dat het daarom plots helder wordt voor je lezer.

In deze blog vind je heel wat tips rond heldere taal. Met taaladvies.net schrijf je zonder moeite foutloze teksten. En de gratis AI tool ChatGPT biedt inspiratie voor wanneer je even vastzit.

Meer weten over hoe je een vlotte tekst schrijft? Deze praktijktip zet je verder op het juiste spoor.

Beelden

  • Gebruik opvallende beelden die de aandacht trekken.
  • Herkenbaarheid is de sleutel. Zet daarom mensen in de kijker. Let er wel op dat je steeds toestemming vraagt als je mensen duidelijk herkenbaar in beeld brengt.
  • Authenticiteit en originaliteit loont. Maak zelf foto’s met je smartphone of vraag de lokale fotoclub om hulp.
  • Vermijd wazige, korrelige beelden en zorg ervoor dat jouw foto’s niet te donker of overbelicht zijn.
  • Experimenteer met video. Sociale media platformen zoals Facebook en Instagram geven vaak de voorkeur aan korte video’s, ook wel ‘reels’ genoemd.

Twee jonge vrouwen die een man met baard interviewen op het Histories Festival

Ontbreek je sterke grafische skills? Met Canva wordt grafische vormgeving een fluitje van een cent. Via de gratis tool CapCut stel je eenvoudig een korte video samen. Kan je zelf geen beelden maken? Neem dan eens een kijkje op de gratis beeldbanken Pexels en Unsplash.

METEN IS WETEN

Na je activiteit is het belangrijk om te leren van je aanpak. Vraag bezoekers hoe ze je activiteit gevonden hebben en analyseer welke kanalen het meest effectief waren.

Hoe publiceer je rekenbladen of datasets met heemkundige informatie op Wikidata?

Hoe publiceer je rekenbladen of datasets met heemkundige informatie op Wikidata?

Bladwijzer 22: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2018 • 22

Wellicht bewaar je als heemkundige kring heel wat informatie over lokaal erfgoed in rekenbladen. Die rekenbladen zijn ook voor personen buiten je heemkundige kring interessant. In het vorige nummer van Bladwijzer werd uitgelegd hoe je een rekenblad makkelijk leesbaar kunt maken voor andere personen en computers. Je data aan derden beschikbaar stellen maakt het mogelijk dat je werk door een groter publiek gebruikt en gewaardeerd kan worden. Een goed begin is je rekenbladen op je eigen website downloadbaar te maken. In dit artikel leer je hoe je die informatie via Wikidata gemakkelijk kan delen en hoe anderen je informatie verder kunnen aanvullen.

Hoe schrijf ik een historisch verantwoord artikel?

Hoe schrijf ik een historisch verantwoord artikel? Tips voor een betere valorisatie van heemkundig onderzoek

Bladwijzer 3: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2011 • 03

Jaarlijks worden honderden pagina’s onderzoek gepubliceerd in de vele tientallen heemkundige en historische tijdschriften die Vlaanderen rijk is. Deze vele bijdragen vormen de schriftelijke neerslag van vele uren onderzoek dat werd gevoerd in archieven, bibliotheken en documentatiecentra. Het hoeft geen verbazing te wekken dat de kwaliteit van deze artikelen sterk van auteur tot auteur kan verschillen. Deze kwaliteitsverschillen hebben meestal niets te maken met het onderzoek zelf. Het betreft hoofdzakelijk de manier waarop het onderzoek aan het lezerspubliek wordt voorgesteld. Deze bijdrage is een pleidooi om meer aandacht te schenken aan de voorbereiding en redactie van artikelen. Uiteindelijk komt een dergelijke aanpak zowel de auteur, het tijdschrift als de lezer ten goede. De kwaliteit van een artikel wordt immers niet alleen bepaald door het feit of de auteur de bronnen correct of verkeerd heeft geïnterpreteerd. Ook de opbouw en de structuur van een artikel is bepalend voor de kwaliteit.

Hoe schrijf ik een historische tekst? Schrijven over de lokale muziek- en spektakelcultuur vanaf 1800

Hoe schrijf ik een historische tekst? Schrijven over de lokale muziek- en spektakelcultuur vanaf 1800

Bladwijzer 24: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen maart 2019 • 24

De lokale geschiedenis van theater, dans, muziek en film spreekt tot de verbeelding. Of het nu gaat om het verhaal van een muziekvereniging, theatergezelschap, individuele artiest, of om de geschiedenis van een film-, theater- of concertzaal: het vindt allemaal een plaats onder de brede noemer ‘muziek- en spektakelcultuur’. Het analyseren van bronnenmateriaal over dergelijke thema’s kan prachtige publicaties opleveren. Maar hoe begin je hieraan? Hoe overstijg je de klassieke kroniek van een vereniging of een persoon? Hoe formuleer je een boeiende vraagstelling? Hoe vind je de gepaste bronnen? En hoe bouw je een tekst op? We overlopen hier enkele tips die hopelijk de honger aanwakkeren om zelf met bronnen van muziek- en spektakelcultuur uit jouw lokale context aan de slag te gaan!

Hoe schrijf je een mentaliteitsgeschiedenis van je familie, gemeenschap, dorp of stad?

Hoe schrijf je een mentaliteitsgeschiedenis van je familie, gemeenschap, dorp of stad?

In de mentaliteitsgeschiedenis richten we ons niet zozeer op de feiten van de Grande Histoire, maar eerder op het dagelijkse leven van de mensen. Het voornaamste uitgangspunt voor het schrijven van een mentaliteitsgeschiedenis is de vraag: ‘hoe zouden onze ouders en voorouders reageren moesten ze kunnen verrijzen en opnieuw in hun dorp wakker worden?’ Daarbij ligt de nadruk vooral op de contrasten en verschillen.

In dit artikel - te downloaden als PDF - proberen we te antwoorden op de volgende vragen.

    • Hoe kan je een document produceren dat niet alleen de eigen familie kan interesseren maar ook een ruimer publiek, jong en oud? Hoe het anekdotische, het lokale overstijgen, het document zo wetenschappelijk mogelijk onderbouwen? Oorspronkelijk dacht ik een dorps- en familiekroniek te schrijven, maar toch hoopte ik meteen mijn werk toegankelijk te maken voor een ruimer publiek.
    • Hoe kan men een verhaal vertellen waar anderen zich in kunnen herkennen?
    • Hoe de gesproken streektaal, het dialect integreren?
    • Hoe kan men de heemkundeliteratuur proberen te innoveren?
    • Hoe pakt men het aan wanneer men geen professionele historicus is, zoals ik?

Dit zijn slechts enkele uitdagingen. Men kan ze op verschillende manieren aanpakken en daar wil de auteur het in dit artikel over hebben. Lees snel verder.

Eerder verschenen in "Bladwijzer 19: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2017"

Schrijftips

Hoe zet ik mijn erfgoedactiviteit in de kijker? 3 tips voor een vlotte, heldere tekst

Hoe zet ik mijn erfgoedactiviteit in de kijker? 3 tips voor een vlotte, heldere tekst

Schrijftips

Stel: je hebt maandenlang gewerkt aan een interessante, publieksgerichte activiteit. Je hebt nagedacht over het thema, in je collectie gespeurd, partners gezocht en je verhaal in een pakkende presentatie gegoten. Nu rest er je nog één ding: je activiteit promoten.  En daarbij hoort een communicatieplan dat je communicatieve acties en de bijhorende timing oplijst. Een belangrijk deel van je plan zal bestaan uit tekstmateriaal. Dat plaats je op je website, in nieuwsbrieven, in je ledentijdschrift, op de blog van je stad of gemeente en op andere budgetvriendelijke promotionele kanalen.

Wij helpen je alvast op weg met tips om je teksten te laten overtuigen.

VOOR WIE?

Eerst en vooral: denk na voor je begint te schrijven. De ene lezer is de andere niet. Stel jezelf een paar vragen: wie is je (potentiële) lezer en hoeveel weet die persoon af van het onderwerp waarover je zo meteen gaat schrijven? Empathie (of inlevingsvermogen) kan je hierbij helpen. Maar – tip 1 – denk als een verkoper : wat zou je lezer kunnen interesseren in jouw aanbod dat hen aanzet tot een bezoek? Lijst je ‘verkoopsargumenten’ op: je activiteit is ab-so-luut niet te missen want …

Als je je lezer de belofte voorhoudt van een onvergetelijk bezoek moet je er wel over waken dat je je belofte ook daadwerkelijk houdt. Wees realistisch – en toch ook weer niet te bescheiden. Je activiteit mag best gezien worden!

SCHRIJVEN HOEFT NIET COMPLEX TE ZIJN

Tip 2: Hou je tekst simpel. Vermijd archaïsche taal, lange aanlopen, barokke constructies en neven- en bijzinnen. Stroeve of langdradige zinnen kunnen bij het keuzemoment van een potentiële bezoeker van doorslaggevend belang zijn.

Zoek naar het juiste evenwicht tussen informeren en werven. Daarbij kan je vele taalregisters hanteren. Belangrijk is wel dat je binnen eenzelfde tekst dezelfde toon gebruikt. Ga aan de slag met actieve, heldere zinnen die de aandacht van lezer grijpen en vasthouden. Je vermijdt best:

  • Passiefconstructies: zinnen met worden, kunnen, zullen, mogen, …
  • Naamwoordconstructies: het gebruiken van, de beleving van, het aanschaffen van, …
  • Ingewikkeld jargon
  • Woorden die je taal verzwaren: derhalve, gezien, ten gevolge, wat betreft, …
  • Holle uitdrukkingen: iedereen weet, steeds meer, …

SCHRIJVEN IS OOK … ORDENEN

Begin met het belangrijkste: waarom moet iemand precies je activiteit bezoeken? Beloof een onvergetelijk bezoek, een nieuwe kijk op je collectie, een verrassend verhaal, een primeur, een blik achter de schermen, … Spreek daarbij je lezer aan, stel hen vragen. Dat houdt je lezer bij de les. Ook hier gelden de klassieke verkoopstechnieken. Tip 3: probeer de aandacht van je lezer te vatten en wek hun belangstelling. Zorg dat je lezers het antwoord vinden op hun vragen en dat ze vervolgens actie ondernemen. Dat laatste kan bijvoorbeeld een vraag om bijkomende informatie zijn, een bezoekje aan je website of zelfs een deelname aan je activiteit.

Ben je klaar met je tekst? Lees hem dan luidop voor. Voel je ergens een kink in de kabel? Begin dan opnieuw, door bijvoorbeeld de volgorde van de zinnen om te draaien of de eerste zin te herschrijven. Wees kritisch voor jezelf. Vraag anderen je tekst na te lezen en laat je tekst eventueel een paar dagen rusten. Wie zei ook alweer dat schrijven schrappen is? Veel succes!

NOG ENKELE NUTTIGE LINKS

  • Schrijfcursussen op maat van Creatief Schrijven vzw
  • Team taaladvies is de taaladviesdienst van de Vlaamse overheid. Team taaladvies geeft voor het Nederlands advies over spelling, woordgebruik, grammatica, uitspraak, tekstconventies zoals titulatuur en adressering, formulering en stijl: www.taaltelefoon.be
  • Taaladvies: www.taaladvies.net
  • Woordenlijst Nederlandse Taal – het ‘Groene Boekje’ online: www.woordenlijst.org

Deze tekst is gebaseerd op het verslag van de werkwinkel ‘Zet je activiteit in de kijker! Hoe bondig en boeiend communiceren?’ van Roel Daenen (FARO) in Binnenkrant nr. 4 van 2008.

Hou je softwarekosten onder controle met SOCIALware

Hou je softwarekosten onder controle met SOCIALware

Bladwijzer 15: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2015 • 15

Aan software valt in deze door technologie gedomineerde samenleving amper te ontsnappen. Jammer genoeg kosten commerciële software-pakketten vaak een bom geld en hebben non-profitorganisaties dikwijls niet het budget om deze aan te schaffen.

Om je ICT-budget onder controle te houden kan je op zoek gaan naar gratis alternatieven zoals open-sourcesoftware, freeware of freemium-software. Over het kiezen van dit type software vind je een inleiding op onze website. 1 Hoewel deze alternatieven vaak een oplossing bieden, heeft commerciële software ook voordelen. De gebruiksvriendelijkheid is doorgaans iets groter, je hebt als consument recht op garantie en je kan met problemen aankloppen bij het bedrijf dat de software produceerde. Bovendien zal je minder last hebben van advertenties en spyware die ongevraagd op je computer opduiken.

Wegens deze voordelen op tegenover de prijs die je voor commerciële software moet betalen? Dat is een vraag waarop geen eenduidig antwoord bestaat en waarvoor je geval per geval de afweging zal moeten maken. Maar als in jouw analyse om een softwarepakket al dan niet aan te kopen de prijs de enige hinderpaal is, dan kan je als vzw terecht bij SOCIALware.

SOCIALware is de Belgische partner in een wereldwijd netwerk (TechSoup Global) die softwarelicenties aanbiedt aan vzw’s voor ongeveer vier procent van de werkelijke productwaarde. Een aanzienlijke besparing dus!

 

Houtwormkever op bezoek

Ongenode gasten: houtwormkever op bezoek

Bladwijzer 6: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen januari 2013 • 06

Bij het beheer van een erfgoedcollectie komt heel wat kijken. De inspanningen om het grote publiek te laten kennismaken met de inhoud zijn vaak niet min. Maar soms krijgen erfgoedbeheerders ook minder aangenaam bezoek. Wat moet je doen als je collectie bij de houtwormkever in de smaak valt?

Ik wil mijn eerste boek publiceren. Hoe ga ik te werk?

Ik wil mijn eerste boek publiceren. Hoe ga ik te werk?

Je hebt als nieuwe erfgoedvereniging een eerste historische publicatie uitgewerkt. Of je wil als particulier een publicatie uitgeven, bijvoorbeeld een historisch fotoboek van het bedrijf bij je om de hoek. Hoe ga je te werk om dit werk te publiceren zonder er je broek aan te scheuren? In deze bijdrage gaan we ervan uit dat het om een interessante en goed uitgewerkte publicatie gaat die bijvoorbeeld nagelezen en goed bevonden werd door een deskundige lezer.

Zoek een uitgever…

Probeer eerst eens of je geen instanties kan vinden die je boek voor jou willen uitgeven. We denken hier niet alleen aan uitgeverijen.

Als je er natuurlijk van overtuigd bent een heel professioneel en uitermate interessant boek te hebben geschreven dat door een groot publiek gekocht zal worden, moet je toch eens proberen je manuscript en boekvoorstel (informatie over opzet en inhoud, genre, vorm, doelgroep en belang) naar uitgeverijen te sturen die gelijkaardige werken publiceren. Via https://literairvertalen.org/kennisbank/uitgeverijen kan je een overzicht krijgen van de grote uitgeverijen in Vlaanderen, maar misschien is er ook een kleine uitgeverij in je buurt waarbij je meer kans maakt. Informeer je wel voldoende over het contract. Een modelcontract vind je via www.sabam.be. Voordeel is dat een uitgeverij heel wat taken op zich neemt (zoals redactie, vormgeving, promotie, verspreiding, …), nadeel is dat je niet over alles zelf kan beslissen en dat dit geluk maar een beperkt aantal auteurs ten dele valt.

Je hebt misschien meer kans bij een andere instantie. Dit kan bijvoorbeeld je gemeente zijn of het bedrijf dat het onderwerp is van je boek. En als je een particulier bent: de heemkundige kring of een andere erfgoedorganisatie in je gemeente of regio. Die instanties hebben vaak al ervaring met het publiceren en kunnen misschien het risico (en de kosten) op zich nemen.

… of geef het boek in eigen naam uit

Je kan het boek ook in eigen naam uitgeven, al dan niet met sponsoring en subsidies. Voor een éénmalige uitgave moet je geen handelsregister of BTW-nummer hebben. Je moet best wel een aantal voorzorgsmaatregelen nemen om het financiële risico te beperken. Als je werkt met een gewone uitgeverij of een veredelde kopiezaak werk je best met een voorintekenlijst. Je maakt dan promotie (vb. een foldertje, maar tegenwoordig zeker ook via je eigen website en sociale media) nog voor het eigenlijke drukken van je boek waarbij je de mogelijkheid vermeldt om het boek goedkoper te verkrijgen als er voor een bepaalde datum ingeschreven en betaald wordt. Voordeel van het uitgeven in eigen beheer is dat je alles zelf in de hand hebt. Maar dat is tegelijk ook een groot nadeel: je moet zelf oplossingen zoeken voor de opmaak en de redactie, beslissen over de oplage en bedenken hoe je je boek gaat verkopen.

Voor kleine oplages met een beperkt aantal pagina’s (vb. een brochure) kan je eventueel zelf aan de slag gaan met het tekstverwerkingsprogramma Word en het bij de betere kopiezaak laten afprinten. Je kan kiezen uit diverse soorten papier en hebt ook keuze uit een aantal manieren om je boekje of brochure te binden (vb. nieten of lijmen). Voor grotere oplages, een groter aantal pagina’s en een professioneler resultaat kan je beter werken met een digitale printservice. Je kunt meestal kiezen uit een aantal standaardformaten en papiersoorten, waarna je boeken worden geprint, gelijmd en voorzien van een omslag. Een digitale printservice drukt op digitale printers en gebruikt als bindtechniek verlijmen of ‘garenloos brocheren’. Je krijgt een goed resultaat, maar de uitgave van een grote uitgeverij zal mooier zijn. Bij drukkerijen heb je wel een grote keus in papiersoorten, omslagen en bindwijzen. Die kwaliteit en keuzemogelijkheden betaal je wel. Bovendien moet je meestal een minimum van 150 exemplaren afnemen, maar bij een gewone digitale printservice is dit vaak ook het geval.

Een andere mogelijkheid is te werken met printing on demand (POD) uitgeverijen. Dit is een uitgeefwijze waarbij van een boek pas een exemplaar wordt gedrukt op het moment dat het wordt besteld. Soms ben je verplicht om een minimum aantal exemplaren aan te kopen. Als je voor POD kiest, maak jij van je manuscript een boek, zonder inmenging van een uitgeverij. Meestal werken deze bedrijven online. Op de site kan je elk detail van je boek bepalen. Op de website kies je de lay-out, ontwerp je de cover en bereken je de kostprijs. Dit productieproces heeft veel voordelen. Er is geen voorraad, want het boek wordt pas gedrukt als er vraag naar is. Hierdoor vermijd je hoge investeringskosten. Je moet wel op een aantal zaken letten. Alle POD-uitgeverijen hebben een eigen werkwijze, prijsstructuur en voorwaarden. Naarmate je voor meer extraatjes kiest ben je ook meer geld kwijt. De boeken worden meestal digitaal geprint, niet gedrukt. Je zit dus ook vast aan een aantal standaardopties. Via de website van creatief schrijven vind je een overzicht van een aantal POD uitgeverijen.

Veel POD-uitgevers bieden aan om een ISBN aan te vragen. Het is echter niet verplicht om een ISBN aan te vragen voor een publicatie. Als je het boek geheel zelf zal verspreiden is het waarschijnlijk ook niet nodig. Het kan wel aangewezen zijn dit te doen als je het boek later ook via de boekhandel wil verspreiden. Via het nummer worden de bibliografische gegevens ook gemakkelijk opgenomen in databanken van bijvoorbeeld bibliotheken. Je kan het nummer ook zelf aanvragen via de websites: www.isbn.nl (voor als men werkelijk maar één publicatie gaat uitgeven) en www.boekenbank.be (voor als men in de toekomst eventueel ook nog een boek zou kunnen uitgeven).

Wat wel verplicht is voor elke publicatie die geprint of gedrukt wordt, is het vermelden van een verantwoordelijke uitgever (V.U.) met naam, voornaam en adres. Dat moet een fysieke persoon zijn: een naam van een vereniging volstaat dus niet. Op publicaties die enkel digitaal verspreid worden, moet geen V.U. staan.

Als je zelf een boek of brochure uitgeeft, moet je eraan denken binnen de 15 dagen volgend op de eerste verspreiding van het werk twee exemplaren te deponeren bij de Koninklijke Bibliotheek van België. Die verplichting geldt voor alle publicaties die in België worden uitgegeven, maar ook van de in het buitenland uitgegeven publicaties waarvan een auteur Belg is en in België gedomicilieerd is. Het opsturen zelf is volledig gratis, want je kan de port door de bestemmeling laten betalen. Via de website http://kbr.be kan je het juiste adres en de nodige formulieren vinden (doorklikken naar wettelijk depot).

Je moet je POD-boek en eigenbeheeruitgave dan natuurlijk nog aan de man brengen. Veel POD-bedrijven hebben wel een eigen website waar het boek gekocht kan worden, maar niet veel potentiële lezers gaan uit zichzelf naar die website. Je zult zelf de promotie in handen moeten nemen. Je kan bijvoorbeeld aan plaatselijke boekhandelaars vragen of je een aantal boeken mag neerleggen in hun winkel. Je kan afspreken dit op commissiebasis te doen: pas als er verkocht wordt, moeten ze je betalen. Je kan ook een activiteit organiseren in de plaatselijke bibliotheek of hiervoor samenwerken met een culturele organisatie. Zorg ook dat je boek voorgesteld wordt op het net.

Bedenk dat er naast drukken ook andere manieren zijn om te publiceren. Je kan bijvoorbeeld je boek opsplitsen in artikels en bij tijdschriften aankloppen. Of je kan je werk ook op het web ter beschikking stellen.

Individuele vreemdelingendossiers als bron voor lokale migratiegeschiedenis

België, land van belofte? Individuele vreemdelingendossiers als bron voor lokale migratiegeschiedenis

Bladwijzer 19: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2017 • 19

Migratie is van alle tijden. De twee en een half miljoen vreemdelingendossiers die voor de jaren 1840-1951 in het Algemeen Rijksarchief te Brussel worden bewaard, zijn daarvan stille getuigen. Als historische bron zijn individuele vreemdelingendossiers onderbenut. Nochtans bieden ze talloze onderzoeksmogelijkheden voor heemkundigen en genealogen. In dit artikel lees je er meer over.

Inspirerende voorbeelden om aan de slag te gaan met sporterfgoed

Symposium ‘Het Geheugen van de Sport’. Inspirerende voorbeelden om aan de slag te gaan met sporterfgoed

Bladwijzer 16: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2016 • 16

Op 16 oktober 2015 zakte de sport- en erfgoedwereld in groten getale af naar het Sportimonium
voor een symposium over sporterfgoed. Naar aanleiding van het project ‘Het Geheugen van de
Sport’ had het museum verschillende sprekers uit binnen- en buitenland uitgenodigd om enkele best
practices te komen presenteren over het omgaan met sportarchieven en -erfgoed. Wat is sporterf-
goed en waarom is het vrijwaren ervan zo belangrijk ? Hoe kan jij aan de slag gaan met het spor-
tieve verleden van jouw gemeente of club en waar kan je dan terecht? Op deze en andere vragen
kregen de deelnemers een antwoord.

Het symposium vormde het officiële startschot van het project ‘Het Geheugen van de Sport’, dat mogelijk wordt gemaakt dankzij de steun van het Fonds Baillet Latour. De heer Alain De Waele, secretaris-generaal van het Fonds, mocht het symposium inleiden. Vervolgens was het aan Bregt Brosens, wetenschappelijk medewerker van het Sportimonium, om het project voor te stellen. De bedoeling van het project is het sporterfgoed van België in kaart te brengen en de vele sportclubs en -federaties aan te sporen om zelf aan de slag te gaan met hun erfgoed. ‘Vaandel ‘Velo-club Rap zijn Wint’, collectie Sportimonium Algemeen Rijksarchivaris Karel Velle benadrukte de noodzaak om het Belgische sportpatrimonium te bewaren. Hij wees erop dat sporterfgoed tot voor kort te stiefmoederlijk werd behandeld. "De ‘bezitters’ van sportarchieven en -erfgoed zijn zich nauwelijks bewust van het belang ervan, aldus Velle, waardoor het vaak slecht wordt bewaard." Concreet zijn volgens hem drie acties noodzakelijk om het Belgische sportpatrimonium veilig te stellen.

1) In de eerste plaats is het belangrijk dat archieven en erfgoed worden geregistreerd. Daarvoor moet men echter weten waar ze worden bewaard.

2) Voorts dient erfgoed goed beheerd te worden. Waar het precies bewaard wordt, is minder van belang, zolang dit maar centraal gebeurt en sportarchieven en –erfgoed gedeeltelijk of geheel digitaal ontsloten worden.

3) Tot slot acht Velle een goede zorg voor het Belgische sporterfgoed maar mogelijk indien diverse actoren samenwerken.

 

Interactief rondleiden van je publiek

Interactief rondleiden van je publiek. Tips om bezoekers van je erfgoedevenement te begeesteren

Bladwijzer 14: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2015 14

Rondleiden is een kunst. Niet elke gids slaagt erin om bezoekers mee te slepen, en niet elke gids is een geboren verteller, maar de kneepjes van het vak kan iedereen leren. In het najaar van 2014 werden de vormingsavonden ‘Interactief rondleiden van je publiek. Inleidende vorming voor gelegenheidsgidsen tijdens erfgoedevenementen’ georganiseerd in het kader van Erfgoed in de Praktijk, een laagdrempelige vormingsreeks die de deelnemers helpt bij de organisatie van hun activiteiten tijdens erfgoedevenementen als Erfgoeddag, Open Monumentendag en Open Kerken Weekend. De partners van Erfgoed in de Praktijk zijn Familiekunde Vlaanderen, FARO, Heemkunde Vlaanderen, Herita en Stichting Open Kerken.

Tijdens de vormingen in de vijf Vlaamse provincies dachten gelegenheidsgidsen, professionele gidsen, heemkundigen en erfgoedwerkers samen na over de ontsluiting van lokaal erfgoed op een interactieve manier. Dit kan gebeuren tijdens een rondleiding of bezoek naar aanleiding van een erfgoedevenement, maar is uiteraard eveneens van toepassing op een permanent aanbod. Dit artikel is een neerslag van die vorming met heel wat tips om in interactie te treden met je bezoekers.

Twee mannen leggen iets uit

Je vrijwilligers verzekeren: een praktische gids voor jouw erfgoedvereniging

Je vrijwilligers verzekeren: een praktische gids voor jouw erfgoedvereniging

Twee mannen leggen iets uit

Werkt jouw erfgoedvereniging met vrijwilligers? Dan is het belangrijk om de juiste verzekeringen af te sluiten. Want wie is er aansprakelijk als er iets misloopt tijdens een activiteit? En hoe zorg je ervoor dat je vrijwilligers goed beschermd zijn? In deze praktijktip lees je waar je op moet letten, wat er wettelijk verplicht is en hoe je met de juiste verzekeringen verrassingen vermijdt — voor jezelf én je vrijwilligers.

BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID IN JOUW VERENIGING

Soms loopt er wel eens iets mis tijdens vrijwilligerswerk. Zo kan een van je vrijwilligers door een fout, onvoorzichtigheid of nalatigheid schade bij iemand anders veroorzaken. Dat kan materiële schade, een lichamelijk letsel of eventueel immateriële (morele) schade zijn. Er ontstaat dan burgerlijke aansprakelijkheid (BA).

De Vrijwilligerswet zorgt ervoor dat vrijwilligers in verenigingen met verzekeringsplicht niet persoonlijk burgerlijk aansprakelijk gesteld kunnen worden voor de schade die ze tijdens hun vrijwilligerswerk veroorzaken. Wie schade lijdt moet zich dan richten tot de vereniging zelf. Dit wordt de immuniteit van de vrijwilliger genoemd. Let op: deze immuniteit geldt niet bij bedrog, een zware fout of herhaaldelijk dezelfde lichte fout.

Wanneer is een BA-verzekering verplicht?

Ben je een vzw? Dan ben je verplicht om een BA-verzekering voor je vrijwilligers af te sluiten.

Ben je een feitelijke vereniging? Dan geldt de verzekeringsplicht enkel als:

  • Je betaald personeel in dienst hebt.
  • Je verbonden bent aan een feitelijke vereniging die werkt met betaald personeel.
  • Jouw vereniging een afdeling is van een vzw.

In de laatste twee gevallen ligt de verzekeringsplicht bij de organisatie waar jouw vereniging aan verbonden is. Check dus zeker of je vereniging via de koepelorganisatie verzekerd is.

Wat met feitelijke verenigingen zonder verzekeringsplicht?

Verzekeringsplicht of niet: het is altijd een goed idee om je vrijwilligers te beschermen en toch een verzekering af te sluiten. Zo hoeven ze bij schade of ongeluk niet terug te vallen op hun persoonlijke verzekering. 

Dit maakt de vrijwilliger niet immuun zoals dat wel het geval is in de verenigingen met verzekeringsplicht, maar het zorgt toch voor een betere bescherming. 

Zorg dat je werking altijd veilig en ordelijk verloopt, zodat de kans op problemen zo klein mogelijk blijft – zeker als je niet verzekerd bent. 

VERZEKERING LICHAMELIJKE ONGEVALLEN: EEN EXTRA BESCHERMING VOOR JE VRIJWILLIGERS

Een ongeluk zit soms in een klein hoekje. Daarom is het handig om naast de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid ook een verzekering lichamelijke ongevallen (LO) af te sluiten. Deze verzekering beschermt je vrijwilligers als ze een lichamelijk letsel oplopen – zonder dat er iemand verantwoordelijk is.  

Stel: een vrijwilliger struikelt per ongeluk over een drempel, krijgt plots een stapel archiefdozen op zich of valt tijdens een activiteit en loopt hierdoor een lichamelijk letsel op. Omdat er in dit geval niemand verantwoordelijk is, kan je die schade niet vergoeden via je verzekering BA. Wél via een verzekering LO. 

Deze verzekering vergoedt: 

  • Extra kosten die het ziekenfonds niet terugbetaalt. 
  • Eventueel een deel van het inkomensverlies wanneer het lichamelijk letsel je werk-onbekwaam heeft gemaakt.

Hoeveel je voor deze verzekering betaalt, hangt af van wat je precies wil laten dekken.  

Tip: Komt er bij jouw vereniging vaak fysiek werk kijken? Dan kan deze verzekering een verschil maken.

RECHTSBIJSTANDSVERZEKERING: JE PRAKTISCHE STEUN BIJ JURIDISCHE KWESTIES

Je kan er ook voor kiezen een rechtsbijstandsverzekering af te sluiten, maar deze is niet verplicht. Toch is het een slimme investering. 

Met een rechtsbijstandsverzekering kan je snel juridische hulp inschakelen, de rechten van je vereniging verdedigen en conflicten vlotter oplossen – zonder zelf grote kosten te maken. 

GRATIS VRIJWILLIGERSVERZEKERING: EEN HOUVAST VOOR KLEINE VERENIGINGEN

Organiseer je als kleine vzw of feitelijke vereniging maar een paar keer per jaar activiteiten? En is het voor jouw vereniging niet vanzelfsprekend om een verzekering af te sluiten? Dan kan je bij het Vlaams Steunpunt voor Vrijwilligerswerk (VSVW) een gratis vrijwilligersverzekering aanvragen. Daarmee kan je over een periode van 12 maanden tot maximum 1000 vrijwilligersuren verzekeren. 

Wat valt er onder deze verzekering? 

– Burgerlijke aansprakelijkheid (BA): 

  • Dekt zowel algemene schade (gewone BA) als schade tijdens de activiteiten van de vereniging (BA uitbating), behalve bij een zware fout, herhaalde lichte fout en bedrog. 
  • Verzekert zowel de vereniging als de vrijwilligers als ze aansprakelijk worden gesteld voor schade bij het vrijwilligerswerk. 
  • Omvat niet alleen je vaste vrijwilligers, maar ook vrijwilligers die af en toe een handje toesteken. Denk aan familieleden van de vaste vrijwilligers die komen meehelpen bij een activiteit. 
  • Beschermt ook vrijwilligers als ze elkaar schade toebrengen. 
  • Verzekert voorwerpen die je als vereniging krijgt toevertrouwd. 
  • Dekt eventuele schade na levering (bijvoorbeeld: je vereniging verkoopt pannenkoeken om geld in te zamelen, en achteraf worden enkele mensen ziek door een voedselvergiftiging). 
  • Verzekert ouders als zij aansprakelijk worden gesteld voor de schade die hun minderjarige kinderen tijdens hun vrijwilligerswerk veroorzaken.

– Lichamelijke ongevallen van de vrijwilliger 

– De rechtsbijstand 

Deze vrijwilligersverzekering biedt jouw vereniging dus een uitgebreide bescherming, zowel tijdens het vrijwilligerswerk als op de heen- en terugweg. Ze dekt meer dan wat wettelijk verplicht is. 

Wat valt er niet onder deze verzekering? 

  • Verzekering van de bestuurdersaansprakelijkheid 
  • Verzekeringen voor deelnemers aan activiteiten 
  • Autoverzekeringen  

ZELF OP ZOEK GAAN NAAR EEN GOEDE VRIJWILLIGERSVERZEKERING?

Heeft je vereniging niet genoeg aan 1000 vrijwilligersuren? Dan moet je op de private markt op zoek gaan. 

Ben je niet zeker wat je moet vragen aan je privéverzekeraar? Dan kan de gratis verzekering je op weg helpen. Die helpt je inschatten wat je vereniging nodig heeft, welke dekkingen er bestaan en vormt een goed uitgangspunt voor je offerteaanvraag. Hier vind je handige tips om een verzekering te vinden die aansluit bij je werking. Klik op ‘een goede verzekering’.

VERZEKERING AUTO VRIJWILLIGER

Als een vrijwilliger tijdens de activiteiten of op weg van en naar de activiteiten van de organisatie met zijn eigen wagen rijdt en door een fout schade aan derden veroorzaakt, moet de vrijwilliger een tussenkomst vragen van de (eigen) verzekeraar BA-motorrijtuigen. 

MEER WETEN?

Je vindt meer informatie, uitlegvideo’s en modeldocumenten over vrijwilligerswetgeving op de website van het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk. 

Vind je nog niet wat je zoekt? Contacteer onze collega Els via els.vervaet@histories.be of bel 0492 11 75 36. 

Jongeren en heemkunde

Jongeren en heemkunde: Want heemkunde is hip!

Bladwijzer 4: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2012 • 04

Deze bijdrage vormt een genuanceerde neerslag van een getuigenis in het kader van de workshop ‘Jongeren & heemkunde’ tijdens de studiedag Heemkunde Actueel in Gent op zaterdag 19 november 2011. Dit artikel pleit voor een intergenerationeel bestuur waarbij jongeren en ouderen samen aan de heemkundige kar trekken, en daarmee wordt er deels ingaan tegen het artikel van Rob Bartholomees van de ‘Tervuersche Jeugd van Tegenwoordig’ in Bladwijzer 3. De evolutie van de Wielsbeekse heemkring naar een jonger bestuur en een frissere en modernere heemkundige aanpak wordt hier uit de doeken gedaan aan de hand van drie tijdsperiodes: ‘De praatbarak’ (1981-2007), ‘Het grote schisma’ (2007-2011) en ‘De hippe heemkring’ (2011-...).

Lokaal erfgoed op maat van kinderen?!

Lokaal erfgoed op maat van kinderen?!

Bladwijzer 4: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2012 • 04

In 2011 liep de cursusreeks ‘Lokaal erfgoed op maat van kinderen?!’ in de vijf Vlaamse provincies. Lokale erfgoedmedewerkers werden uitgenodigd om, gespreid over drie cursusavonden, kennis te maken met erfgoededucatie in het basisonderwijs. De rode draad doorheen de sessies was hoe erfgoedorganisaties in samenwerking met basisscholen een sterk educatief aanbod kunnen realiseren voor klassen uit het lager onderwijs. Hoe kunnen erfgoedorganisaties hun erfgoedschatten ontsluiten voor deze doelgroep en op welke wijze kunnen basisscholen dit aanbod doelgericht inbedden in hun onderwijsaanbod? In dit artikel wordt kort weergegeven wat er aan bod kwam in de drie sessies.

Lokaal onderzoek naar dienstpersoneel: buitenlandse dienstmeiden in negentiende-eeuws Antwerpen

Lokaal onderzoek naar dienstpersoneel: buitenlandse dienstmeiden in negentiende-eeuws Antwerpen

Bladwijzer 18: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2016 • 18

Dit artikel koppelt informatie over buitenlandse dienstmeiden uit lokale Antwerpse vreemdelingendossiers en bevolkingsregisters. De digitalisering van de lokale vreemdelingendossiers en het stelselmatig invoeren van de gegevens in een databank, laat toe om dit op een vlotte manier te doen. Deze werkmethode maakt het mogelijk om de levensloop van deze mensen vanaf hun aankomst in de stad tot hun vertrek te reconstrueren. Diezelfde werkwijze kan toegepast worden op andere groepen buitenlanders in de negentiende-eeuwse stad en is nuttig om individuele levensverhalen te achterhalen. Hopelijk biedt deze studie inspiratie voor verder onderzoek naar de geschiedenis en levensloop van buitenlanders in negentiende-eeuws Antwerpen of elders.

Het verdere verloop van dit artikel bestaat uit vier delen. Ten eerste wordt de context van negentiende-eeuws Antwerpen besproken. Vervolgens komen de mogelijkheden van de bronnen aan bod. Daarna wordt de levensloop van twee Nederlandse zussen besproken die beiden in Antwerpen aan de slag gingen. Hierbij zullen zowel de vreemdelingendossiers als de bevolkingsregisters gebruikt worden. In het laatste deel zullen de migratietrajecten, vestigingspatronen en het profiel van buitenlandse dienstmeiden besproken worden die aankwamen in Antwerpen in 1850 en 1880. Voor dit deel wordt enkel gebruik gemaakt van de informatie uit de vreemdelingen dossiers.

Lokale beleidsbeïnvloeding: hoe kan je als erfgoedvrijwilliger het lokaal beleid beïnvloeden? 4 tips om te starten

Lokale beleidsbeïnvloeding: hoe kan je als erfgoedvrijwilliger het lokaal beleid beïnvloeden?
4 tips om te starten

Denk je er als erfgoedvrijwilliger aan om initiatief te nemen in aanloop naar de lokale verkiezingen van oktober 2024? Ontdek dan onze 4 tips:

  1. Denk na of bespreek met collega-vrijwilligers wat je wil bereiken of wat je bedoeling is met een nota of initiatief om te wegen op het beleid in aanloop van de lokale verkiezingen:
  • Wil je aan de politici laten horen wat er leeft en wat erfgoedvrijwilligers nodig hebben?
  • Wil je heel concreet enkele voorstellen in partijprogramma’s of in het toekomstige meerjarenplan van de gemeente krijgen?
  • Of wil je een toekomstvisie formuleren over de rol van erfgoedvrijwilligers in de gemeente?

Deze drie doelen zijn stuk voor stuk relevant, maar vragen een verschillende aanpak en andere kennis:

  • een goed zicht op wat leeft bij erfgoedvrijwilligers;
  • inzicht in de werking van de gemeente en toegang tot de schepenen of verantwoordelijke ambtenaren;
  • kennis en expertise rond tendensen in erfgoedbeleid en lokaal beleid.
  1. Maak een lijstje van zaken waarop je wil reageren. Zijn er dingen die de voorbije jaren niet goed gingen of die je anders zou willen in de werking van je gemeente? Neem eventueel verslagen van voorbije vergaderingen bij de hand en maak een overzichtje van wat jullie de voorbije jaren allemaal deden. Denk anderzijds ook eens na over wat de meerwaarde van erfgoedvrijwilligers kan zijn in de toekomst, ten goede van de gemeente of stad als geheel, voor de inwoners, verschillende diensten of beleidsdomeinen (cultuur, onderwijs, lokale economie, toerisme, …). Ga je voor een reactieve aanpak, waarbij je oplossingen zoekt voor problemen waarmee je werking vandaag wordt geconfronteerd? Of kies je voor een proactieve aanpak, waarbij je naar de toekomstige meerwaarde van je werking verwijst?
  1. Bekijk het huidige meerjarenplan van je gemeente of stad. Je vindt dat zeker op hun website. Hoe is dat plan opgebouwd? Hoe zijn de doelstellingen gestructureerd? Hoe concreet zijn actieplannen en acties? Zoek niet alleen op ‘erfgoed’, maar kijk ook bij andere thema’s: openbare ruimte, trage wegen, toerisme, lokale economie, sport, … Plan een gesprek met de lokale ambtenaar of schepen verantwoordelijk voor openbare ruimte, sport, …. En is er in jouw regio een erfgoedcel actief, neem dan ook eens een kijkje in hun plannen.
  1. Kijk wat de jeugdraad, sportraad of andere adviesraden en organisaties in je gemeente doen in aanloop naar de verkiezingen. Een goede bron van inspiratie is de website www.dewakkereburger.be met o.a. tips voor de opmaak van een prioriteitenlijst voor de komende gemeenteraadsverkiezingen.

Samen met Histories aan de slag om concrete stappen te zetten? Neem deel aan ons kennis- en leertraject of volg onze webinars.

MEDEA als ‘crowdsourcing’ registratieplatform voor metaaldetectievondsten in Vlaanderen

Digitaal erfgoed van bodem tot cloud. De ontwikkeling van MEDEA als 'crowdsourcing' registratieplatform voor metaaldetectievondsten in Vlaanderen

Bladwijzer 18: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2016 • 18

In de bodem bevinden zich heel wat restanten uit het verleden. Met een metaaldetector kan eigenlijk iedereen deze archeologische nalatenschap opsporen. Sinds kort is dat ook wettelijk toegelaten. Het MEDEA-platform wil de vele detectievondsten online beschikbaar maken voor onderzoekers en het brede publiek. Zo wordt de hobby niet alleen een fijn tijdverdrijf, maar krijgt ze ook een wetenschappelijke meerwaarde. MEDEA is een driejarig project van de vakgroep Kunstwetenschappen en Archeologie (SKAR) en de onderzoeksgroep Sociale Media en Informatietechnologie (SMIT) aan de Vrije Universiteit Brussel en PACKED vzw.

Meer dan een pop-up: waardevolle en betaalbare erfgoedtentoonstellingen voor één dag

Meer dan een pop-up: waardevolle en betaalbare erfgoedtentoonstellingen voor één dag

Heel wat vrijwilligersorganisaties uit het brede culturele veld realiseren jaarlijks activiteiten waaronder tal van tentoonstellingen. Veel organisaties starten met een grote evidentie aan de realisatie van een tentoonstelling, eventueel in combinatie met andere media zoals een boek, een interview, een theaterstuk. Het organiseren van een expo is een grote uitdaging, die tal van acties bundelt. Het is veel werk, vergt veel energie en neemt een grote hap uit het budget. Veel tentoonstellingen zijn van korte duur, soms zelfs voor één dag. Heel vaak is de intentie er om een langer lopende expo te organiseren, maar is het niet haalbaar omwille van tal van praktische redenen zoals de beschikbaarheid van de ruimte of vrijwilligers. Ondanks de korte duur toch een waardevolle en duurzame erfgoedtentoonstelling op touw zetten, is dan ook een grote uitdaging.

Een standaard checklist voor het maken van een tentoonstelling is natuurlijk onmogelijk. Het specifieke karakter, de verschillende doelstellingen en de aanpak vereisen telkens maatwerk. Toch geven we hierbij 15 tips voor de realisatie van een expo-voor-één-dag. We treden uit onze comfortzone en zetten in op het versterken van publieksparticipatie en verbinding met de buurt of gemeenschap. Deze lijst is niet sluitend, het is een raamwerk voor het realiseren van betekenisvolle expo’s. We denken na over wat een tentoonstelling is of kan zijn. De 15 tips zijn allen evenwaardig. De volgorde is deels gebaseerd op de verschillende stappen in het proces van de realisatie. Ze zijn bovenal een pluim voor alle gedreven vrijwilligers die het cultuur-erfgoedveld kleuren met tal van interessante activiteiten, om hen goesting te geven in een actievolle toekomst!

Eerder verschenen in "Bladwijzer 22: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen mei 2018" 

Mogelijkheden en beperkingen van staten van goed in het historisch onderzoek

Over wezen en wafelijzers: mogelijkheden en beperkingen van staten van goed in het historisch onderzoek

Bladwijzer 2: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2011 • 02

Dit artikel gaat dieper in op de formele kenmerken, de vormingsgeschiedenis en de representativiteit van staten van goed. Via een diepte-analyse van honderden boedels uit de Aalsterse regio, probeert dit artikel stap voor stap de staten van goed te ontleden. Van belang is dat deze studie een grotere reikwijdte heeft, ver voorbij de regionale grenzen. Ook andere regio’s uit het voormalige graafschap komen voor het voetlicht. Het is de intentie om de lezer een leidraad te geven bij het onderzoek van boedels en te wijzen op de mogelijkheden en beperkingen van deze rijke bron.

Nieuws van de Groote Oorlog voor heemkundigen

Nieuws van de Groote Oorlog voor heemkundigen

Bladwijzer 15: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2015 • 15

Geïnteresseerd in de Groote Oorlog? Via de website www.archief.be, met als titel Nieuws van de Groote Oorlog, krijg je toegang tot meer dan 360.000 pagina’s Belgisch persmateriaal uit de Eerste Wereldoorlog. Zeventien organisaties uit Vlaanderen werkten twee jaar lang aan het inventariseren, digitaliseren en online brengen van honderdduizenden krantenpagina’s uit 1914-1918. Het project stelt de informatie uit deze kwetsbare nieuwsbladen veilig voor toekomstige generaties en zet het digitale erfgoed van de Eerste Wereldoorlog internationaal op de kaart. De uitwisseling van begin 2016 met het project Belgian War Press zal bovendien dit unieke persmateriaal voor het eerst in zijn totaliteit samenbrengen. Nieuws van de Groote Oorlog realiseert op die manier een van de grootste databanken ter wereld met persmateriaal uit 1914-1918, dat dankzij een projectsubsidie van de Vlaamse overheid ook doorzoekbaar is in het Engels, Frans en Duits.

Op zoek naar bronnen voor sportgeschiedenis

Een duik in het sportieve leven van Vlaanderen. Op zoek naar bronnen voor sportgeschiedenis

Bladwijzer 12: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2014 • 12

Geschiedenis is een onderwerp dat niet iedereen bekoort. Wie zijn publiek toch wil boeien, kan het proberen met populaire onderwerpen zoals sport. Een artikel of reeks artikelen schrijven over de geschiedenis van lokale sportdisciplines of – verenigingen behoort tot de mogelijkheden. Maar hoe begin je daaraan?

Op zoek naar digitale bronnen

Op zoek naar digitale bronnen

Bladwijzer 7: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2013 • 07

In februari 2013 maakten het Algemeen Rijksarchief en de Rijksarchieven in de Provinciën miljoenen akten en parochieregisters online raadpleegbaar. Het titanenwerk is nog niet volledig afgerond, maar op termijn worden meer dan vijftien miljoen pagina’s genealogische bronnen gratis toegankelijk en dat na slechts een handvol klikken met de muis. Het online plaatsen van deze registers, akten en tafels is het laatste voorbeeld van een voorlopig nog zeer klein, maar steeds groeiend aandeel bronnen dat elke lokale historicus op zijn/haar computerscherm kan toveren. Het is echter moeilijk om de bomen door het digitale bos te zien. Deze bijdrage wil in vogelvlucht enkele belangrijke digitaliseringsprojecten die ook relevant zijn voor lokale historici overschouwen.

Parochieverslagen over de Eerste Wereldoorlog

Parochieverslagen over de Eerste Wereldoorlog. Een goudader voor lokale geschiedschrijving

Bladwijzer 10: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen maart 2014 10

Honderd jaar na het begin van de Eerste Wereldoorlog worden ontelbare grote en kleine projecten gelanceerd die de geschiedenis van die oorlog evoceren. Nu de laatste generatie rechtstreekse getuigen bijna helemaal is uitgestorven, zijn verhalende bronnen die tijdens of vlak na de oorlog tot stand kwamen voor historici van cruciaal belang. Persoonlijke notities en dagboeken uiteraard, maar ook bronnen die laten zien hoe de oorlog vier jaar lang het leven in dorpen en steden ontwrichtte. Als spilfiguren in de lokale gemeenschappen van toen waren de pastoors bevoorrechte waarnemers om verslag te doen over de impact van die oorlog op het dagelijks leven in hun parochies. Wat zij over de oorlogsjaren neerschreven is zonder meer een belangrijke bron voor wie aan de slag wil met de geschiedenis van zijn dorp of stad tijdens de Groote Oorlog

Publieksfeedback: verhoog de kwaliteit van jouw erfgoedactiviteiten

Publieksfeedback: verhoog de kwaliteit van jouw erfgoedactiviteiten

Bladwijzer 23: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen september 2018 • 23

Publieksbevraging, waarom zou je dat doen? Zoiets vraagt toch veel tijd. Je moet op voorhand vragenlijsten opstellen en je moet zorgen dat je mensen hebt om de vragenlijsten af te nemen van je publiek. Want als je deelnemers gewoon een blad meegeeft, krijg je toch niets terug. En achteraf moet je de feedback die je kreeg ook nog eens verwerken of het blijft dode letter.

Wel, het hoeft niet zo zwaar te zijn! En er zijn genoeg redenen om je publiek te vragen hoe zij je activiteiten ervaren. Wil je meer kunnen denken vanuit je publiek bij het organiseren van activiteiten? Wil je de kwaliteit van je activiteiten verbeteren? Wil je prikkels om als vereniging eens buiten de vaste kaders te denken? Of misschien droom je er wel van om de dialoog te kunnen aangaan met je publiek, maar lijkt dat een ver-van-je-bed-show? Het zijn allemaal motivaties om eens na te denken over het bevragen van je publiek én er zijn heel wat verschillende manieren om ermee aan de slag te gaan. Ook met weinig mensen, middelen en tijd!

In dit artikel loodsen we je langs enkele voorbeelden en manieren om met publieksbevraging in dialoog te gaan. Pik eruit wat voor jouw vereniging kan werken.

SketchUp en erfgoed

SketchUp en erfgoed

Bladwijzer 8: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2013 • 08

Op enthousiast initiatief van Carlo Jengember van de Koninklijke Vereniging voor Natuur- en Stedeschoon en Heemkunde Vlaanderen werd in 2012 in Wieze een initiatie rond SketchUp op touw gezet. Achteraf vond deze initiatiecursus plaats in Izegem, Landen, Genk en Lier. Lesgever van dienst was Rik Vermeir van de heemkring van Wieze. Hij kon steeds rekenen op een enthousiast en leergierig publiek. Wat volgt, is een bondige uiteenzetting van het 3D-ontwerpprogramma SketchUp en hoe je het kan toepassen op erfgoed.

Sociale media: een inleiding voor heemkringen

Sociale media: een inleiding voor heemkringen

Bladwijzer 2: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2011 • 02

Vandaag kan je geen krant of tijdschrift meer openslaan of er wordt over ‘sociale media’ geschreven. Blogs, Facebook en Twitter maken of kraken het nieuws. Sommigen beweren dat een nieuwe vorm van communicatie onze richting uitkomt. Een enkeling vergelijkt Facebook-baas Mark Zuckerberg al met Gutenberg.

Maar wat kunnen sociale media betekenen voor heemkringen? Op welke manier kan je het draagvlak voor heemkunde in jouw gemeente, stad of dorp vergroten? Wat kan je met Facebook en wat niet? Is een blog een goed idee en hoe kan je dat dan het beste aanpakken? Hoe schrijf je over heemkunde in 140 Twitter-karakters?

Op 7 juni 2011 organiseerde Heemkunde Vlaanderen in Lier een workshop over sociale media voor heemkringen. Docent Jan Seurinck* wijdde er een twintigtal geïnteresseerde heemkundigen in in de geheimen van de sociale media. Dit artikel is gebaseerd op de uiteenzetting van deze workshop.

Straf- en zuiveringsdossiers na WO II als bron voor lokale geschiedschrijving

Straf- en zuiveringsdossiers na WO II als bron voor lokale geschiedschrijving

Bladwijzer 5: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen augustus 2012 • 05

De bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog (WO II) blijft een belangrijk thema voor de lokale geschiedschrijving. Nu de eersterangsgetuigen schaars worden, zullen we terugvallen op bepaalde essentiële bronnen. De straf- en zuiveringsdossiers zijn hiervan misschien wel de meest belangrijke. Beide bronnen bevatten informatie die uniek is: zowel tijdsdocumenten als getuigenverklaringen van kort na de bevrijding. Op dit moment is de toegankelijkheid van beide bronnen voor onderzoekers beperkt. Niettemin is duidelijk dat als beide bronnen in de nabije toekomst breder toegankelijk worden, dit zal leiden tot totaal nieuw lokaal onderzoek over WO II. Dit korte artikel wil basisrichtlijnen geven over het gebruik van deze complexe en delicate bronnen.

Archief

Strategieën om archieven en collecties eeuwig te bewaren

Bronnen voor de toekomst. Strategieën om archieven en collecties eeuwig te bewaren

Bladwijzer 10: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen maart 2014 10

‘Ze schrijven geschiedenis’ wordt wel eens geroepen als een voetbalclub een belangrijke wedstrijd wint. Men bedoelt dan dat het winnen van die wedstrijd wel eens een mijlpaal kan zijn in de voetbalgeschiedenis of de geschiedenis van de club. De gebeurtenis is uiteraard een deel van de geschiedenis, maar kan pas onderdeel uitmaken van de geschiedschrijving als we er nog naar kunnen teruggrijpen. Het beschrijven van het verleden gebeurt immers niet in het wilde weg, maar op basis van historische documenten. Zonder bronnenmateriaal, geen geschiedschrijving.

Deze bronnen zijn te vinden in verschillende vormen: foto’s geven een beeld van hoe het vroeger was, verslagen verwijzen naar beslissingen en acties, ledenlijsten werpen een blik op het ledenbestand, affiches verhalen van evenementen, voorwerpen herinneren aan gebeurtenissen, krantenknipsels laten zien wat de pers belangrijk vond, verhalen brengen een persoonlijke kijk op het verleden tot leven, boeken en tijdschriften geven weer wat publiek verspreid werd. Zo kan een genuanceerd beeld gevormd worden van de maatschappij jaren, decennia of eeuwen geleden. Deze bronnen maken deel uit van grotere gehelen, namelijk archieven en collecties. Doordat ze samen ontstaan en bewaard zijn, vullen ze elkaar aan.

Studiedag vrijwilligerswerking in lokale erfgoedorganisaties

Studiedag vrijwilligerswerking in lokale erfgoedorganisaties

Bladwijzer 12: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2014 12

Op 24 mei 2014 vond in Lamot (Mechelen) een studiedag plaats georganiseerd door Heemkunde Vlaanderen en Herita. Vijftig deelnemers volgden de dag, die in het teken stond van het thema vrijwilligerswerking. Hoe voer je anno 2014 een goed vrijwilligersbeleid voor je lokale erfgoedorganisatie? Hoe rekruteer en onthaal je nieuwe (jonge) vrijwilligers? Hoe zorg je ervoor dat die nieuwe (jonge) vrijwilligers blijven komen en gemotiveerd blijven? Hoe hou je rekening met de ‘nieuwe vrijwilliger’? Op al deze vragen en nog veel meer kregen de deelnemers een antwoord.

Tentoonstellen voor beginners

Tentoonstellen voor beginners

Bladwijzer 7: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen april 2013 • 07

Plannen voor een tentoonstelling? Maak dan een gedetailleerd draaiboek en een weloverwogen en goed uitgewerkte planning. De nuttige informatie en praktische tips uit deze bijdrage helpen je alvast op weg. Dit artikel verschijnt naar aanleiding van de cursus ‘Tentoonstellen voor beginners’ die in oktober en december 2012 werd georganiseerd door FARO, Herita, Heemkunde Vlaanderen, Stichting Open Kerken en Davidsfonds Evenementen. Het artikel is geen exacte weergave van de cursus, maar dient als aanvulling bij de inzichten die door Ward Denys tijdens de cursus werden aangereikt. De cursus was een succes. Er waren 124 deelnemers in een van de vijf provincies. De deelnemers waren enthousiast over de presentatie van Ward Denys, scenograaf bij de firma Exponanza.

We danken hem en KUNSTWERKT voor het ter beschikking stellen van hun expertise.

Veilig omgaan met wachtwoorden

Veilig omgaan met wachtwoorden

Bladwijzer 23: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen september 2018 • 23

Zowel in je privé- als beroepsleven heb je voor de computersystemen en websites die je gebruikt vaak een wachtwoord nodig. Al die verschillende wachtwoorden zijn moeilijk te onthouden. Het bijhouden van al die wachtwoorden creëert nieuwe veiligheidsrisico’s. Ze bewaren op een blad of in een document is geen goed idee. Dit artikel maakt je wegwijs in hoe je sterke en veilige wachtwoorden kunt aanmaken, hoe je kunt controleren of je wachtwoord veilig en sterk is, wat een password manager is en hoe je die kunt gebruiken. Met een voorbeeld in zijn offline- en on-linevariant tonen we hoe je die ook kunt inschakelen in je eigen situatie.

Verdwenen stokerijen in kaart: bronneninventaris voor lokaal onderzoek

Verdwenen stokerijen in kaart: bronneninventaris voor lokaal onderzoek

Bladwijzer 12: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2014 12

Jenever is dé nationaal gedistilleerde drank van België. Elke gemeente telde halverwege de 19de eeuw wel een of meerdere (landbouw)stokerijen. Nu rest er nog slechts een handvol actieve stokerijen in België. De geschiedenis van de jenever kan je ontdekken in het Jenevermuseum in Hasselt dat eind 2014 grondig werd vernieuwd. Het museum wil de bezoeker een meer belevingsvolle weergave bieden van het verhaal van deze geestrijke drank.

Een van de nieuwigheden is een interactieve kaart waarop je op zoek kan gaan naar informatie over stokerijen in je gemeente of regio. Op de kaart vind je zowel verdwenen als nog bestaande stokerijen en likeurfabrieken in België, Nederland, Frans-Vlaanderen en een stukje Duitsland, de gebieden waar jenever volgens de Europese, beschermde oorsprongsbenaming geproduceerd mag worden.

Het Jenevermuseum heeft de ambitie deze kaart verder uit te breiden om zo het enorme stokerijen-verleden te inventariseren. Lokaal onderzoek naar jenever(stokerijen) is daarbij erg waardevol. Maar hoe kom je de geschiedenis van lokale stokerijen op het spoor?

Een gids gaat in interactie met het publiek

Virtual en augmented reality in het aanbod van erfgoedverenigingen

Virtual en augmented reality in het aanbod van erfgoedverenigingen

Virtual en augmented reality zijn technologieën die de afgelopen jaren hun opgang maakten en nu steeds meer hun ingang vinden in allerlei domeinen, waaronder ook het erfgoedveld. Voor de reeks Spraakmakers zochten we uit wat virtual en augmented reality-technologieën kunnen betekenen voor erfgoedvrijwilligers.

Hoe kunnen virtual en augmented reality het werk van erfgoedvrijwilligers in de toekomst veranderen? Welke uitdagingen en mogelijkheden brengen deze technologieën met zich mee? En hoe kunnen erfgoedverenigingen de technologieën inzetten om hun aanbod te verrijken?

In enkele artikels ontdek je wat er al bestaat en vind je inspirerende voorbeelden om er ook zelf als erfgoedvrijwilliger mee aan de slag te gaan.

SPRAAKMAKENDE VOORBEELDEN IN HET ERFGOEDVELD

Om deze vragen te verkennen gingen we in gesprek met vier mensen: Paul Van de Velde (Heemkring de Semse), Bram Wiercx (Faro), Iason Jongepier (Universiteit Antwerpen) en Dani¨el Pletinckx (Visual Dimension). Ze bieden elk een ander perspectief vanuit hun eigen achtergrond: Van de Velde als erfgoedvrijwilliger, Wiercx vanuit de gesubsidieerde erfgoedsector, Jongepier als academisch onderzoeker en Pletinckx vanuit de private sector. Allemaal waren of zijn ze betrokken bij VR/AR-projecten in de erfgoedsector.

een man met grijs haar en een zwr-arte trui kijkt naar de camera en typt op een laptop

Paul Van de Velde

Van de Velde vertelde ons over de virtuele tour met 360°-fotografie van Zemst en omliggende dorpen. Daarnaast biedt de kring ook wandelingen aan met de ErfgoedApp, waarbij je via je smartphone meer te weten komt over het Zemstse erfgoed. Bram Wiercx gaf meer toelichting bij hoe die app ontstaan is en wat je ermee kan doen. Jongepier vroegen we naar Virtuafort, een project waarbij je met VR kan rondwandelen in het zeventiende-eeuwse fort Lillo. Tot slot interviewden we Pletinckx over de virtuele 3D-reconstructie van site Raversyde in 1915 en 1917.

Allemaal keerden ze zich tot VR en AR omdat ze hun aanbod ermee kunnen uitbreiden én verrijken. Daarvoor gingen ze op zoek naar historisch materiaal in hun eigen collectie of verrichten ze nieuw onderzoek, om op basis daarvan digitale toepassingen uit te werken (meer hierover lees je in dit artikel). In dit artikel gaan we dieper in op de plaats die het resultaat krijgt in het erfgoedaanbod.

 

In een notendop

  • Virtual en augmented reality bieden erfgoedverenigingen de mogelijkheid om hun aanbod niet alleen uit te breiden, maar ook te verrijken. Deze technologieën maken het mogelijk om erfgoed op een nieuwe, interactieve manier te presenteren, wat kan leiden tot een bredere betrokkenheid van het publiek.
  • VR en AR worden in verschillende erfgoedcontexten toegepast, zoals virtuele tours, erfgoedwandelingen, reconstructies van historische sites en interactieve museumervaringen.
  • Deze technologieën bieden niet alleen de mogelijkheid om verhalen op maat van verschillende doelgroepen te vertellen, maar ook om erfgoedverhalen te brengen op locatie en het verleden opnieuw zichtbaar te maken.

 

Een rood, blauwe infographic rond virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers als project van Histories voor de reeks Spraakmakers van Digitaal Werken voor Erfgoedvrijwilligers

De vier ervaringsdeskundigen

PLAATS IN DE WERKING VAN JE AANBOD

Een virtual of augmented reality-tool wordt niet zomaar ontwikkeld omdat het kan. Het dient een bepaald doel. Of het nu gaat om een nieuwe manier van erfgoed ontsluiten of om een grotere betrokkenheid met dat erfgoed mogelijk te maken, de VR- en AR-tools krijgen een plaats in de werking van erfgoedverenigingen en -instellingen.

Op welke manier verrijken die tools de dienstverlening? De vier ervaringsdeskundigen die we voor Spraakmakers interviewden, zien elk hun eigen voordelen in het gebruik van virtual en/of augmented reality.

‘Dat is heel belangrijk als je een virtual reality applicatie maakt, in welke vorm dan ook, dat je altijd kijkt naar welke toegevoegde waarde dat heeft voor je publiek, voor de gids, voor degene die het gebruikt, educatief of toeristisch of wat dan ook.’ – Daniël Pletinckx

Infographic met geel, rood en groen, over virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers

Een VR- of AR-project in vijf stappen

DE SEMSE TREKT DE DIGITALE KAART

Een digitaal aanbod pal op de homepage

Zemst: prachtig virtueel heeft een prominente plaats in het aanbod van Heemkring de Semse. Op de thuispagina van hun website kan je er niet naast kijken. Met een paar kliks ontdek je verschillende erfgoedgebouwen in Zemst en nabijgelegen dorpen. De Semse vindt het belangrijk dat mensen makkelijk, ‘vanuit hun luie zetel’, de virtuele tour kunnen volgen. Het erfgoed van Zemst is met andere woorden steeds binnen handbereik.

Zemst: prachtig virtueel gaat altijd op de homepage blijven.’ – Paul Van de Velde

Een kasteel in het groen met blauwe lucht, in vogelvlucht

Een beeld uit de virtuele tour van de Semse

Ook de tochten met de ErfgoedApp vind je makkelijk terug op hun website. Met de app kan de Semse nu eenvoudig haar historische kennis delen buiten het museum. Als je luistert naar een erfgoedverhaal op de plek waar het zich afspeelde, heeft dat vaak meer kracht dan als je erover leest op een plaatje in een museum.

Een museumzaal met een vitrine gevuld met fossielen

De Bos van Aa-zaal in het museum van de Semse

Binnen het aanbod van de Semse zorgen de wandelingen en fietstochten met de ErfgoedApp ervoor dat mensen erop uit trekken om het Zemstse verleden te ontdekken. Daarnaast zorgt het gebruik van de ErfgoedApp in het museum zelf er ook voor dat bezoekers op hun eigen tempo de vaste tentoonstelling met gidsing kunnen ontdekken, zonder dat de Semse daarvoor twee mensen moet optrommelen.

‘De virtuele webomgeving is een technologie voor een bezoek vanuit je luie stoel. De ErfgoedApp neem je mee op je smartphone en bekijk je onderweg.’ – Paul Van de Velde

De voordelen van een digitaal aanbod

Belangrijk bij de tochten is dat verschillende media gecombineerd worden. In tegenstelling tot een papieren gidsboekje, maakt de app gebruik van audio, beeld en film. Bovendien heeft de keuze voor een digitale drager voor de Semse heel wat andere voordelen. Zo hoef je bij elke aanpassing van je gids-informatie niet steeds opnieuw een nieuwe versie laten drukken, wat geld kost.

Een papieren boekje moet je als wandelaar ook extra meenemen, terwijl je smartphone sowieso al in je broekzak zit. Omdat de app steunt op GPS-systemen is het bovendien veel moeilijker om verkeerd te lopen in de route, terwijl een papieren gidsboekje je niet terug op het juiste spoor kan zetten.

‘Het is een medium dat vandaag ook aanspreekt.’ – Paul Van de Velde

Anders dan in het traditionele aanbod, brengen de virtuele tour en de tochten met de ErfgoedApp het erfgoed op een andere manier aan. Er zijn nu ook simpelweg meer opties voor mensen die de geschiedenis en het erfgoed van Zemst willen ontdekken.

Voor de kring zit er vooral een grote meerwaarde in het digitale aspect van de gebruikte technologieën, zo blijkt uit het gesprek met Van de Velde. Beide toepassingen lijken aanlokkelijker voor het publiek dan het originele aanbod. De kring ziet dat aan de verjonging van haar publiek. Bij hun 600-tal volgers op Facebook hebben er 60 procent een leeftijd onder de vijftig jaar.

Een kleine twee maanden na haar lancering telde de virtuele tour al een 400 à 500 bezoekers en tijdens de coronaperiode namen zo’n 1000 mensen deel aan een tocht in de ErfgoedApp. Voor de Semse is het duidelijk dat VR en AR niet alleen haar aanbod verrijken, maar ook haar publiek.

De voornaamste kracht ligt voor de Semse in het feit dat haar historische kennis buiten de muren van het museum treedt en zo mensen aanspreekt die normaal gezien niet naar het museum komen. Mensen stappen enkel het museum binnen als er iets groots of spectaculairs te zien valt, maar zulke tentoonstellingen passeren niet elke dag.

Omdat de virtuele tour en de tochten met de ErfgoedApp op een andere, ‘modernere’ manier prikkelen, vindt een breder publiek toch haar weg naar de kring. Dat wil niet per se zeggen dat de bezoekersaantallen stijgen, maar wel dat wanneer er toch een grootsere tentoonstelling doorgaat, deze groep meer geneigd zal zijn om ook naar het fysieke museum te trekken.

‘Het is een nieuwe manier om heemkunde in de kijker te brengen. Ook naar een jonger publiek toe, die dan misschien niet onmiddellijk naar hier komen, maar die dan toch de heemkring leren kennen. Ze weten dat we bestaan. En als we dan iets bijzonders tonen, zullen ze ook makkelijker de weg naar onze kring vinden.’ – Paul Van de Velde

Voor de Semse zijn de virtuele tour en de ErfgoedApp manieren om de kring op een andere manier in de kijker te zetten en zo het oubollige imago van een heemkring van zich af te schudden.

Binnenzicht in de trappenhal van een kasteel

Beeld uit de virtuele tour van de Semse

MET DE ERFGOEDAPP IN DE HAND

Interactieve verhalen

Bram Wiercx komt vaak in contact met erfgoedverenigingen die met de ErfgoedApp aan de slag gaan. Hij ziet voor deze vrijwilligers tal van mogelijkheden om met de app hun dienstverlening te verrijken. Net zoals Heemkring de Semse kunnen erfgoedverenigingen  met de app multimediale verhalen brengen in hun museum of bij een wandeltocht.

Je kan daar ook heel wat interactieve features aan toevoegen, zoals bijvoorbeeld ‘scratch’. Daarmee kan je een afbeelding wegkrassen, ‘een beetje zoals een kraslot’. Ook kunnen erfgoedvrijwilligers hun verhaal vormgeven via een gamification module in de app of kunnen ze bezoekers opdrachten geven, zodat ze het erfgoed op een actievere manier leren kennen. Met de app kan je de verhalen die je vertelt dus een extra, interactieve laag bezorgen.

‘De gebruiker die de tentoonstelling bezoekt, wandelt door het museum, komt in een ruimte en krijgt eigenlijk automatisch een selectie van al die informatie die er beschikbaar is: audio of video of wat dan ook.’ – Bram Wiercx

Tentoonstellingen precies op jou afgestemd

In een museumcontext zijn er nog enkele mogelijkheden waarmee je het potentieel van de app kan benutten. In een vitrine is het soms moeilijk om elk klein voorwerp apart te scannen. Daarom kan je werken met nummertjes, waarbij elk nummertje verbonden is aan zowel één voorwerp als de bijhorende informatie.

De app biedt ook een audiosync-optie. Wanneer in een museum (of elders) een video in een loop getoond wordt, kan je op eender welk moment het beeld van dat filmpje even scannen. Dan zal je automatisch de bijhorende audio krijgen. Die functie is meertalig, wat wil zeggen dat verschillende mensen het filmpje tegelijkertijd in verschillende talen kunnen bekijken.

‘Zo kan je eigenlijk met meerdere bezoekers samen naar een video luisteren zonder dat je de film moet herstarten of een bepaalde taalkeuze moet maken.’ – Bram Wiercx

Iemand houdt met zijn handen een smartphone vast waarop een doventolk te zien is

De ErfgoedApp biedt ondersteuning met een doventolk

Omdat de verhalen in de app niet ‘standaard’ zichtbaar zijn, maar wel opgeroepen kunnen worden, zorgt dat ervoor dat je met de app de toegankelijkheid van een tentoonstelling kan verhogen. Een tentoonstelling en de bijhorende scenografie worden eenmalig vastgelegd en daarna niet meer aangepast.

Door te werken met de ErfgoedApp kan je verschillende lagen binnen de tentoonstelling creëren. Zo kan je je tentoonstelling laten ondersteunen door een filmpje met Vlaamse Gebarentaal of kan je een verhaal brengen specifiek op maat van kinderen.

De app laat je toe om het bestaande, vaste parcours te diversifiëren en om één groot, monotoon verhaal te vermijden. Bovendien voorkom je met de app zwaarbeladen tentoonstellingszalen, want je hoeft niet overal tekstbordjes, filmpjes of audioguide-punten te voorzien.

Erfgoed actief ontdekken

De grootste troef van de app, zegt Wiercx, is dat hij ervoor zorgt dat ‘mensen iets doen’. Het draait niet om een virtuele beleving waarbij de gebruiker enkel en alleen in de app-omgeving blijft. De app zorgt er net voor dat je wel verbonden blijft met je fysieke omgeving. Door het toevoegen van een digitale laag aan de werkelijkheid creëert de app interactie en toegankelijkheid en stijgt de betrokkenheid met het erfgoed.

‘Het is hier geen virtuele beleving, het is een echte beleving. (…) De inhoud van de app speelt zich niet alleen af binnen de app, maar is juist verbonden met de omgeving. Dat is denk ik het mooie. Het is niet enkel een beleving op je smartphone. Het helpt net om erfgoed beter te begrijpen, om de interactie aan te gaan en om het allemaal bij elkaar te brengen.’ – Bram Wiercx

Daarnaast ziet Wiercx ook veel belang in de mogelijkheid om het onzichtbare zichtbaar te maken. Er zijn heel wat historische gebeurtenissen/objecten/landschappen die je vandaag niet meer kan ‘zien’. Omdat de app steeds een digitale laag toevoegt aan de werkelijkheid, kan je die onzichtbaarheden terug oproepen.

‘Het is een duurzame manier om die content levend te houden.’ – Bram Wiercx

Wanneer de tour geactiveerd is, stopt het verhaal voor het maakproces voor de erfgoedvrijwilligers nog niet. Mensen moeten immers de tour in de app kunnen vinden; ze moeten weten dat die bestaat. Daarom is het belangrijk dat makers hun tour communiceren en promoten, liefst met een lanceringsmoment.

Bram Wiercx geeft aan dat het voor vrijwilligers zinvol kan zijn om daarbij te kijken naar de gemeente, omdat die samenwerking er meestal al is. Ook werkt het vaak om een persbericht uit te sturen. Ter plekke kan je ook erfgoedbordjes laten plaatsen, waardoor passanten zien dat ze er de ErfgoedApp kunnen gebruiken.

Wiercx hamert daarom op een dubbele weg van communicatie: ter plekke een bordje voor toevallige passanten en via verschillende communicatiekanalen om je eigen publiek er bewust naartoe te leiden.

GEGIDST DOOR HET VERLEDEN

Virtueel reizen in de tijd

Zowel in Fort Lillo als op de site van Raversyde gebruiken (vrijwillige) gidsen de ontwikkelde virtual reality-omgevingen als ondersteuning voor de uitleg die ze geven. Het resultaat van het project Virtuafort heeft vandaag de functie van een toeristische tool.

Mensen kunnen er enerzijds een blik werpen in de toekomst, wat deel uitmaakt van het project Recapture the Fortress Cities. Anderzijds kunnen ze virtueel reizen naar het verleden, waarvoor Iason Jongepier en zijn collega’s historisch onderzoek voerden in het kader van het Antwerp Time Machine-project.

Voor Jongepier heeft dit niet alleen zin als visualisering van het verhaal dat de gidsen vertellen, maar kan het interessant zijn om de ontwikkelingsfase van de tool als uitgangspunt voor de uitleg te nemen. Het kan boeiend zijn om te vertellen hoe tot bepaalde reconstructies gekomen wordt. Zo leert de bezoeker de site kennen vanuit een andere invalshoek.

mensen kijken naar een animatie van munitie die wordt voorbereid

Een gids projecteert de virtuele omgeving op een muur

In het Atlantikwall-museum in Raversijde gebruiken gidsen van de Oostendse gidsenvereniging De Lange Nelle de VR-omgeving om groepen rond te leiden op de site. In een bunker projecteren ze de omgeving op een van de muren. Met een game controller kunnen ze dan naar believen rondwandelen in de virtuele wereld en enkele animaties afspelen (zoals het klaarmaken van munitie).

Vervolgens trekken ze met de groep de site in en maken ze dezelfde tour als die ze net in VR zagen. Zo kan de gids makkelijk terugverwijzen naar wat er vandaag niet meer is, maar wat de bezoekers wel hebben kunnen zien in de virtuele reconstructie.

Individuele bezoekers zien de virtuele omgeving op een tablet

Individuele bezoekers zien de virtuele omgeving op een tablet

Ook individuele bezoekers kunnen gebruik maken van de VR-toepassing, maar op een andere manier. Zij kunnen een tablet van het museum gebruiken waarbij de VR gebruikt wordt als AR. Op bepaalde locaties kunnen ze dan op de tablet zien hoe het er daar uitzag een eeuw geleden en krijgen ze daar extra uitleg bij.

‘De gidsen gebruiken het als een soort interactieve prentenboek. Ze gebruiken die uiteindelijk naar eigen zin en naar eigen vermogen.’ – Daniël Pletinckx

De troeven van een VR-omgeving

Voor de gidsen heeft de tool een heel aantal voordelen. In de eerste plaats vormt een virtuele omgeving geen lineair verhaal. Het is niet ‘voorgekauwd’, zoals Pletinckx het verwoordt. Daardoor heeft de gids erg veel vrijheid in het verhaal dat die vertelt en is het ook makkelijk om in te spelen op het publiek dat voor je zit.

Een klas, een groep senioren, een groep WOI-experten, een vriendengroep… Ze hebben allemaal een andere aanpak nodig. Met de VR-omgeving heeft de gids alle mogelijkheden en kan die zelf kiezen hoe kort of lang die de tour maakt en waar die wel of geen (extra) uitleg geeft.

De tool laat ook toe om bezoekers bepaalde plaatsen te tonen die fysiek niet toegankelijk zijn of om te demonstreren hoe munitie werd voorbereid, iets dat fysiek helemaal niet mogelijk is. Hier kan je heel makkelijk terug naar verwijzen tijdens de fysieke tocht op de site.

‘Dat is ook het voordeel ook aan virtual reality: er zit dan niks voor je voorgekauwd in.’ – Daniël Pletinckx

Voor de bezoeker ligt de kracht van de VR-omgeving vooral in de visuele component ervan. Pletinckx legt uit dat een menselijk geheugen namelijk erg visueel ingesteld is. Mensen zullen iets veel beter in het verleden kunnen plaatsen als ze dat visueel doen dan als ze zouden moeten zeggen waar iets zich ergens op een tijdlijn bevindt.

Door met virtual reality de site in Raversyde aanschouwelijk te maken zoals ze vroeger was, zorgen Daniël Pletinckx en zijn collega’s ervoor dat de historische context de bezoeker veel meer bijblijft dan wanneer ze gewoon op de site zelf zou rondwandelen. Bovendien creëert het interactieve karakter van de VR voor de bezoeker een grote(re) betrokkenheid met het erfgoed zelf.

‘Je ziet nog de aanzet van het kanon, je ziet nog de vijzen uit de grond zitten. Maar het kanon is er natuurlijk niet meer.’ – Daniël Pletinckx

Virtual reality zonder VR-bril

Opvallend ten opzichte van andere VR-projecten is dat hier geen VR-bril gebruikt wordt, maar een projectie op de muur. Dat was een bewuste keuze. Enerzijds draagt dit een veel lagere kost met zich mee. Voor deze VR is enkel een projector, een computer en een game controller nodig.

Een gids gaat in interactie met het publiek

Een gids gaat in interactie met het publiek

Bij VR-brillen zou de prijs al heel snel hoog oplopen omdat niet alleen de brillen aangeschaft moeten worden, maar ook de nodige besturingssystemen. Dat vraagt ook bijkomend personeel om de VR-brillen te kuisen na elk gebruik.

Een VR-projectie leent zich bovendien tot sociale interactie. Wanneer je een VR-bril op hebt, beleef je de virtuele omgeving op een individuele manier. Hoewel dat qua ruimtelijke ervaring zeker meer kwaliteit biedt, verlies je het aspect van een museumbezoek als groepsgebeuren.

Omdat de gidsen werken met een projectie, krijgt de menselijke factor veel meer ruimte. De gids kan hun toehoorders zien en daardoor ook aanvoelen of ze kunnen volgen. De dynamiek binnen een groep met gids blijft aanwezig, wat niet het geval is met een VR-bril.

‘Als ik een gids ben en iets vertel, dan wil ik mijn toehoorders zien, want ik kan aan hun ogen zien of ze mij begrepen hebben. (…) Ik moet op zijn minst kijken: landt mijn verhaal? Verstaan ze wat ik vertel? Als je dan iedereen zou opsluiten in een VR bubbel met een VR headset, dan kan je dat niet.’ – Daniël Pletinckx

‘Hoe werkt dit?’

Pletinckx benadrukt dat de meerwaarde van de virtual reality-omgeving zich zeker niet beperkt tot enkel het gebruik, maar ook in de ontwikkelingsfase te vinden is. De 3D-reconstructie maakt de site zoals ze was in 1915 en 1917 terug aanschouwelijk.

Die reconstructie vergde heel wat historisch onderzoek, dus alleen al door het maken van VR/AR, leer je nieuwe dingen bij over je historisch materiaal. Je bestudeert immers je bronnen opnieuw en soms op een andere manier dan voordien.

‘Er was materiaal om dat te reconstrueren, maar veel van die dingen waren toch nog niet echt gekend. Bijvoorbeeld heel praktisch: Hoe zit dat in elkaar? Hoe werkt dat?’ – Daniël Pletinckx

Infographic in groen, rood en geel rond virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers met de toegevoegde waarde

De toegevoegde waarde van een VR- of AR-project

TOEGEVOEGDE WAARDE ALS RESULTAAT

Er is niet “één meerwaarde”: iedereen heeft een ander aanbod, dus het is niet verwonderlijk dat virtual en augmented reality op andere manieren gebruikt worden. Voor Paul Van de Velde is het een manier om met zijn heemkring een breder, ander en jonger publiek te bereiken, terwijl Iason Jongepier dan weer op een innovatieve manier historische data wil weergeven.

Alle vier de ervaringsdeskundigen doken in de wereld van VR en AR met hun eigen doel voor ogen. Die toegevoegde waarde is namelijk de belangrijkste reden om een VR- of AR-project te beginnen.

Benieuwd hoe de vier ervaringsdeskundigen de toekomstige relevantie van VR en AR voor erfgoedvrijwilligers inschatten? Je leest er meer over in dit artikel.

MEER LEZEN?

Ontdek ook de andere artikels die we in de reeks Spraakmakers schreven rond virtual en augmented reality:

MEER INFORMATIE

Afbeeldingen

De afbeeldingen genummerd op volgorde van boven- tot onderaan de pagina:

  1. © Paul Van de Velde, Paul van de Velde van Heemkring de Semse.
  2. © Histories, Infographic met de vier ervaringsdeskundigen.
  3. © Histories, Infographic voor een VR/AR-project voor erfgoedvrijwilligers in vijf stappen.
  4. © Herman Desmet Photography, Zicht op het Rubenskasteel in Zemst: prachtig virtueel, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  5. © Paul Van de Velde, De zaal rond het Bos van Aa in het museum van Heemkring de Semse.
  6. © Herman Desmet Photography, Zicht binnen in het Rubenskasteel in Zemst: prachtig virtueel, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  7. © Faro, Ondersteuning met Vlaamse Gebarentaal via de ErfgoedApp, via https://faro.be/blogs/bram-wiercx/maak-uw-erfgoedinstelling-toegankelijk-voor-doven-en-slechthorenden.
  8. © Visual Dimension, Een projectie van de VR-omgeving maakt duidelijk hoe munitie voorbereid werd, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.
  9. © Visual Dimension, Een tablet de VR-omgeving van site Raversyde voor individuele bezoekers, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.
  10. © Visual Dimension, Een gids gaat bij de VR-demonstratie in interactie met zijn publiek, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.
  11. © Histories, Infographic met de voordelen van VR en AR voor erfgoedvrijwilligers.

Websites

Zicht op het interieur van een kerk met een altaar en stoelen in de zijbeuk

Virtual en augmented reality in het erfgoedveld: van historische inhoud tot technologische toepassing

Virtual en augmented reality in het erfgoedveld: van historische inhoud tot technologische toepassing

Virtual en augmented reality zijn technologieën die de afgelopen jaren hun opgang maakten en nu steeds meer hun ingang vinden in allerlei domeinen, waaronder ook het erfgoedveld. Voor de reeks Spraakmakers zochten we uit wat virtual en augmented reality-technologieën kunnen betekenen voor erfgoedvrijwilligers.

Hoe kunnen virtual en augmented reality het werk van erfgoedvrijwilligers in de toekomst veranderen? Welke uitdagingen en mogelijkheden brengen deze technologieën met zich mee? En hoe kunnen erfgoedverenigingen de technologieën inzetten om hun aanbod te verrijken?

In enkele artikels ontdek je wat er al bestaat en vind je inspirerende voorbeelden om er ook zelf als erfgoedvrijwilliger mee aan de slag te gaan.

SPRAAKMAKENDE VOORBEELDEN UIT HET ERFGOEDVELD

Om deze vragen te verkennen gingen we in gesprek met vier mensen: Paul Van de Velde (Heemkring de Semse), Bram Wiercx (Faro), Iason Jongepier (Universiteit Antwerpen) en Daniël Pletinckx (Visual Dimension). Ze bieden elk een ander perspectief vanuit hun eigen achtergrond: Van de Velde als erfgoedvrijwilliger, Wiercx vanuit de gesubsidieerde erfgoedsector, Jongepier als academisch onderzoeker en Pletinckx vanuit de private sector. Allemaal waren of zijn ze betrokken bij VR/AR-projecten in de erfgoedsector.

een man met grijs haar en een zwr-arte trui kijkt naar de camera en typt op een laptop

Paul Van de Velde

Van de Velde vertelde ons over de virtuele tour met 360°-fotografie van Zemst en omliggende dorpen. Daarnaast biedt de kring ook wandelingen aan met de ErfgoedApp, waarbij je via je smartphone meer te weten komt over het Zemstse erfgoed. Bram Wiercx gaf meer toelichting bij hoe die app ontstaan is en wat je ermee kan doen. Jongepier vroegen we naar Virtuafort, een project waarbij je met VR kan rondwandelen in het zeventiende-eeuwse fort Lillo. Tot slot interviewden we Pletinckx over de virtuele 3D-reconstructie van site Raversyde in 1915 en 1917.

Allemaal keerden ze zich tot VR en AR omdat ze hun aanbod ermee kunnen uitbreiden én verrijken. Het resultaat van een VR- of AR-ontwikkeling krijgt namelijk een plaats in het erfgoedaanbod (meer daarover lees je in dit artikel). In dit artikel gaan we dieper in op hoe dat resultaat er gekomen is: het historische bronnenmateriaal en de vertaling ervan naar een technologische toepassing.

 

In een notendop

  • Augmented reality-projecten in het erfgoedveld vertrekken voornamelijk uit bestaande historische kennis. Erfgoedspelers vinden hiervoor historisch materiaal in hun eigen bibliotheek, archief of documentatie. Historische verhalen vormen vaak het vertrekpunt van hun project.
  • Virtual reality-projecten in het erfgoedveld vertrekken voornamelijk uit nieuw historisch onderzoek. Dat is nodig om een virtuele reconstructie tot in detail uit te werken. Historische omgevingen vormen vaak het vertrekpunt van hun project.
  • Omdat elk project anders is, verloopt ook de vertaling van historische inhoud tot technologische toepassing op verschillende manieren. Daarom is bij sommige projecten geen technische voorkennis nodig en bij andere wel en heeft niet elk project hetzelfde kostenplaatje.

 

Een rood, blauwe infographic rond virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers als project van Histories voor de reeks Spraakmakers van Digitaal Werken voor Erfgoedvrijwilligers

De vier ervaringsdeskundigen

ONTSLUITING VAN HISTORISCHE GEGEVENS

De vier projecten brengen allemaal historische gegevens in een virtuele omgeving of een augmented reality-toepassing. Hoewel die in elk project steeds het resultaat zijn van historisch onderzoek, verschillen ze inhoudelijk.

We waren nieuwsgierig naar het historische materiaal achter de toepassingen. Met wat voor soort historische inhoud gingen de vier projecten aan de slag? En hoe verwerkten ze historische informatie met het oog op de uiteindelijke digitale toepassingen?

BESTAANDE HISTORISCHE KENNIS

Eigen collectie…

Heemkring de Semse vertrekt voor haar virtuele tour en wandelingen door Zemst vanuit de eigen collectie, archief en bibliotheek. Voor de tochten met de ErfgoedApp gaat de kring in eerste instantie op zoek naar interessante plekken in Zemst en stippelt vervolgens wandellussen uit die die punten verbinden. Ze kunnen terugvallen op hun eigen documentatiemateriaal om elk van deze punten te voorzien van uitleg.

‘Dan moet je die punten gaan beschrijven en op basis van documentatie daar een verhaal van maken dat kort genoeg is, want je bent aan het wandelen, maar toch de informatie doorgeeft die je wil doorgeven.’ – Paul Van de Velde

De Semse zoekt allerlei gepast materiaal bij elkaar om hun verhaal bij elke plaats uit te werken, zoals foto’s en verschillende historische feiten. Zo verrijken ze hun stadswandelingen met de historische kennis uit de kring.

… in een nieuw format

Met de ErfgoedApp zorgt Faro ervoor dat erfgoedinstellingen en -verenigingen hun collectie en historische kennis op een nieuwe manier tot bij hun publiek kunnen brengen. Zeker het gebruik van de ErfgoedApp in het museum van de Semse is daar een goed voorbeeld van.

Een museumzaal met een vitrine gevuld met fossielen

De Bos van Aa-zaal in het museum van de Semse

‘Als je dit wil bezoeken, dan is het goed dat er iemand bij is die uitleg kan geven, een gids (…). Vandaag kan je in de app de gids zien die toelichting geeft, zoals hij zijn normale toelichting zou geven.’ – Paul Van de Velde

De gidsbeurten in de app verschillen inhoudelijk niet van de fysieke gidsbeurten, maar brengen ze in een nieuw format. De uitleg van de gids wordt met de ErfgoedApp een extra digitale laag bij de tentoongestelde stukken.

Net als bij de wandeltochten met de ErfgoedApp, snuistert de Semse ook bij Zemst: prachtig virtueel in hun eigen documentatie om verschillende erfgoedgebouwen in de virtuele omgeving van een extra laag historische informatie te voorzien. Hoewel een professionele fotograaf de 360°-foto’s verzorgt, kleedt de heemkring die verder aan met eigen beeldmateriaal. Bezoekers van de website kunnen zo glasramen, open haarden, beelden… in detail bekijken en krijgen hier en daar meer uitleg over wat ze zien.

afbeeldingen van een kerk begeleid door tekst in een virtuele tour

Detailinformatie in de virtuele tour van de Semse

NIEUW HISTORISCH ONDERZOEK

De virtual reality-ontwikkeling voor Virtuafort en Raversyde viel niet alleen terug op bestaande historische kennis, maar steunde vooral op nieuw historisch onderzoek dat speciaal voor de projecten gevoerd werd.

Een landschapsanalyse voor Virtuafort

Virtuafort was voor de universiteit van Antwerpen een interessante testcase om historische data met virtual reality-technologie in beeld te brengen. Daarvoor zetten ze nieuw onderzoek naar het fort op poten, om zo de nodige historische gegevens te verzamelen voor de virtuele reconstructie.

Historische kaart van fort Lillo

Stuk van het Primitief Kadaster uit 1818 met Fort Lillo

De onderzoekers voerden een retrogressieve landschapsanalyse uit, ondersteund door geografische informatiesystemen (GIS). Vertrekkend uit de hedendaagse situatie, zochten onderzoekers historische kaarten die steeds verder in de tijd gingen, om zo steeds beter de historische structuren van het landschap en het fort in kaart te brengen.

De belangrijkste historische kaarten vonden de onderzoekers allemaal in archieven of bibliotheken. Zo gebruikten ze bijvoorbeeld het Primitief Kadaster (1818) uit het Algemeen Rijksarchief in Brussel en een kaart door Bonaventura Petri (1638) uit de Universitaire Bibliotheken Leiden (Bodel Nijenhuis Collectie).

‘Wij zijn met het Centrum voor Stadsgeschiedenis gestart met een retrogressieve landschapsanalyse: een GIS-analyse vertrekkende van de huidige situatie, dan historische kaarten ter hand nemen, daaroverheen leggen, verder terug in de tijd raken, de structuur van het fort in het verleden in kaart brengen en daar fragmentarische of minder fragmentarische gegevens aan koppelen.’ – Iason Jongepier

De onderzoekers van Universiteit Antwerpen volgden voor dit onderzoek naar Fort Lillo hun normale manier van werken, maar koppelden wel terug met de ICT-ontwikkelaar om ervoor te zorgen dat hun analysevorm aansloot bij wat nodig was voor de VR-ontwikkeling. Omdat het bedrijf makkelijk GIS-bestanden kan verwerken, had de technologische kant van het verhaal niet al te veel impact op de manier waarop de onderzoekers hun landschapsanalyse voerden. Op basis van dat onderzoek ontwikkelden de historici een 2D-plan van het fort in het verleden, waarin ze dan historische informatie ruimtelijk verankerden.

‘Er is absoluut een relatie tussen ons gebruik van GIS en de latere VR-output.’ – Iason Jongepier

Bronnen opnieuw bekeken voor site Raversyde

Voor het project in Raversyde volgden Daniël Pletinckx en zijn collega’s een gelijkaardig traject. Hij legt ons uit dat, net als bij Virtuafort, nieuw historisch en archeologisch onderzoek nodig was om de militaire batterij om te zetten in een virtual reality-omgeving. In eerste instantie wilde het team het leven in de batterij reconstrueren.

Mensen gebruikten die bunkers, bewogen zich door de site, transporteerden munitie, enzovoort. Daarvoor wendde de ontwikkelaar zich samen met historici en archeologen tot een breed scala aan historisch bronnenmateriaal.

Zwart-wit foto met houten, militaire barakken in Raversyde

Een foto die gebruikt werkt in de virtuele reconstructie van site Raversyde

Foto’s waren een belangrijke bron. Tijdens de oorlog maakte het Duitse leger er werk van om heel wat op beeld vast te leggen. Daardoor is er veel fotomateriaal bewaard dat de site toont. Bovendien kunnen onderzoekers vandaag terugvallen op militaire luchtfotografie. Enkele jaren voor 1914 vloog het eerste vliegtuig en al tijdens het conflict maakten legers hiervan gebruik door vanuit de cabine een foto te nemen van het terrein voor strategische doeleinden.

Daarnaast werkte het team ook met tekeningen, zoals bijvoorbeeld productietekeningen van kanonnen. Dat was niet simpel, want het Duitse leger heeft heel wat archiefmateriaal vernietigd na de oorlog. De munitie stelde Pletinckx en zijn collega’s bijvoorbeeld voor een groot raadsel, omdat er heel wat ontbrak in de archieven. Daarom moesten ze op zoek naar specialisten van de Eerste Wereldoorlog.

Omdat een virtual reality-omgeving geen blinde vlekken kan hebben – wat bijna per definitie wel zo is in historisch onderzoek – moet elk detail geweten zijn. Net dat is vaak een uitdaging in het historische voortraject.

Naast visuele bronnen was het voor Daniël Pletinckx ook belangrijk om geschreven bronnen te gebruiken. Daarom bekeek het team ook documenten zoals dagboeken van soldaten en rapporten opgesteld door Engelse verkenners. Op een foto kan je bijvoorbeeld niet zien hoe een bom precies vervoerd werd, terwijl dat proces wél aan bod komt in geschreven bronnen. Dergelijke documenten zijn dus essentieel om een VR-omgeving op poten te kunnen zetten.

VERTALING NAAR TECHNOLOGIE

Eens al het nodige historische materiaal verzameld is, moet die historische informatie uiteraard nog omgezet worden in de juiste technologie. We vroegen ons af hoe de vier projecten die vertaalslag maakten. Hoe kom je van je materiaal tot een AR- of VR-toepassing?

ZEMST IN 360°

Zemst: prachtig virtueel is het resultaat van een toevallige ontmoeting, zo blijkt uit ons gesprek met Paul Van de Velde. Bij de heemkring speelde al even het idee om de geschiedenis en het erfgoed van Zemst in een mooi format tot bij de mensen thuis te brengen. Pas toen de kring toevallig een fotograaf ontmoette die ook werkte met 360°-fotografie, rijpte het idee om daarvoor een virtuele tour in elkaar te steken.

Zo’n virtuele tour ontwikkelen vergt niet alleen technische kennis, maar ook middelen. Daarom ging de Semse een samenwerking met de gemeente aan. Ze sloten een subsidieregeling, waarbij de gemeente 75 procent van het project bekostigt. Dat was en is absoluut nodig als je weet dat de tour op dit moment ‘enkele duizenden euro’s’ gekost heeft.

‘Het is een project van enkele duizenden euro’s, maar ik denk wel dat het een belangrijke bijdrage is voor de Zemstse gemeenschap.’ – Paul Van de Velde

Voor Zemst: prachtig virtueel keerde de Semse zich tot de (religieuze) erfgoedgebouwen in het dorp. In eerste instantie speelden praktische overwegingen daarin een rol. Omdat de kerken gemeentebezit zijn en het Rubenskasteel eigendom van Toerisme Vlaanderen, waren deze erfgoedgebouwen ‘laaghangend fruit’. Er zouden geen (of amper) extra moeilijkheden bij komen kijken wanneer de kring met deze gebouwen van start ging.

Eens de beslissing over de selectie van de gebouwen gemaakt werd, kon de fotograaf binnen 360°-foto’s nemen. Daarnaast verzorgde die ook dronebeelden van waaruit je kan doorklikken op de gekozen gebouwen. De kring zelf verrijkt de indoorbeelden met detailfoto’s en historische kennis die binnen de vereniging aanwezig zijn. Zo enten ze historische informatie op bijvoorbeeld schilderijen of glasramen die in de tour te zien zijn.

Zicht op het interieur van een kerk met een altaar en stoelen in de zijbeuk

Beeld uit de virtuele tour van Zemst

Om deze tour te kunnen tonen aan bezoekers, moest de kring uiteraard ook een webomgeving aanmaken. De keuze van een website baseerde zich vooral op de mogelijkheden ervan. Die keuze was niet altijd even evident, omdat elke website een zeker prijskaartje heeft naargelang de mogelijkheden.

Het was moeilijk om de gemeente te overtuigen de kost niet zo laag mogelijk te houden, maar net te investeren in een iets duurdere website. Desondanks heeft de gemeente de kring hierin toch gevolgd. Daardoor kan de tour in vogelvlucht nu aangevuld worden met bijkomende tours binnen in de erfgoedgebouwen die je kan aanklikken, iets wat anders niet gelukt zou zijn.

DE ERFGOEDAPP

Een extra digitale laag voor erfgoed

We spraken in twee interviews over de ErfgoedApp: met Faro als ontwikkelaar en met Heemkring de Semse als gebruiker. De app zorgt ervoor dat je via je eigen smartphone een extra laag kan toevoegen aan wat je ziet: een schilderij, een kapel, een archeologische vondst, een landschapszicht, en veel meer. De app levert een vorm van augmented reality, want de werkelijkheid die jij ervaart, wordt digitaal verrijkt. Met audio, tekst, beeld- en videomateriaal krijg je meer toelichting bij het erfgoed dat je tegenkomt.

Het sterke aan de ErfgoedApp is dat iedereen ermee aan de slag kan. Zowel voor makers als gebruikers is de tool ‘gratis en makkelijk in gebruik’, vertelt Bram Wiercx. Faro maakt op die manier kwalitatieve technologieën toegankelijk voor al wie een erfgoedverhaal wil brengen op een prikkelende, digitale manier.

‘Onze filosofie is dat als je content wil creëren voor de ErfgoedApp, je geen voorkennis of technische kennis of wat dan ook moet hebben. Je kan volgens je eigen manier van werken en kennen en kunnen content creëren. Wij ondersteunen je, als een soort van helpdesk.’ – Bram Wiercx

Erfgoedverhalen op locatie

Het uitganspunt van de ErfgoedApp is dat de app bepaalde informatie toont op basis van je locatie. De app maakt daarom gebruik van verschillende technologieën om erfgoedverhalen op de juiste plek te activeren. Daarvoor zijn er drie soorten triggers: beacons, de scan-functie en GPS-punten. Bram Wiercx licht ze voor ons toe.

De beacon-technologie vormde het startpunt van de app. Een beacon is een klein apparaatje dat je ergens kan plaatsen bij het stuk erfgoed dat je wil toelichten. Je kan in een museumzaal bijvoorbeeld een beacon plaatsen op een vitrine of bevestigen aan het plafond. Wanneer een bezoeker met de ErfgoedApp dicht genoeg bij de beacon wandelt, zal de informatie die eraan verbonden is in de app verschijnen.

De scan-functie genereert informatie op een andere manier. Daarbij krijg je de informatie niet via bluetooth toegestuurd, maar door het erfgoedstuk in kwestie te scannen met de app. Zowel de beacons als de scan-functie zijn bedoeld voor binnengebruik. In theorie functioneren ze ook in openlucht, maar dat is minder evident. De batterijen in de beacons kunnen namelijk verkeerd reageren op bepaalde weersomstandigheden en de lichtinval buiten kan de scan-functie verstoren.

Faro heeft daarom een optie toegevoegd waarmee informatie getriggerd wordt door geolocatie. Dat gebeurt aan de hand van GPS-punten. Een belangrijk verschil tussen werken met beacons en GPS-punten binnen is de hoogte waarop je je bevindt. Via GPS weet de app misschien wel in welk gebouw je je bevindt, maar niet op welke verdieping. Buiten is dat echter geen probleem.

Erfgoedvrijwilligers gaan voornamelijk aan de slag met deze GPS-punten omdat ze de app erg vaak inzetten om wandelingen te maken, blijkt uit ons gesprek met Wiercx. Zo kan je met de app een gebruiker rondgidsen, buiten, maar ook in een museum. Naast deze drie standaardopties voorziet Faro ook de mogelijkheid om informatie te triggeren met QR-codes.

‘Met de ErfgoedApp hebben wij de gewoonte om heel dicht bij onze makers te blijven. Zij gaven ons rechtstreeks feedback. Een van de vragen was dat ze ook graag tours buiten wilden. Dus we hebben dan de mogelijkheid toegevoegd om met geolocatie te werken voor wandelingen en fietstochten..’ – Bram Wiercx

Kaart met wandelroute in de ErfgoedApp te Zemst

Een wandeling van de Semse met de ErfgoedApp

Zelf aan de slag met de ErfgoedApp

Wiercx benadrukt dat het allesbehalve moeilijk hoeft te zijn om als erfgoedvrijwilliger met de app aan de slag te gaan. Faro biedt namelijk een aantal tools en platformen om makers te ondersteunen.

In de eerste plaats organiseert Faro terugkerende workshops. Verenigingen die van plan zijn om met de app te werken, krijgen er uitgebreide uitleg over de ErfgoedApp. De bedoeling is dat ze na deze dag volledig zelfstandig verder kunnen om content in de app te plaatsen.

Erfgoedvrijwilligers die niet naar zo’n workshop (kunnen) komen, kunnen op de website van de ErfgoedApp nog steeds al het nodige terugvinden. Faro heeft namelijk een DIY-platform en verschillende tutorial-filmpjes online gezet.

‘Ben je nu vijftig of zestig of zeventig of tachtig jaar? Maakt niet uit.’ – Bram Wiercx

Om aan de slag te kunnen, heb je als erfgoedvereniging in de eerste plaats een login nodig. Die kan je krijgen op een workshop, maar je kan Faro ook gewoon contacteren om er eentje krijgen. Eens je een login hebt, kan je de verhalen die je wil brengen, afstellen op het format van de app.

Het PixLive-platform van de ErfgoedApp

Je kiest beeldmateriaal, video’s, audiofragmenten en korte tekstjes. Die kunnen uit je collectie komen, maar je kan ze ook zelf maken. Je kan bijvoorbeeld zowel een historische foto tonen als een hedendaagse die je speciaal voor de app genomen hebt. Met het materiaal dat je hebt, kan je in de ErfgoedApp-manager (de makerskant van de app) aan de slag op het PixLive storytellingplatform.

Voor dat platform heb je geen enkele technische (voor)kennis nodig; Wiercx verzekert ons dat intuïtie en de uitleg van de workshop of DIY-webpagina’s volstaan. Deze storytellingtool stelt je in staat om te experimenteren met het materiaal dat je hebt en zo tot een resultaat te komen dat je zelf leuk vindt. De tool is ‘heel flexibel’, dus erfgoedvrijwilligers kunnen hun verhaal volledig naar eigen wens vormgeven.

‘Je kan eigenlijk content maken voor een app zonder dat je moet kunnen programmeren.’ – Bram Wiercx

Lanceren maar!

Eens erfgoedvrijwilligers een tour hebben uitgewerkt, bezorgen ze die terug aan Faro. Faro kijkt deze content namelijk nog eens na. Wiercx verduidelijkt dat dat niet zozeer een inhoudelijke controle is. Faro kijkt na of de uiteindelijke vormgeving van een verhaal gebruiksvriendelijk is. Zo zou het kunnen dat een knopje best iets groter gemaakt wordt, dat een tekstje iets korter kan, er een link gelegd kan worden met de grotere ErfgoedApp-kaart, enzovoort.

Eens de verhalen volledig op punt staan, activeert Faro de tour. In dit geval geeft Faro na het maken van de tour feedback, maar erfgoedvrijwilligers kunnen ook al samen met Faro nadenken over het format vóór ze het effectieve verhaal uitwerken in de ErfgoedApp-manager.

Een erfgoedwandeling maken met de ErfgoedApp

Met de ErfgoedApp kan je ondertussen al zo’n 750 tours doen, waaronder die van Heemkring de Semse. Paul Van de Velde vertelde ons hoe de vereniging precies zo’n wandelingen in elkaar puzzelt. Net als bij de virtuele tour selecteert de kring interessante plaatsen (in het historische centrum), maar moet ze er hier rekening mee houden dat die locaties dicht genoeg bij elkaar liggen.

Eens de punten bepaald zijn, is het de bedoeling om een lus uit te tekenen met een realistische wandelafstand. Voor de Semse betekent dit een wandelafstand van ongeveer 6-7 km. Een langere wandeling proberen ze te vermijden.

Vervolgens voorziet de kring elk interessant punt op de wandeling van een verhaal. Daarbij zorgen ze er ook voor dat dit verhaal kort genoeg is; een wandelaar wil immers niet te lang blijven stilstaan. De Semse hanteerde hetzelfde principe bij de fietstocht die ze uitwerkten in samenwerking met Natuurpunt. Alleen de afstand die je met de tocht aflegt, is daar iets langer.

‘Je maakt eerst haalbare wandellussen, zo’n zes, zeven of acht kilometer, langs enkele interessante punten. Dan moet je die punten beschrijven op basis van documentatie en er een verhaal van maken.’ – Paul Van de Velde

De Semse brengt haar verhalen in eerste instantie via audio. Belangrijk voor de kring is dat de stem aangenaam is om naar te luisteren. Daarom testen ze met verschillende mensen uit wie het verhaal kan inspreken en maken dan zelf een geluidsopname.

Naast audio voorzien ze elk punt in de wandeling ook van beeld. Foto’s kunnen komen uit hun eigen collectie (zoals bijvoorbeeld postkaarten), terwijl filmpjes gewoon met een smartphone gemaakt zijn. Die gecombineerde inhoud uploaden ze via de ErfgoedApp-manager met het PixLive storytellingplatform in de ErfgoedApp.

Oorspronkelijk werkte de kring met beacons om content in de ErfgoedApp te activeren in het museum. Toch zijn ze nu overgeschakeld op het werken met GPS-punten, omdat die niet afhankelijk zijn van opgeladen batterijen. Het nadeel daarvan is wel dat die ‘niet zo accuraat’ zijn, zo zegt Van de Velde. In een (toekomstig) project met de ErfgoedApp zal de gebruiker bijvoorbeeld kennismaken met verschillende graven op kerkhoven, maar daar is het moeilijker om de locatie van één apart graf precies weer te geven.

VAN HISTORISCHE OMGEVING TOT VIRTUAL REALITY-OMGEVING

In de virtual reality-projecten rond Fort Lillo en Raversyde vormde nieuw historisch onderzoek het startpunt om de sites om te zetten in een virtuele omgeving. Om tot een 3D-reconstructie van de sites te komen is er heel wat computersoftware nodig. We vroegen hoe de verwerking van historische informatie met die software precies in zijn werk gaat.

‘Het research gedeelte in zo’n projecten is meestal veel groter dan de virtual reality-ontwikkeling, soms wel 80 procent. Het 3D gedeelte is dan maar 20 procent.’ – Daniël Pletinckx

In de weer met computersoftware

Pletinckx gaf ons meer uitleg bij de software die hij met zijn collega’s gebruikte in het project van Raversyde. De eerste stap is het maken van een 3D-model van de erfgoedsite. Daarvoor maakte het bedrijf met geografische informatiesystemen (GIS) een profiel van de site en maten ze de site tot op de centimeter op. Op basis daarvan maakten ze vervolgens een 3D-model in Blender.

Om dat model te maken hadden ze ‘geluk met de luchtfoto’s’, vertelt Pletinckx, omdat eenzelfde gebied tweemaal gefotografeerd was, maar dan uit een andere hoek. Waarschijnlijk had de fotograaf een foto genomen waarmee hij niet tevreden was, maakte het vliegtuig daarom rechtsomkeer, en nam hij een nieuwe foto uit een andere hoek. Daardoor kon het team nu, in samenwerking met enkele mensen aan de universiteit van Uppsala, hiervan een stereofoto maken.

Wanneer je twee luchtfoto’s hebt uit een ander perspectief (maar van hetzelfde terrein) kan je daarmee een 3D-omgeving reconstrueren. De foto’s uit Raversyde zijn de oudste waarmee ooit een stereofoto gemaakt werd.

‘Het principe van een stereofoto is dat je twee foto’s neemt, dat je dus vanuit twee verschillende standpunten iets ziet, en dan daarvan een soort van driedimensionale foto kan maken.’ – Daniël Pletinckx

Met game-software als Unreal Engine of Unity vormt Visual Dimension dat 3D-model om in een game-like omgeving. Vervolgens geven ze die omgeving textuur. Zo namen ze verschillende foto’s van het beton van de bunkers, van het zand, het gras op de duinen… om die digitaal op het model te kleven. Voor sommige materialen, zoals het brons van de munitie, was bijkomende software nodig om ze realistisch en correct genoeg te renderen.

Een bunker in het wuivende duingras met zicht op de zee

Beeld uit de virtuele omgeving van site Raversyde

De programma’s waarmee Daniël Pletinckx en zijn collega’s aan de slag gaan, zijn bijna allemaal gratis en/of open-source. Dat is belangrijk met het oog op een duurzame levensduur van de virtual reality-omgeving.

Software waarvoor je licenties moet betalen om ze te gebruiken, komen vaak met nieuwere versies van hun programma. Als je niet steeds een nieuwe licentie koopt, dan worden je oude projecten in die software onleesbaar. Omdat dat bij open-source en/of gratis programma’s niet het geval is, kan je je virtuele omgeving nog jaren aan een stuk hergebruiken.

‘Het zijn gratis programma’s, maar ook programma’s die zeer goede ondersteuning bieden op lange termijn. En dat is voor erfgoed heel belangrijk. We hebben af en toe wel eens projecten die vijftien jaar oud zijn en die we uit de kast moeten halen. (…) Het is dus niet irrelevant om de vraag te stellen hoe je die VR-omgevingen na zoveel jaar kan hergebruiken.’ – Daniël Pletinckx

Historisch correct en toegankelijk

De centrale vraag in dit hele proces is bijna altijd: hoe werkt dit? Het is een cruciale insteek om een VR-omgeving in elkaar te kunnen zetten. Daarom moeten resultaten steeds opnieuw beoordeeld worden. Wanneer iets gerenderd of geanimeerd is in VR, is het aan historici, archeologen, specialisten… om feedback te geven en waar nodig bij te sturen.

Het team van ontwikkelaars hecht immers veel belang aan de historische en wetenschappelijke correctheid van alles dat je te zien krijgt, zo blijkt uit ons gesprek met Pletinckx. Net daarom is samenwerking tussen VR-makers en historici zo belangrijk.

‘En dat is juist ook het grote voordeel van 3D en virtual reality: dat je die onderzoeksresultaten visueler kan voorstellen en dat je op die manier ook meer de juiste vragen kan stellen. Bijvoorbeeld transport van die bom, hoe doe je dat praktisch?’ – Daniël Pletinckx

In Raversyde moesten Daniël Pletinckx en zijn collega’s ook rekening houden met de manier waarop je in de historische VR kan rondwandelen. Dit moet namelijk ook mogelijk zijn in de hedendaagse site. Het terrein is niet overal op dezelfde manier vandaag toegankelijk als in 1915/1917. Omdat de VR ingezet wordt als tool voor gidsen, was het dus wel belangrijk dat een virtuele en fysieke tour op elkaar kunnen aansluiten.

‘Wij kijken soms wel eens helemaal anders [naar een erfgoedsite] dan sommige historici.’ – Daniël Pletinckx.

Een (virtuele) wandeling op site Raversyde

Wat met blinde vlekken in onze historische kennis?

Pletinckx en zijn collega’s verzorgden niet alleen de VR-ontwikkeling bij de site van Raversyde, maar ook in het project rond Fort Lillo, waar het Centrum voor Stadsgeschiedenis (Universiteit Antwerpen) verantwoordelijk was voor de historische voorstudie. Waar Daniël Pletinckx deze technologische vertaling aanvat als burgerlijk ingenieur, kijkt Iason Jongepier hiernaar als historicus. Net in de vertaalslag tussen de historische informatie en het uitzicht van de VR-omgeving lag voor Jongepier de voornaamste uitdaging.

In een VR-omgeving moet je elk detail visueel invullen, maar van heel wat elementen kan je niet weten of en hoe historisch correct ze zijn. Waar in historisch onderzoek altijd blinde vlekken zijn, komt die ‘onwetendheid’ veel minder prominent naar voren in een VR-omgeving. In dat geval worden er beredeneerde keuzes gemaakt.

Zo was bijvoorbeeld niet geweten hoe een schip er in het verleden uitzag. Om dit tegemoet te komen baseerde het team van ontwikkelaars zich op een schip uit een andere stad vijftig jaar later, waarvan het uitzicht wel gekend was. Daarnaast geeft Jongepier aan dat er ook heel wat historische data zijn die je niet kan omzetten in deze historisch gesimuleerde omgeving. Persoonsgegevens zijn daarvan een voorbeeld.

‘Van het moment dat je virtuele omgeving ergens in een viewer zit, waarin je in dit geval een fort kunt doorwandelen, kan je niks weglaten. Dat wil zeggen dat er creatiever dan ik gewend ben met die historische situatie omgegaan wordt. Alles wordt weliswaar zo goed mogelijk beredeneerd, maar er worden sowieso aannames gemaakt.’ – Iason Jongepier

Infographic met geel, rood en groen, over virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers

Een stappenplan van een VR- of AR-project in vijf stappen

EEN VERTAALSLAG MET VELE VORMEN

In het ontwikkelen van virtual en augmented reality voor erfgoed ligt een constante: historische inhoud wordt vertaald naar een technologische toepassing. Toch kent dit proces ook verschillende vormen. Sommige projecten kunnen vertrekken van materiaal uit de eigen collectie, andere hebben bijkomend, nieuw historisch onderzoek nodig.

Ook verschilt de mate waarin technische kennis nodig is. Aan de slag gaan met de ErfgoedApp kan bijvoorbeeld zonder een expert te zijn in augmented reality, terwijl het opzetten van een hoogstaande virtual reality-omgeving heel andere koek is. Historische verhalen zijn echter altijd het noodzakelijke startpunt en die hebben erfgoedverenigingen troef.

Benieuwd hoe deze toepassingen het erfgoedaanbod verrijken? Je leest er alles over in dit artikel.

MEER LEZEN?

Ontdek ook de andere artikels die we in de reeks Spraakmakers schreven rond virtual en augmented reality:

MEER INFORMATIE

Afbeeldingen

De afbeeldingen genummerd op volgorde van boven- tot onderaan de pagina:

  1. © Paul Van de Velde, Paul van de Velde van Heemkring de Semse.
  2. © Histories, Infographic met de vier ervaringsdeskundigen.
  3. © Paul Van de Velde, De zaal rond het Bos van Aa in het museum van Heemkring de Semse.
  4. © Heemkring de Semse, Extra informatie over de Sint-Pieterskerk in Zemst in de virtuele omgeving van Zemst: prachtig virtueel, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  5. © Een deel van het Primitief Kadaster (1818) waarop Fort Lillo staat afgebeeld, via https://www.uantwerpen.be/en/projects/virtual-technology-for-resilient-fortification-heritage/historical-reconstruction/.
  6. De barakken in site Raversyde in 1915, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.
  7. © Herman Desmet Photography, Binnenzicht op de Sint-Pieterskerk in Zemst: prachtig virtueel, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  8. © Heemkring de Semse, Wandelroute ‘Rubenspad’ met de ErfgoedApp, via https://desemse.be/wp-content/uploads/2021/05/erfgoedroute-rubenspad-plan.jpg.
  9. © Faro, De PixLive Editor van de ErfgoedApp, via https://faro.be/kennis/erfgoedapp-diy/werken-met-het-storytellingplatform-pixlive-editor-0.
  10. © Visual Dimension, Beeld uit de virtuele tour van site Raversyde, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.
  11. © Visual Dimension, Beeld van een virtuele wandeling in site Raversyde, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.
  12. © Histories, Infographic voor een VR/AR-project voor erfgoedvrijwilligers in vijf stappen.

Websites

Een kasteel in het groen met blauwe lucht, in vogelvlucht

Virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers: een blik op de toekomst

Virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers: een blik op de toekomst

Virtual en augmented reality zijn technologieën die de afgelopen jaren hun opgang maakten en nu steeds meer hun ingang vinden in allerlei domeinen, waaronder ook het erfgoedveld. Voor de reeks Spraakmakers zochten we uit wat virtual en augmented reality-technologieën kunnen betekenen voor erfgoedvrijwilligers.

Hoe kunnen virtual en augmented reality het werk van erfgoedvrijwilligers in de toekomst veranderen? Welke uitdagingen en mogelijkheden brengen deze technologieën met zich mee? En hoe kunnen erfgoedverenigingen de technologieën inzetten om hun aanbod te verrijken?

In enkele artikels ontdek je wat er al bestaat en vind je inspirerende voorbeelden om er ook zelf als erfgoedvrijwilliger mee aan de slag te gaan.

SPRAAKMAKENDE VOORBEELDEN IN HET ERFGOEDVELD

Om deze vragen te verkennen gingen we in gesprek met vier mensen: Paul Van de Velde (Heemkring de Semse), Bram Wiercx (Faro), Iason Jongepier (Universiteit Antwerpen) en Dani¨el Pletinckx (Visual Dimension). Ze bieden elk een ander perspectief vanuit hun eigen achtergrond: Van de Velde als erfgoedvrijwilliger, Wiercx vanuit de gesubsidieerde erfgoedsector, Jongepier als academisch onderzoeker en Pletinckx vanuit de private sector. Allemaal waren of zijn ze betrokken bij VR/AR-projecten in de erfgoedsector.

een man met grijs haar en een zwr-arte trui kijkt naar de camera en typt op een laptop

Paul Van de Velde

Van de Velde vertelde ons over de virtuele tour met 360°-fotografie van Zemst en omliggende dorpen. Daarnaast biedt de kring ook wandelingen aan met de ErfgoedApp, waarbij je via je smartphone meer te weten komt over het Zemstse erfgoed. Bram Wiercx gaf meer toelichting bij hoe die app ontstaan is en wat je ermee kan doen. Jongepier vroegen we naar Virtuafort, een project waarbij je met VR kan rondwandelen in het zeventiende-eeuwse fort Lillo. Tot slot interviewden we Pletinckx over de virtuele 3D-reconstructie van site Raversyde in 1915 en 1917.

Allemaal keerden ze zich tot VR en AR omdat ze hun aanbod ermee kunnen uitbreiden én verrijken. Daarvoor gingen ze op zoek naar historisch materiaal in hun eigen collectie of verrichten ze nieuw onderzoek, om op basis daarvan digitale toepassingen uit te werken. Het resultaat daarvan zorgt vandaag voor een meerwaarde in hun erfgoedaanbod. In dit artikel vragen we hen hoe zij de toekomstige relevantie van VR en AR voor erfgoedvrijwilligers inschatten.

 

In een notendop

  • In de toekomst kunnen virtual en augmented reality een hulpmiddel zijn voor erfgoedvrijwilligers om hun verhalen op een nieuwe, prikkelende manier tot bij hun publiek te brengen.
  • Hoewel de rol van erfgoedvrijwilligers in academische en private projecten vaak beperkt is tot het gebruik van het eindresultaat, zien ervaringsdeskundigen mogelijkheden om hen ook te betrekken in de fase van het historische vooronderzoek.
  • In een wereld die steeds meer digitaal wordt, kunnen technologieën als VR en AR erfgoedvrijwilligers helpen in het behouden van hun relevantie.

 

Een rood, blauwe infographic rond virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers als project van Histories voor de reeks Spraakmakers van Digitaal Werken voor Erfgoedvrijwilligers

De vier ervaringsdeskundigen

VISIE OP DE TOEKOMST

Paul Van de Velde, Bram Wiercx, Iason Jongepier en Daniël Pletinckx gingen allemaal aan de slag met virtual en augmented reality in de erfgoedsector. Die technologieën spreken tot de verbeelding en zullen dat waarschijnlijk ook blijven doen. Ze zullen in de toekomst vermoedelijk nóg meer ingezet worden.

We hoorden daarom graag van de ervaringsdeskundigen hoe zij naar de toekomst kijken. Hoe schatten ze de toekomstige relevantie van virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers in?

DE DIGITALE WEG OP

‘Ik denk dat daar de omslag [ligt] die wij als heemkring moeten maken. De digitale weg op.’ – Paul Van de Velde

Voor de Semse is de toekomstvisie op hun virtuele tour en aanbod met de ErfgoedApp duidelijk: het is er, het blijft er en het zal nog uitbreiden. Voor Zemst: prachtig virtueel is het de bedoeling om nog meer gebouwen toe te voegen. Het Rubenskasteel kan je er al virtueel bezichtigen, maar Paul Van de Velde zou het mooi vinden om ook de andere kastelen uit Zemst en omstreken te tonen. Ook voor andere erfgoedgebouwen houdt hij de ogen open.

Hoewel er nu wat meer aandacht uitgaat naar Zemst: prachtig virtueel dan de tochten in de ErfgoedApp, ziet Van de Velde er ook daar brood in om nog bijkomende wandelingen of fietstochten uit te werken. Voor Van de Velde zijn deze technologieën deel van de toekomst: een noodzakelijk aanbod om in de toekomst relevant te blijven.

‘De tijd van papier is voorbij. Je moet maximaal digitaliseren, foto’s nemen, van alles documenteren… Dat laat dan ook toe om het makkelijk terug te geven aan het publiek.’ – Paul Van de Velde

Een kasteel in het groen met blauwe lucht, in vogelvlucht

Een beeld uit de virtuele tour van de Semse

ERFGOED ALTIJD EN OVERAL BINNEN HANDBEREIK

‘Ik denk dat het altijd nodig gaat zijn om die verhalen op een publieksvriendelijke manier te brengen.’ – Bram Wiercx

Ook voor Bram Wiercx zal de ErfgoedApp haar relevantie behouden. Het zal namelijk altijd nodig blijven om verhalen op een publieksvriendelijke manier tot bij de mensen te brengen. De ErfgoedApp is daarvoor een goede tool. Een tentoonstelling is bijvoorbeeld gebonden aan openingsuren. Een heemkundig museum is in sommige gevallen misschien maar twee dagen per week open. Dat wil zeggen dat je de verhalen op de tentoonstelling ook enkel op die twee dagen zou kunnen ontdekken, hoewel een bepaalde interesse op eender welk moment bij je kan opkomen.

Daar komt de ErfgoedApp goed van pas, want omdat informatie louter verbonden is aan een locatie (op de scan-functie na), kan de gebruiker informatie oproepen wanneer die maar wil. Wanneer je buiten op iets botst, zal je op eender welk moment toegang hebben tot meer informatie over wat je ziet.

HISTORISCHE VERHALEN VOOR VR

Bij Virtuafort en Raversyde, projecten met een hoogstaande virtual reality-omgeving, spelen erfgoedvrijwilligers enkel een rol bij het eindproduct. Ze gebruiken de omgeving als een tool om hun verhalen mee te vertellen, maar waren niet betrokken in de ontwikkeling ervan. We vroegen Daniël Pletinckx en Iason Jongepier welke rol ze in de toekomst weggelegd zien voor erfgoedvrijwilligers die met VR aan de slag willen.

mensen kijken naar een animatie van munitie die wordt voorbereid

Een gids projecteert de virtuele omgeving op een muur

Pletinckx en zijn collega’s pakken hun VR-projecten aan in ruwweg volgende fases: een historisch voortraject, de ontwikkeling van de VR-omgeving met software en het gebruik van het eindproduct.

In Raversyde zetten vrijwillige erfgoedgidsen de VR-tool in bij hun rondleidingen. Voor Pletinckx blijft dat ook in de toekomst een belangrijke manier waarop erfgoedvrijwilligers met erfgoed aan de slag kunnen gaan. VR is voor hen namelijk in de eerste plaats een tool om een verhaal te vertellen. Het is geen vervanging voor de dienst die deze gidsen leveren, maar een verrijking.

‘VR is maar een tool, een middel om een goed verhaal te vertellen.’ – Daniël Pletinckx

Het ontwikkelen van de VR-omgeving zelf is andere koek, zo blijkt. Dat is en blijft specialistenwerk. Dat een privaat bedrijf deze taak op zich neemt, is niet zomaar. In theorie zou een technisch onderlegde vrijwilliger wel met dezelfde software als Daniël Pletinckx aan de slag kunnen.

De belangrijkste software die het bedrijf tijdens dit project gebruikte, is gratis en/of open-source. Toch meent Pletinckx dat het niet echt realistisch is om als vrijwilliger aan dezelfde kwaliteit een volledige VR-omgeving te ontwikkelen. Die kennis en knowhow is namelijk ‘een kunst’, zo klinkt het, en dat kan je niet bereiken door één keer in de week eraan te werken.

Hoewel mensen dus heel wat mooie dingen kunnen doen met 3D-modellering in hun vrije tijd, ziet Pletinckx voor erfgoedvrijwilligers vooral een rol in het inhoudelijke werk. Waar nu historici en archeologen bronnenmateriaal uit archieven hielpen interpreteren, kunnen ook erfgoedvrijwilligers hierin een bijdrage leveren.

‘Ik denk dat vrijwilligers vooral rond de inhoud kunnen werken. We hebben zoveel mooie inhoud waar nog zoveel mee gedaan kan worden. Als zij dat stuk doen en met een paar VR specialisten samenwerken, dan kan je heel mooie dingen doen samen.’ – Daniël Pletinckx

Ook Iason Jongepier ziet een mogelijke rol voor erfgoedvrijwilligers in het historische voortraject. Ze kunnen namelijk nog niet gekend iconografisch materiaal aanreiken, zoals oude postkaarten die gebouwen afbeelden. Bovendien kunnen erfgoedvrijwilligers ook een grote hulp zijn in de georeferentie van historische kaarten. ‘Dit is een cruciale maar tijdrovende klus die middels ‘crowdsourcing’, of beter gezegd ‘citizen science’ efficiënter kan gebeuren’, vertelt Jongepier.

MEER LEZEN?

Ontdek ook de andere artikels die we in de reeks Spraakmakers schreven rond virtual en augmented reality:

MEER INFORMATIE?

Afbeeldingen

De afbeeldingen genummerd op volgorde van boven- tot onderaan de pagina:

  1. © Paul Van de Velde, Paul van de Velde van Heemkring de Semse.
  2. © Histories, Infographic met de vier ervaringsdeskundigen.
  3. © Herman Desmet Photography, Zicht op het Rubenskasteel in Zemst: prachtig virtueel, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  4. © Visual Dimension, Een gids doet zijn uitleg met behulp van de VR-omgeving van site Raversyde, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.

Websites

Een smrtphone waaruit via augmented reality een kasteel komt

Virtual en augmented reality: spraakmakende voorbeelden uit het erfgoedveld

Virtual en augmented reality: spraakmakende voorbeelden uit het erfgoedveld

In het Brugse Historium kan je je ogen de kost geven aan de middeleeuwse stad “alsof je er zelf bij was”. In het museum van heemkring Zele komen portretten tot leven en vertellen de historische figuren je zelf wie ze waren. In Limburg zie je verschillende Romeinse villa’s, kastelen en megalieten in het landschap opduiken. Het zijn allemaal voorbeelden van virtual en augmented reality (VR en AR) in de erfgoedwereld.

VR en AR zijn technologieën die de afgelopen jaren hun opgang maakten en nu steeds meer hun ingang vinden in allerlei domeinen, waaronder ook het erfgoedveld. Voor de reeks Spraakmakers zochten we uit wat virtual en augmented reality-technologieën kunnen betekenen voor erfgoedvrijwilligers.

In enkele artikels ontdek je wat er al bestaat en vind je inspirerende voorbeelden om er ook zelf mee aan de slag te gaan.

 

IN EEN NOTENDOP

  • Virtual en augmented reality (VR en AR) zijn technologieën die de afgelopen jaren hun opgang maakten. Ook erfgoedspelers ontdekken volop het potentieel ervan.
  • Erfgoedspelers gaan niet zomaar aan de slag met deze technologieën. Ze hebben goed voor ogen wat ze willen bereiken en kiezen voor VR en AR omdat  die hen kunnen helpen dat doel te bereiken.
  • Ook erfgoedvrijwilligers gebruikten al VR en AR om hun erfgoed te ontsluiten. Ze stippelen wandelingen uit met de ErfgoedApp en laten je virtueel rondkijken in hun museum of dorp met 360°-fotografie.

 

WAT ZIJN VIRTUAL EN AUGMENTED REALITY?

Een smrtphone waaruit via augmented reality een kasteel komt

Augmented reality

Virtual en augmented reality-technologieën veranderen de werkelijkheid waarin we ons bevinden. Virtual reality (VR) neemt je mee naar een andere plek: een omgeving die gegenereerd is door een computer. Het is een gesimuleerde werkelijkheid waarin je kan rondkijken en rondlopen. Je kan er real-time mee interageren. Zo’n VR-omgeving heeft geen band met de werkelijke omgeving waarin je je bevindt. Vaak kan dit gevoel versterkt worden door het gebruik van een VR-bril, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn.

Waar virtual reality-toepassingen je meevoeren naar een virtuele wereld, voegt augmented reality (AR) – meestal via een app – een digitale laag toe aan onze fysieke omgeving. Die extra laag verrijkt jouw ervaring van de plek waar je bent. Je krijgt bijvoorbeeld meer uitleg bij het schilderij voor je of bij de beiaard die je hoort spelen.

VR EN AR IN HET ERFGOEDVELD

Het potentieel

Erfgoedspelers ontdekken volop het potentieel van virtual en augmented reality. Ze zetten deze technologieën in om (cultureel) erfgoed via digitale toepassingen op een andere manier tot hun doelpubliek te krijgen. De specifieke technologie (VR of AR) en de toepassing verschilt van geval tot geval, maar wel vallen er enkele grotere lijnen in te ontwaren.

Volledig en sterk uitgebouwde virtual reality-omgevingen met VR-bril zijn voornamelijk te situeren bij erfgoedspelers met een zeker financieel kapitaal. Private bedrijven zijn de voornaamste ontwikkelaar. Wel doen ze dit vaak in samenwerking met erfgoedprofessionals, zoals (universitaire) onderzoekers of een museumploeg. De inzet hiervan is om van “reizen in de tijd” een immersieve ervaring te maken.

Augmented reality wordt meer gebruikt dan deze (vaak hoogtechnologische) inzet van virtual reality. Dit gebeurt meestal met behulp van een app die de gebruiker op hun eigen toestel installeert. Musea zetten AR in om verschillende redenen.

Enerzijds zorgt het voor meer interactie met de stukken die in een museumzaal getoond worden. Anderzijds kan een AR-app ook tegemoetkomen aan ‘zwaarbeladen’ zalen waar tekstborden, videoschermen, informatiekaartjes… de bezoeker overstelpen. Via AR-technologieën bieden musea hun bezoekers dus meer vrijheid, interactie en ademruimte.

Ook erfgoedvrijwilligers werken soms mee aan de creatie van AR-content in musea. Bovendien gebruiken musea augmented reality (-apps) om ook buiten de eigen museummuren hun kennis te delen, met als troef dat ze zo vaak informatie over erfgoed ruimtelijk kunnen verankeren. Bezoekers kunnen daardoor wat besproken wordt binnen de museummuren ook beleven op de plek waarover het gaat.

Erfgoedwandelingen en virtuele musea

Ook erfgoedvrijwilligers verkennen deze technologieën. Het valt daarbij op dat twee toepassingen steeds terugkeren: erfgoedwandelingen en virtuele musea met 360°-fotografie. Heemkundige kringen stippelen wandelingen (of fietstochten) uit waarbij verschillende punten verbonden zijn aan audiofragmenten, video’s, beelden, tekstuitleg, enzovoort. Dat doen ze vaak met de ErfgoedApp van Faro.

Een tweede vaak voorkomende toepassing is het opzetten van een virtueel museum. Hoewel niet zo hoogtechnologisch als in projecten van spelers uit de private of professionele sector, gaan erfgoedverenigingen daarvoor aan de slag met virtual reality. Bezoekers kunnen deze virtuele musea bezoeken van thuis uit, omdat de 360°-fotografie toelaat om digitaal in het museum rond te wandelen en rond te kijken. Soms kan je doorklikken naar meer informatie over erfgoedstukken die te zien zijn in het virtueel museum.

Virtueel museum in Zemst met stukken uit de middeleeuwen in vitrines

Het museum van Heemkring de Semse in een virtuele omgeving

Los van toepassingen die al verwezenlijkt zijn, gebeurt er allerlei onderzoek naar het potentieel van VR en AR in de erfgoedsector. De academische sector speelt daarin een belangrijke rol en schenkt vooral aandacht aan mogelijke toepassingen in de gesubsidieerde erfgoedsector. In deze artikelenreeks ligt de focus daarentegen op de erfgoedvrijwilliger.

Hoe kunnen virtual en augmented reality het werk van erfgoedvrijwilligers in de toekomst veranderen? Welke uitdagingen en mogelijkheden brengen deze technologieën met zich mee? En hoe kunnen erfgoedverenigingen de technologieën inzetten om hun aanbod te verrijken?

IN GESPREK MET VIER ERVARINGSDESKUNDIGEN

Om deze vragen te verkennen gingen we in gesprek met vier mensen: Paul Van de Velde (Heemkring de Semse), Bram Wiercx (Faro), Iason Jongepier (Universiteit Antwerpen) en Daniël Pletinckx (Visual Dimension). Ze bieden elk een ander perspectief vanuit hun eigen achtergrond: Van de Velde als erfgoedvrijwilliger, Wiercx vanuit de gesubsidieerde erfgoedsector, Jongepier als academisch onderzoeker en Pletinckx vanuit de private sector. Allemaal waren of zijn ze betrokken bij VR/AR-projecten in de erfgoedsector. Die projecten wakkerden elk op hun eigen manier onze nieuwsgierigheid aan.

Niet alleen gebruiken erfgoedvrijwilligers de output van deze projecten, ook heeft elk project boeiende kenmerken. De heemkring uit Zemst werkt zowel met VR als AR en geeft die toepassingen een prominente plaats in haar aanbod. Faro maakt sterke AR-technologieën toegankelijk voor verschillende erfgoedspelers, ook erfgoedvrijwilligers.

Iason Jongepier experimenteerde voor het onderzoeksproject Virtuafort van het Centrum voor Stadsgeschiedenis (Universiteit Antwerpen) met de vertaling van historisch onderzoek naar een virtuele omgeving. Daniël Pletinckx voerde in opdracht van Provincie West-Vlaanderen een virtuele 3D-reconstructie van een erfgoedsite uit die je kan bekijken zonder VR-bril. We vroegen deze vier ervaringsdeskundigen waarom ze met virtual en augmented reality aan de slag gingen.

 

Een rood, blauwe infographic rond virtual en augmented reality voor erfgoedvrijwilligers als project van Histories voor de reeks Spraakmakers van Digitaal Werken voor Erfgoedvrijwilligers

De vier ervaringsdeskundigen

PAUL VAN DE VELDE: EEN VIRTUELE TOUR EN TOCHTEN MET DE ERFGOEDAPP

Een digitaal aanbod…

‘Daar ligt voor mij de toekomst.’ Aan het woord is Paul Van de Velde, voorzitter van Heemkring de Semse uit Zemst. Hij had het over de digitale ontsluiting van het Zemstse erfgoed. De vereniging laat je namelijk niet alleen kennis maken met de Zemstse geschiedenis in haar eigen museum, ze gidst je ook langs het erfgoed met vormen van virtual en augmented reality.

Via de webomgeving Zemst: prachtig virtueel kan je vanuit je luie zetel thuis in vogelvlucht Zemst en omliggende dorpen virtueel bezoeken. Je kijkt uit over de straten en de huizen, de bossen in de achtergrond, en als je wil kan je binnenstappen in verschillende erfgoedgebouwen. Binnen in het Rubenskasteel, in de kerken en in de toltoren aan de Zenne kom je meer te weten over glasramen, schoorsteenmantels, schilderijen en meer.

Zicht op Zemst in vogelvlucht, met blauwe lucht, vanuit een virtuele tour op het internet

De start van de virtuele tour, Zemst: virtueel prachtig

De Semse neemt je niet alleen virtueel mee doorheen Zemst, ze verrijkt ook je bezoek aan het historische centrum als je er zelf op uit trekt. Met de ErfgoedApp in de hand ontdek je via de wandeltours de geschiedenis van de plaatsen waar je komt. In het kader van het experimenteel herbestemmingsfestival Stories Unfold, werkte de Semse samen met Natuurpunt Zemst ook een fietstocht uit. Die voert je langs landschappen die Pieter Paul Rubens in de zeventiende eeuw op doek bracht.

Een bruin gele historische kaart van de Semse in Zemst met een QR-code voor de ErfgoedApp

Scan een QR-code bij de historische Villaretkaart van de Semse

De kring gebruikt de ErfgoedApp niet alleen in openlucht, maar ook in het heemkundig museum. Vanop je eigen scherm geeft een gids uitleg over de stukken die je er ziet en met een simpele scan van een QR-code leer je bij over de historische kaarten die er getoond worden.

… als bewuste keuze

De ‘digitale weg’ waarover Van de Velde spreekt, is met Zemst: prachtig virtueel en de tours in de ErfgoedApp duidelijk aanwezig in de werking van de kring. Dat was en is een bewuste keuze, waarbij de ErfgoedApp hun eerste digitale manier werd om mensen te prikkelen met het Zemstse erfgoed.

Hoewel gidsen museumbezoekers mee op sleeptouw namen langs de vitrines, waren er steeds twee mensen nodig om de bezoekers doorheen het museum te leiden en van uitleg te voorzien, zo vertelt Van de Velde. Op zoek naar een efficiëntere werking kwam de Semse bij de ErfgoedApp terecht.

een man met grijs haar en een zwr-arte trui kijkt naar de camera en typt op een laptop

Paul Van de Velde

De tochten die de Semse met de ErfgoedApp uitwerkt, vinden hun oorsprong tijdens de pandemie. Met de ErfgoedApp kon de heemkring toch nog mensen in contact brengen met de Zemstse geschiedenis. Bovendien vermijdt de keuze voor digitale varianten om met papieren media te werken, die de kring beschouwt als minder duurzaam. Papier is bijvoorbeeld moeilijker om te bewaren, neemt meer plaats in en brengt bij wijzigingen heel wat kosten met zich mee.

‘In de coronaperiode mocht je hier niet komen. Toen is het idee ontstaan om voor de verschillende deelgemeenten een historische wandeling uit te werken.’ – Paul Van de Velde

Een frisse en moderne uitstraling

Vandaag is een belangrijk doel van de kring om met deze tools een breder, ander en jonger publiek te bereiken. Naar het museum zelf komen niet bijster veel bezoekers, dus de Semse wilde inzetten op de omgekeerde beweging: als je de mensen niet tot bij de heemkring krijgt, dan breng je de heemkring tot bij de mensen.

Deze digitale tools zorgen ervoor dat mensen vlotter hun weg vinden naar de heemkring, maar het is ook gemakkelijker om het Zemstse erfgoed ‘terug te geven aan het publiek’, zo vertelt Van de Velde. Door daarvoor gebruik te maken van VR- en AR-technologieën wil de kring het oubollige imago van een heemkring van zich afschudden.

‘Je moet al echt wereldschokkende dingen kunnen tonen om ze uit hun stoel tot hier te krijgen. Daarom was het idee: laat ons die geschiedenis, die kennis die wij hebben, in een mooi format bij de mensen thuis brengen.’ – Paul Van de Velde

BRAM WIERCX: DE ERFGOEDAPP

De ErfgoedApp waarmee Heemkring de Semse aan de slag gaat, is ontwikkeld door Faro. Bram Wiercx, adviseur digitaal erfgoed bij Faro en projectmanager van de ErfgoedApp, vertelde ons hoe de app ontstond in 2015. De belangrijkste drijfveer bestond eruit informatie te kunnen voorzien op locatie, waarbij op een innovatieve, digitale manier omgesprongen wordt met erfgoed.

Een smartphone met een kaart n de ErfgoedApp

De ErfgoedApp

Omdat ongeveer gelijktijdig, in 2013, door Apple de iBeacon-technologie gelanceerd werd, besloot Faro om die technologie te gebruiken in het nieuwe project. De technologie was een alternatief voor traditionele audioguides. Beacons zorgen ervoor dat via Bluetooth bepaalde informatie beschikbaar wordt op je eigen smartphone zodra je er dichtbij genoeg bent. Door beacons te plaatsen bij verschillende kunstwerken, konden bezoekers steeds op de juiste plaats de juiste informatie toegestuurd krijgen op hun eigen toestel.

Faro pikte dit op en ging ermee aan de slag. In eerste instantie werd de app ontwikkeld voor gebruik in een museumzaal en/of tentoonstelling. Later breidde dit ook uit naar wandel- en fietstours. Vandaag ontdek je met de app in heel Vlaanderen en Brussel erfgoedverhalen, over kastelen, schilderijen, landschappen en veel meer. Met tekst, afbeeldingen, audio en video geven erfgoedinstellingen en -verenigingen je zo toelichting.

De ErfgoedApp is bovendien ‘laagdrempelig in gebruik’, zo vertelt Bram Wiercx. Voor Spraakmakers verkenden we op welke manieren de app het toevoegen van een digitale laag, aan de werkelijkheid die jij om je heen ziet, faciliteert.

‘Waarin wij ons onderscheiden van andere producten, zijn de informatie en verhalen bij erfgoed op locatie. Dat is de missie van de ErfgoedApp en dat was heel belangrijk voor ons in alle ontwikkelingen die we hebben gedaan.’ – Bram Wiercx

IASON JONGEPIER: VIRTUAFORT

Een virtuele reconstructie van Fort Lillo

Fort Lillo is een van de oudste forten in Antwerpen. Vandaag huisvest het een klein dorpje binnen de versterkte omwalling. Als je het bezoekt, zullen de gidsen je niet alleen meenemen door de hedendaagse straten, maar tonen ze je ook hoe het fort er uitzag in de zeventiende eeuw. De gidsen kunnen zelfs laten zien hoe het fort er in de toekomst zal uitzien.

Dat doen ze met een virtual reality-omgeving die tot stand kwam door een samenwerking tussen Regionaal Landschap de Voorkempen, Universiteit Antwerpen, het bedrijf Visual Dimension en de Stad Antwerpen. We gingen in gesprek met Iason Jongepier, historisch onderzoeker aan het Antwerpse Centrum voor Stadsgeschiedenis, die ons vertelde welke rol de universiteit van Antwerpen speelde in het historische voortraject.

‘De samenwerking met de andere partners was heel interessant. Ook heel fijn om een bredere groep om ons heen te hebben dan dat we in strikt academische projecten zouden hebben.’ – Iason Jongepier

Het virtual reality-project van Fort Lillo, Virtuafort, past binnen het bredere project ‘Recapture the fortress cities’. Dat initiatief heeft tot doel om militair erfgoed, zoals vestingssteden, stadswallen, forten… te herbestemmen om zo de ruimte in te zetten voor een positieve impact op het klimaat. Zo worden forten bijvoorbeeld vergroend, stadswallen omgetoverd tot wandelgebieden en de bouwwerken aangewend om de betonstop in de hand te werken.

Ook Fort Lillo zal in de nabije toekomst een hele transformatie ondergaan als onderdeel van dit project. Net in dat proces speelt de VR-omgeving een zinvolle rol, want hoewel de virtuele omgeving ingezet wordt als een toeristische tool, zorgt het er tegelijkertijd voor dat het inzicht in de site vergroot. Zowel verleden, heden als toekomst maken immers deel uit van de virtual reality-omgeving.

Een versterkt Fort Lillo omringd door water. Je ziet rode huisjes omgeven door groen en een stervormige omwalling

De start van de virtuele tour in Fort Lillo

Het historische vooronderzoek

Het Centrum voor Stadsgeschiedenis (Universiteit Antwerpen) was verantwoordelijk voor de historische kant van dit verhaal. Voor de onderzoekers was Virtuafort een interessant project, omdat er geëxperimenteerd kon worden met ‘innovatieve manieren om historische data in beeld te brengen’, aldus Iason Jongepier.

Virtuafort maakte namelijk ook deel uit van Antwerp Time Machine, een historisch onderzoeksproject dat aansluiting vindt bij het bredere European Time Machine. De doelstelling van die projecten is om naar het verleden te reizen door een innovatieve inzet van bronnenmateriaal. Het omzetten van historische data in een VR-omgeving was dus een interessante testcase.

‘Het reizen doorheen de tijd aan de hand van historisch bronnenmateriaal staat centraal in eigenlijk alles wat er gebeurt in Antwerp Time Machine. We doen dat liefst met nieuwe of innovatieve manieren om bronnen te ontsluiten. Zo maken we dat bronnenmateriaal voor zowel wetenschappelijk onderzoek als het brede publiek inzichtelijk.’ – Iason Jongepier

DANIËL PLETINCKX: SITE RAVERSYDE

Tot slot legden we ons oor te luisteren bij Daniël Pletinckx van het bedrijf Visual Dimension, dat zich onder meer toelegt op het ontwikkelen van virtual reality-omgevingen voor erfgoedsites. Dat deden ze ook voor de Antlantikwall-site in Raversijde, een militaire versterking uit de twintigste eeuw gelegen aan de Belgische kust. De site is er een met meerdere geschiedenissen.

Het Duitse leger gebruikte de verdedigingswal die bewaard bleef zowel tijdens de Eerste als Tweede Wereldoorlog. Dat wil ook zeggen dat beide periodes hun sporen hebben achtergelaten. Toen Duitse soldaten de bunkers, en zelfs de hele batterij, in de Tweede Wereldoorlog opnieuw bemanden, ging dat ook gepaard met allerlei aanpassingen.

Architecturaal veranderde de site van uitzicht en structuur. Dat zorgt er ook voor dat deze twee periodes vandaag in elkaar verweven zijn en de verschillende sporen soms moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. Net daarom zetten Daniël Pletinckx en zijn collega’s, samen met de partners in dit project, een VR-ontwikkeling op poten. Het doel? Met een virtuele reconstructie van de site het zichtbare verduidelijken, het onzichtbare zichtbaar maken en ons begrip van het erfgoed bevorderen.

‘Om het verhaal te vertellen van de Eerste Wereldoorlog en van de Tweede Wereldoorlog, is het heel moeilijk om die twee dingen uit elkaar te houden. Daarom is er gekozen voor een gecombineerde aanpak, namelijk door ook met virtual reality te tonen hoe de site was in de Eerste Wereldoorlog.’ – Daniël Pletinckx

Zicht op het strnad en de militaire batterij van Raversyde in Oostende bij de Atlantikwall in de duinen

De virtuele omgeving van site Raversyde

TOEGEVOEGDE WAARDE ALS DRIJFVEER

Virtual en augmented reality zijn dus geen onbekenden meer in het erfgoedveld. Bovendien wordt de keuze voor VR- of AR-technologieën niet zomaar gemaakt, ook niet door de vier ervaringsdeskundigen die we interviewden voor Spraakmakers. Zowel Van de Velde, Wiercx, Jongepier als Pletinckx hadden goed voor ogen wat ze ermee wilden bereiken. Ze keerden zich tot VR en AR omdat het een toegevoegde waarde oplevert: ze kunnen het huidige erfgoedaanbod ermee uitbreiden én verrijken. Kortom, ze wilden het potentieel van VR en AR benutten om erfgoed op een andere, nieuwe manier in de kijker te zetten.

Benieuwd hoe ze historische inhoud verwerkten tot technologische toepassingen om die meerwaarde te bereiken? Je leest er alles over in dit artikel.

MEER LEZEN?

Ontdek ook de andere artikels die we in de reeks Spraakmakers schreven rond virtual en augmented reality:

MEER WETEN?

Afbeeldingen

De afbeeldingen genummerd op volgorde van boven- tot onderaan de pagina:

  1. Mobiele smartphone met augmented reality, via Pixabay.
  2. © Herman Desmet Photography, Erfgoedhuis de Semse, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  3. © Histories, Infographic met de vier ervaringsdeskundigen.
  4. © Paul Van de Velde, Paul van de Velde van Heemkring de Semse.
  5. © Herman Desmet Photography, Start van Zemst: prachtig virtueel, via https://kuula.co/share/collection/7XbhQ?logo=1&info=0&fs=1&vr=1&sd=1&initload=0&thumbs=-1.
  6. © Paul Van de Velde, Villaretkaart met QR-code in het museum van Heemkring de Semse.
  7. © Faro, De ErfgoedApp, via https://erfgoed.app/.
  8. © Visual Dimension, Virtuafort: de VR-omgeving van Fort Lillo, via http://heritage.visualdimension.be/FortLillo/.
  9. © Visual Dimension, De VR-omgeving van site Raversyde, via https://thegreatwaratraversyde.wordpress.com/.

Artikels

  • Ramtohul, Arvind en Khedo, Kavi Khumar (2024). ‘Augmented reality systems in the cultural heritage domains: A systematic review’. In Digital Applications in Archaeology and Cultural Heritage, 32 (2024): https://doi.org/10.1016/j.daach.2024.e00317.
  • Boboc, Răzvan Gabriel e.a. (2022). ‘Augmented Reality in Cultural Heritage: An Overview of the Last Decade of Applications’. In Applied Sciences, 12 nr. 19 (2022): https://doi.org/10.3390/app12199859.

Websites

Vrijwilligers rekruteren voor lokale erfgoedverenigingen

Ook op zoek naar witte raven? Vrijwilligers rekruteren voor lokale erfgoedverenigingen

Bladwijzer 1: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen - mei 2011 • 01

Van november 2010 tot april 2011 konden lokale erfgoedorganisaties in alle provincies de cursusavond ‘Ook op zoek naar witte raven? Vrijwilligers rekruteren voor lokale erfgoedverenigingen’ volgen. Deze avonden, die ingericht werden door Heemkunde Vlaanderen en het Forum voor Erfgoedverenigingen, bestonden uit een interactieve voordracht van Koen Vermeulen van het Steunpunt voor Vrijwilligerswerk en rondetafelgesprekken waar lokale erfgoedverenigingen met een goed rekruterings- en medewerkersbeleid hun expertise deelden en in gesprek gingen met de andere deelnemers om ervaringen uit te wisselen en samen oplossingen te bedenken.

De vragen die centraal stonden tijdens de avondcursussen waren: Hoe kan ik nieuwe vrijwilligers rekruteren voor mijn erfgoedvereniging? Hoe kan mijn bestuur verjongen? Waar moet ik hierbij op letten? Hoe moet ik een goed medewerkersbeleid voeren zodat de nieuwe vrijwilligers ook blijven komen? Voor de erfgoedverenigingen die niet konden deelnemen, maar nog steeds op zoek zijn naar nieuwe witte raven om hun vrijwilligersploeg uit te breiden, bundelen we de resultaten van de rondetafelgesprekken en de essentie van de voordracht in onderliggende tekst. De theorie, aangereikt door Koen Vermeulen, wordt via tips en voorbeelden uit de praktijk aangevuld.

Drie mannen zijn in gesprek met elkaar. Ze hebben een tas koffie in hun hand.

Vrijwilligers vergoeden? Hou hier rekening mee

Vrijwilligers vergoeden? Hou hier rekening mee

Drie mannen zijn in gesprek met elkaar. Ze hebben een tas koffie in hun hand.

Vrijwilligerswerk is altijd onbezoldigd, maar dat betekent niet dat je als vereniging geen kosten mag vergoeden. Wel moet je de regels van de Vrijwilligerswet volgen. In deze praktijktip lees je waarop je als vereniging moet letten als je vrijwilligers een kostenvergoeding wil geven.

BEDANKEN MAG, MAAR MET MATE

Je bent als vereniging niet verplicht om vrijwilligers hun kosten te vergoeden. Wil je hen toch bedanken voor hun inzet? Dat kan ook met een kleine attentie. Belangrijk: zo’n geschenk mag in totaal maximaal 40 euro per jaar kosten.

KIES JE KOSTENVERGOEDING

Je kan kiezen tussen twee soorten vergoedingen:

  • Reële kostenvergoeding: je vrijwilliger toont de kosten aan met bewijzen, zoals bonnetjes of treintickets.
  • Forfaitaire kostenvergoeding: je betaalt een vast bedrag, zonder dat daar bewijzen tegenover staan.

Je kan kiezen om alle taken op dezelfde manier te vergoeden, maar je mag ook per soort taak een andere aanpak hanteren. Die keuze geldt dan wél voor het hele kalenderjaar.

Let op: een vrijwilliger mag maar één systeem hanteren per kalenderjaar, ook als hij of zij actief is in meerdere organisaties. Anders kan de vrijwilliger de vergoeding niet aannemen. De vrijwilliger is zelf verantwoordelijk voor het aanhouden van één systeem.

Een uitzondering: een verplaatsingsvergoeding mag je combineren met een forfait. Als je ze combineert is de verplaatsingsvergoeding op jaarbasis begrensd.

RESPECTEER DE MAXIMUMBEDRAGEN

Werk je met reële kosten? Dan geldt er geen maximumbedrag, zolang je alles met bewijsstukken kan aantonen.

Kies je voor het forfaitair systeem? Dan gelden er wél plafonds. In 2025 bedraagt de maximale vergoeding:

  • 42,31 euro per dag 
  • 1.692,51 euro per jaar 

In de sportsector is er voor sommige taken een verhoogde forfaitaire kostenvergoeding. Je moet per kalenderjaar bijhouden welke vrijwilligers de forfaitaire vergoeding ontvingen, de data waarvoor ze de vergoeding kregen en de betaalde bedragen.

Ook vervoerskosten kan je vergoeden. De bedragen voor 2025 zijn: 

  • 0,4415 euro per km met de auto (tussen 1 juli 2024 en 30 juni 2025)
  • 0,36 euro per km met de fiets

Werk je met een reële kostenvergoeding, dan kan je alle gereden kilometers vergoeden. Combineer je de verplaatsingsvergoeding met een forfaitaire vergoeding? Dan is deze op jaarbasis beperkt tot het bedrag dat overeenkomt met 2.000 km afgelegd met de auto. Het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk (VSVW) legt dit in deze video helder uit.

Kilometers moet je altijd bewijzen. Het VSVW heeft daar een modeldocument voor. Rijdt de vrijwilliger met een bedrijfswagen? Dan kan die geen kilometers inbrengen.

Let op: als je de maxima overschrijdt, wordt het vrijwilligerswerk als ‘betaald werk’ gezien en volgen er belastingen en sociale bijdragen. Is iemand actief in meerdere verenigingen? Dan moet die persoon zelf de bedragen per dag en per jaar in de gaten houden. De som van alle vergoedingen telt. Goed om te weten: je bent als vereniging vrij om lagere bedragen uit te keren dan het maximum.

WAT MET DE ADMINISTRATIE?

Bij de forfaitaire kostenvergoeding hoort wat administratie. Hou in een nominatieve lijst nauwkeurig bij wie welke vergoeding ontvangt. De vergoedingen enkel in je boekhouding bijhouden, is niet voldoende.

Op deze website vind je een handig modeldocument en praktische tips.

VERGEET JE INFORMATIEPLICHT NIET
Drie mannen zijn in gesprek.

Je bent als vereniging verplicht om je vrijwilligers op voorhand duidelijk te informeren over: 

  • Het gekozen kostenvergoedingssysteem
  • De taken waarvoor de vergoeding gegeven wordt
  • De wettelijke maximumbedragen
  • De wetgeving over het combineren van systemen

Dat doe je het best met een informatie- of afsprakennota. Zet die op je website, stuur hem per mail en vraag om ondertekening of bevestiging van ontvangst. Zo voldoe je wat betreft de kostenvergoedingen zeker aan je informatieplicht.

MAG JE IN ELK SOCIAAL STATUUT VRIJWILLIGERSWERK DOEN?

In sommige sociale statuten moet je je vrijwilligerswerk vooraf melden of zelfs toestemming vragen. Hou je je aan deze regels, dan heeft een kostenvergoeding géén invloed op je uitkering. 

Een overzicht:

  • Werkloosheidsuitkering: meld je vrijwilligerswerk vooraf met formulier C45B bij de RVA. Komt er binnen de 14 dagen geen reactie, dan kan je het als goedgekeurd beschouwen en kan de vrijwilliger starten.
  • Brugpensioen (SWT): dezelfde regels als bij werkloosheid. 
  • Ziekte of invaliditeit: vraag schriftelijke toestemming van de adviserend arts van je mutualiteit. 
  • Leefloon: vraag toestemming aan je OCMW. 

Er gelden geen extra voorwaarden voor gepensioneerden, mensen met tijdskrediet, loopbaanonderbreking of met een handicap.

HOE ZIT HET MET WERKENDEN?

Ben je werknemer, zelfstandige of ambtenaar? Ook dan gelden er enkele regels:

  • Je mag in de organisatie waarin je betaald werk verricht, enkel vrijwilligerswerk doen indien dat wezenlijk verschilt van je betaalde opdrachten.
  • Ambtenaren die in een andere organisatie willen vrijwilligen vragen bij twijfel over mogelijke belangenconflicten best toestemming aan hun leidinggevende.

WAT ALS JE BESTUURDER BENT?

Krijg je presentiegeld als bestuurder? Dan val je buiten de Vrijwilligerswet en zijn je inkomsten belastbaar. Je vereniging maakt dan een fiscale fiche op. Of je sociale bijdragen betaalt, hangt af van de link tussen je bestuurstaak en je gewone inkomen. Is dat het geval? Dan zijn het beroepsinkomsten en betaal je sociale bijdragen. Is dat niet het geval? Dan zijn het occasionele inkomsten en betaal je geen sociale bijdragen.

Ben je een bestuursvrijwilliger? Dan mag je wél kostenvergoedingen ontvangen. Let op: sinds 2019 mag je geen combinatie meer maken van presentiegeld en een vrijwilligersvergoeding, ook niet voor verschillende taken.

MEER WETEN?

Je vindt meer informatie, uitlegvideo’s en modeldocumenten over vrijwilligerswetgeving en kostenvergoedingen op de website van het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk.

Heb je een vraag of wil je advies op maat? Contacteer onze collega Els via els.vervaet@histories.be of bel 0492 11 75 36. 

Man houdt een erfgoedtijdschrift vast in Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Waarborg de toekomst van jouw erfgoedpublicaties: deponeren stap voor stap

Waarborg de toekomst van jouw erfgoedpublicaties: deponeren stap voor stap

Man houdt een erfgoedtijdschrift vast in Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Publiceert jouw erfgoedvereniging tijdschriften of jaarboeken? Vergeet dan niet om deze te deponeren! Door jouw erfgoedpublicatie te deponeren verspreid je kennis, verzeker je het behoud van je tijdschrift en zorg je ervoor dat jouw publicatie door anderen ontdekt wordt. Deponeren biedt dus tal van voordelen. In deze praktijktip gaan we dieper in op deze voordelen en leggen we ook uit waar je je publicatie(s) allemaal kan deponeren.

WETTELIJKE DEPONERING BIJ KBR

Als jouw vereniging tijdschriften of boeken publiceert, dan is het wettelijk verplicht om ze te deponeren bij de Koninklijke Bibliotheek van België (KBR), zelfs wanneer het gaat om een publicatie

  • Voor een beperkt publiek, zoals enkel voor leden van de vereniging
  • Die gratis is
  • Die een uitgave is zonder ISBN of ISSN
  • Die een uitgave is van beperkte oplage of die op vraag gedrukt wordt

De wettelijke verplichting geldt voorlopig enkel voor gedrukte uitgaven, maar je kan ook al op vrijwillige basis digitale publicaties deponeren.

Hoe je jouw publicatie online kan aangeven en deponeren lees je hier.

De verplichte deponering van gedrukte publicaties zorgt ervoor dat de Belgische boeken- en tijdschriftenproductie centraal verzameld wordt in de meest optimale omstandigheden. KBR beschermt niet alleen, maar heeft ook als taak om alle titelbeschrijvingen van boeken en tijdschriften op te nemen in de Belgische Bibliografie, het permanente uitstalraam van het Belgische uitgeefpatrimonium. Dit zorgt voor zichtbaarheid op nationaal en internationaal vlak.

Daarnaast beschrijft KBR jouw publicaties volgens internationale standaarden zoals ISSN (voor seriële publicaties) en ISNI (voor personen en organisaties), waardoor ze wereldwijd makkelijk vindbaar en eenvoudig te identificeren zijn. Voor boeken ontvang je het ISBN via Meta4Books. Zowel ISBN als ISSN moeten vóór publicatie aangevraagd worden via een van de volgende aanvraagformulieren:

  • Aanvraagformulier ISSN
  • Aanvraagformulier ISBN

Van niet-periodieke uitgaven moet je twee exemplaren deponeren. Voor een periodieke uitgave volstaat één exemplaar.

HOE GAAT DE VERPLICHTE DEPONERING BIJ KBR IN ZIJN WERK? 

Depotverklaring

Om een publicatie te kunnen deponeren, moet je je eerst inschrijven als deposant. Schrijf je hier eenmalig in en leg vervolgens bij elke deponering online een depotverklaring af:

Per post deponeren

Je kan je werk ook per post deponeren. De portkosten zullen door KBR zelf betaald worden. Hiervoor moet je etiketten bestellen. Dit doe je zo:

  1. Log hier in.
  2. Klik op “pakje verzenden” en vul het formulier in.
  3. Binnen de 5 werkdagen ontvang je 4 etiketten via e-mail. Deze etiketten blijven geldig tot ze gebruikt worden.
  4. Print deze etiketten af, plak één etiket per pakje, en breng het naar Bpost of een postpunt.

Ter plaatse deponeren

Je kan je publicatie ook persoonlijk afgeven aan KBR op het volgende adres:

Koninklijke Bibliotheek van België

Wettelijk Depot

Gerechtsplein 9

1000 Brussel

Indien je jouw publicatie ter plaatse gaat deponeren, moet je eerst een afspraak maken:

  • E-mail: secr.depot@kbr.be
  • Tel.: +32 (0)2 519 56 80

Dit kan op werkdagen: van maandag tot vrijdag van 9:00 tot 12:00 en van 14:00 tot 16:00.

DEPONEREN BIJ ERFGOEDBIBLIOTHEEK HENDRIK CONSCIENCE

Façade van Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Naast het verplichte deponeren bij KBR is het ook interessant om je periodieke publicaties, waaronder jaarboeken, maandbladen en andere tijdschriften, te deponeren bij de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience (EHC).

Deze bewaarbibliotheek van de stad Antwerpen verzamelt alles wat met de taal- en letterkunde, geschiedenis en (volks)cultuur in en rond Vlaanderen te maken heeft. Van oude drukken, over historische kranten, tot recente publicaties. Als centrale bewaarplaats voor erfgoedpublicaties is de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience dus bijzonder geschikt voor iedereen die bezig is met heemkunde, genealogie, cultuur van alledag en metaaldetectie. Het betekent dat bezoekers sneller en gerichter naar jullie publicaties gebracht worden.

Deze vrijwillige deponering biedt echter nog enkele andere voordelen.

Geniet van langetermijnbescherming voor je publicaties

Een meervoudig depot biedt twee voordelen. Ten eerste is er een grotere garantie op volledigheid, want lokale uitgaven en grijze literatuur komen niet altijd in KBR terecht. Daarnaast geeft het ook veiligheid, want als exemplaren op verschillende plaatsen worden bewaard, wordt het risico op verlies kleiner.

Stel dat de erfgoedvereniging zou stoppen, dan kan je gerust zijn dat de publicaties beschermd zijn, zowel de fysieke als de digitale versies.

Inspireer anderen met je unieke onderzoek

Jouw onderzoek komt bij een groter publiek terecht en kan mensen aansporen om je lokale erfgoed onder de loep te nemen.

Ze kan inspiratie bieden voor nieuw onderzoek. Aangezien de bibliotheek niet verbonden is aan een specifieke onderzoeksinstelling bedient ze zowel academici als onafhankelijke onderzoekers en andere erfgoedliefhebbers.

Vergroot de vindbaarheid van je publicaties

De aanwinsten van EHC worden opgenomen in hun catalogus, waardoor je werk aan de hand van diverse zoektermen teruggevonden kan worden. Door te deponeren zorg je ervoor dat jullie bereik vergroot.

Behoud direct contact met je lezers

Door je tijdschrift (en dus ook je jaarboek) te deponeren bij EHC hoeft het contact met je lezerspubliek niet te verdwijnen. Integendeel, door de grotere zichtbaarheid en bredere verspreiding van je werk, bereik je een nieuw publiek dat mogelijk interesse krijgt in jouw vereniging.

In je tijdschrift kan je duidelijk maken hoe geïnteresseerden contact kunnen opnemen. Zo blijft het tweerichtingsverkeer behouden, terwijl je ook van de voordelen van een bredere verspreiding geniet.

Stimuleer interesse voor jouw andere publicaties

Bij ontvangst van je tijdschrift kijkt EHC na of er nieuwe boeken in worden aangekondigd of besproken. De gratis gedeponeerde jaarboeken en tijdschriften brengen EHC er vaak toe om jouw andere lokale erfgoedpublicaties aan te kopen.

TOEGANKELIJKHEID VAN JOUW GEDEPONEERDE PUBLICATIES

Man houdt een erfgoedtijdschrift vast in Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Heb je digitale tijdschriften gedeponeerd, dan kan je als auteur kiezen hoe breed je publicatie toegankelijk is. Zo kan je aangeven dat artikels enkel zichtbaar mogen zijn als bezoekers fysiek in EHC zitten. Of je kan toestaan dat de online bezoekers ook van thuis uit de publicatie kunnen bekijken.

Bij de papieren tijdschriften is deze keuze er niet. EHC streeft echter steeds naar een evenwicht tussen toegankelijkheid en bescherming van het materiaal. Een gebruiker kan het erfgoedtijdschrift niet in zijn geheel inscannen. Enkel van losse artikels kan een scan gemaakt of opgevraagd worden. Deze werkwijze is in overeenstemming met de regelgeving rond auteursrechten en stimuleert gebruikers om naar de bibliotheek te komen, waar ze meer kunnen ontdekken dan enkel het ene artikel dat ze aanvankelijk opzochten. Op die manier krijgt lokaal onderzoek een grotere spreiding.

Histories verdedigt het belang van de lokale erfgoedtijdschriften. We doen er dan ook alles aan om de voordelen voor erfgoedtijdschriften de komende jaren verder te laten groeien.

HOE DEPONEER JE BIJ EHC?

De publicatie bezorgen jullie op het volgende adres:

Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Hendrik Conscienceplein 4

2000 Antwerpen

Indien je de publicatie persoonlijk wil deponeren, maak je eerst een afspraak met Dirk Van Duyse op 0471 58 21 45 of dirk.vanduyse@antwerpen.be.

Je digitale publicatie deponeren is heel gemakkelijk. Neem hiervoor contact op met marcel.vandenheuvel@antwerpen.be.

Geraak je niet in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience om je tijdschrift(en) persoonlijk af te geven? Dan is EHC bereid om de verzendkosten van een gebundelde jaarlijkse zending terug te betalen. Stuur dus niet elk trimester je tijdschrift op, maar bezorg in één keer alle edities van het afgelopen jaar. Zo wordt de administratie voor beide partijen beperkt (kosten-baten).

Hoe gaat dit in zijn werk?

Voeg bij je verzending een afrekening toe, of mail deze naar marcel.vandenheuvel@antwerpen.be. Vermeld daarbij volgende gegevens:

  • De naam van je heemkring, het adres, rekeningnummer en, indien van toepassing, je btw-nummer.
  • De prijs van je verzending

De vordering of factuur richt je formeel aan: AG CIA – Erfgoed, Grote Markt 1, 2000 Antwerpen, maar je kan deze ook bij het verzendpakket steken.

Het postadres voor je pakket is: Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience, ter attentie van Marcel van den Heuvel, Hendrik Conscienceplein 4, 2000 Antwerpen.

Bezoek de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Mensen studeren in de leeszaal van Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Wil je graag de leeszaal van EHC bezoeken? Om binnen te geraken heb je een A-kaart nodig, die je gratis kan krijgen bij EHC zelf. Meer informatie over het raadplegen van de collectie en het bezoeken van de leeszaal vind je hier.

Ben je een deponerende erfgoedvereniging of overweeg je te deponeren? Dan kan je een kennismakingsbezoek achter de schermen van de Erfgoedbibliotheek en haar collectie aanvragen. Neem hiervoor contact op met Dirk Van Duyse, verantwoordelijke collectievorming moderne drukken, via dirk.vanduyse@antwerpen.be. Hij leidt jullie graag met veel enthousiasme persoonlijk rond.

Een bezoek achter de schermen is een zeldzame kans om ook de historische Nottebohmzaal te zien. De bezichtiging van deze zaal is namelijk enkel mogelijk in het kader van een bezoek achter de schermen of tijdens de publieksactiviteiten van de Erfgoedbibliotheek.

PUBLICEREN IN DE ARTIKELENDATABANK VAN HISTORIES

Ook wij ondersteunen jou in het meer zichtbaar maken van je onderzoek. Onze Artikelendatabank is een platform dat meer dan 400 tijdschriften en jaarboeken van erfgoedvrijwilligers ontsluit op artikelniveau. Het bevat op dit moment meer dan 200.000 beschrijvingen.

Hiermee willen we het historisch onderzoek door erfgoedvrijwilligers mee verspreiden: een breder publiek vindt zo haar weg naar de artikels van erfgoedvrijwilligers en onderzoekers kunnen voortbouwen op eerder onderzoek. Wij ijveren namelijk voor meer waardering voor historisch onderzoek door erfgoedvrijwilligers.

Heb je nog vragen over deponeren bij KBR of EHC? Dan kan je terecht bij collega Els Vervaet op els.vervaet@histories.be of 0492 11 75 36. 

Heb je interesse in het publiceren van een boek? Bekijk dan onze praktijktip rond hoe je jouw eerste boek publiceert.

 

Witte kassa: verplicht voor lokale erfgoedverenigingen?

Witte kassa: verplicht voor lokale erfgoedverenigingen?

Baat jullie lokale erfgoedvereniging een heemcafé uit of organiseert ze geregeld eetfestijnen? Dan is ze sinds kort misschien verplicht om met een geregistreerd kassasysteem (GKS), de zogenaamde ‘witte kassa’, te werken.

Wat?

Het Geregistreerd Kassasysteem (GKS) of de witte kassa bestaat uit een kassa met een controlemodule (black box) en een gepersonaliseerde kaart (smartcard). Zonder controlemodule en kaart werkt de kassa niet. Het hele systeem moet door een bevoegde overheid gecertificeerd worden. De maatregel vloeit voort uit een akkoord dat de regering in 2009 sloot met de horecasector: een verlaging van het btw-tarief naar 12% kon enkel wanneer de sector akkoord ging met de invoering van een GKS dat een efficiëntere fraudebestrijding mogelijk maakte.

Voor wie?

Btw-plichtige vzw’s die een zaak uitbaten waar regelmatig maaltijden worden verbruikt moeten een btw-kasticket uitreiken via een Geregistreerd Kassa Systeem (GKS), als zijn jaaromzet, exclusief btw, voor die restaurant- en cateringdiensten hoger is dan 25.000 euro.

Dit bedrag van 25.000 euro vervangt dus de term ‘regelmatig’ uit het oude artikel 21bis. Die term verviel op 30 juni 2016, omdat hij, na het vernietigen van de 10 % – regel, teveel ruimte liet voor interpretatie.

Vergeet ook niet dat alle btw-plichtige vzw’s die maaltijden serveren sinds januari 2015 sowieso btw-bonnetjes moeten uitreiken voor voeding en drank.

Of jouw lokale erfgoedvereniging btw-plichtig is, kan je nagaan in het artikel dat hierover eerder al verscheen in Bladwijzer. Is jullie erfgoedvereniging geen btw-plichtige vzw, dan hoeft ze zich van dit alles niets aan te trekken.

Wat doen?

Ben je een btw-plichtige vzw die meer dan 25.000 euro van haar horeca-omzet uit voeding haalt? Dan moet je dit melden bij de FOD Financiën. Vanaf begin 2017 gelden er geen verzachtende maatregelen meer en zou elke inrichting die een GKS moet gebruiken, er één moeten hebben.

Alle informatie vind je op deze site: www.geregistreerdkassasysteem.be.

Voor meer informatie kan je eveneens terecht bij Daphné Maes via daphne.maes@historiesvzw.be of op het nummer 015 20 51 74.