Christelijke initiatierituelen

Drie initiatiesacramenten

Christelijke initiatierituelen

Auteur: Histories

 

Overgangsrituelen of rites de passage duiden belangrijke momenten in een levenscyclus aan. Initiatierituelen zijn een bijzondere vorm van overgangsrituelen en bewerkstelligen de geleidelijke overgang van de kindertijd naar de volwassenheid. Zo wordt er bijvoorbeeld veel belang gehecht aan de opname in de (geloofs)gemeenschap van zesjarigen en aan de opname van twaalfjarigen in de wereld der jongvolwassenen. 

In de rubriek 'over-dragers' spreken we met en over dragers van rituelen, tradities of gebruiken. Zo sprak Histories met Jolien D., die haar plechtige communie heeft meegemaakt. Ze vertelde ons over hoe dat was en hoe het voor haar voelde om onderdeel te zijn van dat ritueel. We hebben een aantal vragen gesteld en de antwoorden kun je lezen op de gesprekspagina.

Eerste communie

Samen met het vormsel en het doopsel vormt de eucharistie één van de drie initiatiesacramenten. Vanaf de eerste communie worden de kinderen als volwaardig lid van de gemeenschap van Christus beschouwd. Kinderen in Vlaanderen doen al sinds de 16de eeuw hun eerste communie, al was dat aanvankelijk op latere leeftijd. Kinderen moesten immers eerst voldoende onderricht hebben gekregen over het geloof, waardoor de eerste communie doorgaans op de leeftijd van 12 plaatsvond. In de 17de eeuw veranderde dit toen de eerste communie een echte kindercommunie werd, op de leeftijd van 7 jaar. Vóór de eerste communieviering worden de kinderen voorbereid op de plechtigheid. Op school krijgen ze godsdienstonderwijs. Het is de bedoeling dat de kinderen worden ingewijd in de evangelieverhalen en in de betekenis van de eucharistie als één van de drie initiatiesacramenten. Oorspronkelijk werd de plechtigheid voorafgegaan door de eerste biecht of het boetesacrament. Na het belijden van de zonden volgde de boetedoening en de vergeving. Tegenwoordig zijn de katholieke biechtpraktijken in Vlaanderen en Nederland nog zelden in gebruik. 

Na deze voorbereidingstijd mogen de kinderen eindelijk hun eerste volledige eucharistieviering meemaken. Per parochie verzamelen alle kinderen en hun familie zich in de kerk. Allen hebben ze hun mooiste kleren aan. Traditioneel zijn de communicanten gehuld in witte kledij, maar tegenwoordig kunnen alle kleuren van de regenboog aan bod komen. Het hoogtepunt van de kerkelijke dienst is ongetwijfeld het ontvangen van de hostie. Het is namelijk de eerste keer dat de kinderen te communie mogen gaan. Deze hostie symboliseert het lichaam van Christus. De priester zegt dan: 'Het lichaam van Christus'. Het kind antwoordt: 'Amen'.

Vroeger werd de hostie door de priester rechtstreeks op de tong van het kind gelegd, tegenwoordig mag het kind de hostie aannemen. De hostie wordt op de linkerhand gelegd en het kind mag met de rechterhand de hostie in zijn of haar mond steken. 
 
Aan het einde van de kerkelijke dienst wisselen de communicanten hun communieprentjes uit. Daarop staan tegenwoordig meestal foto’s van de communicant en een kleine boodschap. Vroeger waren de communieprentjes of santjes veel soberder. Vervolgens kan het feest aanvangen. Familie en vrienden komen samen om de eerste communie van de communicant te vieren. Daarbij worden eerst geschenken uitgedeeld aan de communicant en wordt er daarna samen gegeten. Na de hoofdmaaltijd wordt traditioneel het ijslam geserveerd. Het ijslam is een ijstaart in de vorm van een lam. De bedoeling is dat de communicant het ijslam aansnijdt. Binnenin het ijslam zit frambozencoulis waardoor het lijkt alsof het lam bloedt. Het lam symboliseert Jezus Christus die de zonden van de mensheid heeft weggenomen. 

Eerste communie

Plechtige communie

Binnen de rooms-katholieke gemeenschap is het de traditie om gelovige kinderen die in het zesde leerjaar zitten het vormselsacrament toe te dienen. Ze ontvangen dan de kracht van de Heilige Geest om gedurende hun verdere leven goede christenen of gezalfden te kunnen zijn. Deze plechtige communie of het vormsel is één van de drie initiatiesacramenten, naast doopsel en eucharistie. Tijdens de plechtige communie worden de doopbeloften hernieuwd. De vormelingen spreken voor het eerst zelf hun geloofsbelijdenis uit en bevestigen daarmee zelfstandig dat ze geloven. Daarvoor deden de peetouders dat telkens in hun plaats. 

Om die keuze te kunnen maken, worden de communicanten voor de plechtigheid gedurende een bepaalde periode voorbereid. Tijdens deze periode volgen ze wekelijks catechese of godsdienstonderwijs bij een catechist(e). Vroeger moesten ze de hele catechismus memoriseren, tegenwoordig wordt de catechismus wel nog steeds als leerboek gebruikt, maar de communicanten dienen deze niet meer volledig vanbuiten te kennen. Het belangrijkste is dat ze zich de christelijke levenswijze eigen maken. 
 
Na de voorbereidingstijd is het moment aangebroken om het vormselsacrament toe te dienen. Per parochie verzamelen alle communicanten en hun familie zich in de kerk. De kinderen waren vroeger vaak gekleed in een soort witte pij met een houten kruisje om de hals. In de meeste gemeenschappen is die traditionele pij ondertussen afgeschaft en dragen de communicanten feestkledij. Tijdens de vormselviering wordt er onder andere gebeden en wordt er vergeving gevraagd voor de zonden. Bovendien worden de communicanten één voor één met hun meter en peter of een andere begeleider naar voor geroepen. Hun voorhoofd wordt met chrisma gezalfd en ook de handoplegging vindt plaats. Oorspronkelijk gebeurde dit enkel door een bisschop, maar tegenwoordig zijn er dikwijls andere bedienaars van het vormsel omwille van het grote aantal communicanten. 
 
Na de vormselviering en het feest worden de communicanten geacht hun verdere leven goede christenen te zullen zijn. 

Meer informatie en verantwoording

Afbeeldingen

De afbeeldingen genummerd op volgorde van boven- tot onderaan de pagina:

  1. (bannerafbeelding) Eerste communie, groep met kinderen. roberto bosi, via: https://pixabay.com/nl/photos/eerste-communie-kerk-religie-4406185/
  2. Eerste communie. coreybruns, 29-04-2017, via: https://www.flickr.com/photos/coreydbruns/34231470922/

Artikelen

  • Dobbelaere, K., Leijssen, L., en M. Cloet, Levensrituelen. Het vormsel, Universitaire Pers, Leuven, 1996. (KADOC-Studies 12) 
  • Thijs, A.K.L., ‘Beeld, tekst en context: gedachtenisprentjes voor eerste communicanten uit Vlaanderen en Nederland (18e – 19e eeuw)’, Volkskunde 96 (1995), nr. 3, p. 263-322. 
  • Van Bockhaven, V., Drempelmomenten. Overgangsrituelen in drie culturen, Huis van Alijn, Gent, 2000. 
  • Van Kerckhove C. en Vens, E. (Eds.), Overgangsrituelen, Standaard Uitgeverij, Antwerpen, 2010. 

Webpagina's

  • Koolen, D. en Koch, J., ‘Het verdwijnen van de biecht: een onderzoek naar de oorzaken van de moderne crisis van de biecht en de reacties daarop van katholieke geestelijken, theologen en leken’, onuitgegeven seminarieproef, Utrecht University, 2014, beschikbaar op: https://dspace.library.uu.nl/bitstream/handle/1874/297091/