Vrouw met schriftje, rekenmachine en computer doet administratieve taken

1 januari 2026: verplichte e-facturatie voor verenigingen met btw-nummer

1 januari 2026: verplichte e-facturatie voor verenigingen met btw-nummer

Vanaf 1 januari 2026 moet elke erfgoedvereniging met een btw-nummer e-facturen kunnen verzenden én ontvangen via het Peppol-netwerk. Hoe je je hierop voorbereidt, ontdek je op deze pagina.

WAT IS EEN E-FACTUUR?

Vrouw met schriftje, rekenmachine en computer doet administratieve taken

Een e-factuur is:

  • een gestandaardiseerd digitaal formaat (bijvoorbeeld: xml), geen pdf of afbeelding
  • verzonden via Peppol, een beveiligd facturatienetwerk
  • automatisch verwerkbaar door boekhoudsoftware als je die hebt
  • bedoeld voor transacties tussen btw-plichtige ondernemingen: niet alleen commerciële bedrijven maar bijvoorbeeld ook socio-culturele verenigingen met een btw-nummer

Let op: facturen aan particulieren hoeven geen e-facturen te zijn.

WAT ZIJN DE VOORDELEN VAN E-FACTURATIE?

  1. Snellere en foutloze verwerking
  2. Minder papierwerk en administratie
  3. Lagere kosten
  4. Betere controle voor overheid én vereniging

IS JOUW VERENIGING BTW-PLICHTIG?

Heb je je ondernemingsnummer geactiveerd als btw-nummer? Dan valt jouw vereniging onder de nieuwe regeling. Ook als je vereniging de vrijstellingsregeling heeft gekregen omdat de omzet van btw-plichtige activiteiten niet hoger is dan 25.000 euro, ben je formeel nog altijd btw-plichtig. Enkel de niet btw-plichtige activiteiten kunnen nog zonder e-factuur.

Tip: Om verwarring te vermijden kan je ervoor kiezen om al je facturen naar btw-plichtige organisaties via Peppol te versturen.

Er zijn ook enkele uitzonderingen. Die vind je hier

HOE BEREID JE JE VOOR OP E-FACTURATIE?

We kunnen je alvast geruststellen: je boekhoudproces hoeft niet volledig te veranderen. Het gaat om de manier waarop je facturen verstuurt en ontvangt. Met de volgende stappen bereid je je makkelijk voor op de verplichte e-facturatie:

  1. Controleer hier of je boekhoudsoftware Peppol ondersteunt voor verzenden én ontvangen.
  2. Heb je geen boekhoudprogramma? Zoek dan in dezelfde lijst een erkend Peppol Acces Point om de e-factuur te kunnen ontvangen en verzenden. Ontvangen en verzenden kan via een ander Acces Point. Vraag de persoon die de boekhouding doet met welke software deze het liefste werkt.
  3. Zorg dat je vanaf 2026 e-facturen kan ontvangen, ook als je er zelf (nog) geen verstuurt. Denk maar aan de facturen van de telecomoperator of deze van de drankenhandel.
  4. Wacht niet tot 2026. Hoe vroeger je overstapt, hoe vlotter de overgang.

HOE WEET JE OF JE KLANT EEN E-FACTUUR MOET KRIJGEN?

Zoek in Peppol op het ondernemingsnummer van je klant. Zo zie je meteen of je klant een Access Point op Peppol heeft.

Het kan altijd zijn dat je klant nog niet op Peppol terug te vinden is. Weet dan dat jij zelf in orde bent door het tijdelijk gebruik van een andere verzendwijze van je factuur (bijvoorbeeld een pdf via e-mail).

Voeg toe op de factuur: ‘Wij wijzen op de efacturatieplicht tussen btw-plichtige ondernemingen vanaf 1 januari 2026. Meer info op efactuur.belgium.be/nl. Zo ben je zeker in orde. 

WAT ALS JE LEVERANCIER NOG NIET KLAAR IS?

Ontvang je een factuur die een e-factuur had moeten zijn? Spreek je leverancier aan en vraag om via Peppol te werken. Formeel kan je de factuur weigeren, maar het is verstandiger om je leverancier te informeren zodat die ook volgens de wet werkt. Je leverancier riskeert immers een boete. 

VRAGEN?

Heb je nog vragen, kijk dan of je het antwoord vindt op deze website van de federale overheid. Twijfel je nog altijd? Contacteer onze collega Els op 0492 11 75 36 of via els.vervaet@histories.be. 

Een man kijkt in een programmaboekje. Hij heeft een pen in de hand.

Bereid je voor op een zorgeloze aangifte van de patrimoniumtaks

Bereid je voor op een zorgeloze aangifte van de patrimoniumtaks

Een man kijkt in een programmaboekje. Hij heeft een pen in de hand.

Is jouw erfgoedvereniging een vzw? Dan moet je jaarlijks rekening houden met de patrimoniumtaks. Maar hoe zit dat precies in elkaar? Wat wordt er belast? En hoe wordt de taks berekend? In deze praktijktip ontdek je stap voor stap hoe je de belastingaangifte van jouw vereniging regelt. Zo haal je probleemloos de deadline van 31 maart!

WAT IS DE PATRIMONIUMTAKS?

De patrimoniumtaks is een jaarlijkse belasting voor vzw’s en stichtingen. Deze belasting werd ingevoerd omdat rechtspersonen zoals vzw’s geen successierechten betalen.

Waarop wordt de patrimoniumtaks berekend?

De belasting wordt berekend op de bezittingen van je vereniging en verschilt zo van de rechtspersonenbelasting, die wordt geheven op de opbrengsten of inkomsten.

De patrimoniumtaks geldt voor alle bezittingen van je vzw, zowel in België als in het buitenland:

  • Onroerende goederen zoals gebouwen en gronden
  • Roerende goederen zoals laptops of archiefmateriaal
  • Immateriële goederen zoals auteursrechten
  • Geldbeleggingen zoals effecten of obligaties

Wat telt niet mee?

Kasgelden en het geld dat op de zicht- of spaarrekeningen van je vereniging staat en dat je gebruikt als werkingsmiddelen tijdens het jaar.

Bij grote sommen op de spaarrekening kan de belastingdienst besluiten dat dit geen werkingsmiddelen zijn, maar bezittingen – en er toch patrimoniumtaks op heffen. Het is daarom belangrijk om zelf een correcte inschatting te maken van je middelen.

Gedeeltelijke vrijstelling

Oefent je vzw activiteiten uit die vrijgesteld zijn van btw (onder artikel 44, §2, 9° Btw-wetboek), zoals het organiseren van tentoonstellingen of conferenties? En komt minstens 50% van je inkomsten uit die btw-vrijgestelde activiteiten? Dan moet je de patrimoniumtaks niet op je volledige vermogen betalen. De taks wordt dan maar berekend op 37,7% van je vermogen. Voor de rest (62,3%) betaal je geen patrimoniumtaks.

Let op: dit hangt sterk af van je specifieke situatie. Ga daarom altijd samen met een fiscalist na of je aan de voorwaarden voldoet, zeker omdat verschillende activiteiten onder verschillende btw-regels kunnen vallen.

Op de website van Cultuurloket vind je meer uitleg over deze vrijstellingen. Je kan daar ook gratis een eerstelijnsgesprek met een fiscalist inplannen via het contactformulier. Kies voor ‘Belastingaangifte invullen’ en plan een telefonisch moment dat voor jou past.

Je aangifte in orde brengen in vier eenvoudige stappen

Volg dit stappenplan en verzeker dat je de patrimoniumtaks correct en op tijd indient, zonder stress. 

1. INVENTARISEER EN WAARDEER DE BEZITTINGEN VAN JE VZW

Afbeelding van een tweeluik die aan de muur van het DPC Mechelen hangt

De lijst van bezittingen of activa (bij de patrimoniumtaks ook wel de massa der goederen genoemd) maak je elk jaar op.

  • Bij een vereenvoudigde boekhouding hoort de lijst bij de staat van het vermogen, opgenomen in bijlage C van de jaarrekening.
  • Bij een dubbele boekhouding vind je de activa terug op de balans van de jaarrekening.

De patrimoniumtaks kijkt naar de waarde van je bezittingen op een vast peilmoment: 1 januari van het aanslagjaar. Je moet dus in het begin van het jaar de verkoopwaarde van je bezittingen inschatten.

Let op: de verkoopwaarde is niet hetzelfde als de boekhoudkundige waarde; je kan de boekhoudcijfers dus niet kopiëren. Het is belangrijk dat je per goed zelf inschat welke prijs het op die datum realistisch gezien zou opbrengen bij verkoop, onder de beste omstandigheden en aan de hoogste bieder.

In twee gevallen mag je als vzw bepaalde lasten of kosten aftrekken van je bezittingen: 

  • Als je vzw een hypothecaire lening heeft.
  • Als je vzw algemene legataris is van een erfenis. 

Niet zeker of jouw vzw bepaalde lasten of kosten kan aftrekken? De voorwaarden vind je terug in de kennisbank van Cultuurloket. 

Voorbeelden

Er is geen vaste formule om de waarde van je bezittingen te berekenen. Het is wel belangrijk om een logische en geloofwaardige redenering op te bouwen. 

  1. Een genealogische vereniging heeft een archief met duizenden bidprentjes, kiezerslijsten, rouwbrieven en tweedehandsboeken. Maar omdat het geen zeldzame of rijk versierde antieke boeken zijn, is de marktwaarde eerder laag. Ook al is het archief maatschappelijk en historisch waardevol – de verkoopwaarde blijft beperkt. Je moet in zo’n gevallen je waarde niet te hoog inschatten.
  2. Een schuttersgilde bezit antiek zilverwerk. De marktwaarde van zilver is in deze situatie meestal een goed uitgangspunt. De historische of emotionele waarde voor de vereniging is moeilijker in geld uit te drukken. Voor een redelijke schatting kan je kijken naar het verzekerde bedrag, de zilverwaarde of de prijs van vergelijkbare stukken op de markt. Zilveren stukken die populair zijn bij verzamelaars krijgen een hogere waarde. Zorg dat je je redenering duidelijk noteert om achteraf vragen te vermijden.
  3. Een heemkundige kring bezit een eigen museumgebouw. Er is geen hypotheek op het gebouw, dus er kunnen geen schulden worden afgetrokken. De waarde hangt dan af van de vraag op de vastgoedmarkt in die regio, op dat moment. Let op: bij gebouwen gaat het niet automatisch om de verzekerde waarde, want die is vaak gebaseerd op vervangingswaarde en niet op verkoopwaarde. 

2. BEREKEN DE TAKS

Bij de patrimoniumtaks geldt er altijd een vrijstelling van 50.000 euro. Dat betekent dat je op de eerste 50.000 euro van je bezittingen geen belasting betaalt. Heb je bijvoorbeeld 60.000 euro aan bezittingen? Dan betaal je alleen taks op de 10.000 euro boven de vrijstelling.

Hoe werkt het tarief? 

Per schijf is er een hoger percentage van toepassing. Dit zijn de tarieven: 

Een tabel met de tarieven van de patrimoniumtaks.

Voorbeelden

1. Een heemkundige kring heeft een eigen museumgebouw. Door de totaalwaarde van het gebouw, de grond, het meubilair, de uitrusting en de collectie, komen ze op een totaal bezit van 505 000 euro. De berekening van de patrimoniumtaks zal dan als volgt zijn: 

  • Voor de eerste 50 000 euro betaal je geen taks.  
  • Voor het bedrag tussen 50 000 euro en 250 000 euro betaal je 0,15%. Dat is 300 euro. (0,15% van 200 000 euro). 
  • Voor het bedrag tussen 250 000 en 500 000 euro, betaal je 0,3%. Dat is 750 euro (0,3% van 250 000 euro).  
  • Voor het bedrag boven de 500 000 euro, betaal je 0,45%. Dat is 22,5 euro (0,45% van 5 000 euro). 
  • In totaal zal de heemkundige kring 1 072,50 euro patrimoniumtaks betalen.  

2. Een vereniging van metaaldetectoristen heeft een aantal metaaldetectoren, schopjes en ander materiaal in bezit. De totale waarde aan bezittingen bedraagt 20 000 euro. Omdat dit bedrag onder de voetvrijstelling blijft, is de vereniging geen patrimoniumtaks verschuldigd en hoeft zij ook geen aangifte in te dienen. 

3. VUL JE AANGIFTEFORMULIER IN

Is de totale waarde van de bezittingen van je vzw boven 50.000 euro? Dan moet je een aangifte invullen. Hiervoor gebruik je het formulier 187. Je kan dat formulier digitaal indienen via MyMinfin of met de post opsturen naar je regionaal kantoor Rechtszekerheid.

Vul de gegevens van je vereniging in

Op het formulier vul je eerst de algemene gegevens van je vereniging in: de naam, rechtsvorm, het adres, het ondernemingsnummer en de ondernemingsrechtbank waaronder je vereniging valt (met de zetel daarvan).

Geef een overzicht van wat je vereniging bezit

Heb je al je gegevens ingevuld? Dan begin je aan een duidelijke oplijsting van al je bezittingen. 

  • Bij onroerende goederen noteer je de kadastrale gegevens, de geschatte verkoopwaarde en de gegevens van de verzekering (zoals polisnummer en verzekerd bedrag). Dit doe je voor alle gebouwen en gronden die je vereniging bezit. Dat verzekerde bedrag is niet altijd hetzelfde als de verkoopwaarde: bij de verzekering gaat het meestal om de vervangwaarde. Zijn er onroerende goederen waarop een zakelijk recht, zoals erfpacht of vruchtgebruik op rust? Bij erfpacht is de verkoopwaarde deze van het erfpachtrecht. Bij vruchtgebruik is dat 4% van de volle eigendom per jaar.
  • Daarna noteer je de roerende goederen, immateriële goederen en de geldbeleggingen. Ook hier schat je wat ze ongeveer waard zijn. Bij roerende goederen is de verkoopwaarde meestal gelijk aan de verzekeringswaarde. Bij auteursrechten komt de verkoopwaarde overeen met wat je ermee kan verdienen.

Vergeet zeker niet een overzicht van de rekening en de kasgelden die je het voorbije jaar niet gebruikt hebt aan de opsomming toe te voegen. 

Tel de waarde van al je bezittingen op en pas de toepasselijke tarieven toe. Vervolgens dien je de aangifte digitaal of per post in.  

4. BETAAL DE PATRIMONIUMTAKS

Na het indienen van de aangifte, krijg je een bankrekeningnummer toegestuurd waarop je de patrimoniumtaks voor 31 maart betaalt. 

De belastingdienst kan je boekhouding opvragen om te controleren of de aangifte correct is ingevuld. En nu de indiening van de jaarrekening digitaal gebeurt, wordt die controle voor de overheid gemakkelijker. Zorg er dus voor dat je waarderingen correct en eerlijk zijn. Creatieve manieren om de taks te ontwijken, bijvoorbeeld door grote bedragen te spreiden over meerdere vzw’s, zijn niet toegestaan. 

Dien je de taks niet, verkeerd of te laat in?

Dan kan dat nadelige gevolgen hebben voor je vereniging. 

  • Bij vertraging: €2,50 per maand. 
  • Bij laattijdige betaling: 7% intrest. 
  • Als je te weinig of helemaal niets aangeeft, riskeer je een boete die even hoog is als het bedrag van de verschuldigde patrimoniumtaks. De taks zelf moet je dan nog altijd betalen. De belastingdienst kan daarbij tot 10 jaar teruggaan. 

Ga je niet akkoord met de berekening van de taks, dan kan je een klacht indienen. Dit kan digitaal via MyMinfin of door een brief te sturen naar het regionaal kantoor Rechtszekerheid. 

Let op: je moet de taks wel nog altijd betalen binnen de termijn, ook als je niet akkoord gaat met de berekening. 

MEER WETEN?

Op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën vind je antwoorden op een aantal veel gestelde vragen. 

Ook collega Els helpt jou graag verder via els.vervaet@histories.be of 0492117536. 

Crowdfunding: hoe zorg je ervoor dat het publiek mee investeert in jouw erfgoedproject?

Crowdfunding: hoe zorg je ervoor dat het publiek mee investeert in jouw erfgoedproject?

Bladwijzer 21: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2017 • 21

Crowdfunding of publieksfinanciering is vandaag de dag een van de meest succesvolle manieren om projecten op een alternatieve manier te financieren. Steeds vaker hoor je van erfgoedprojecten die financieel mogelijk werden gemaakt door giften van een breed publiek. Bovendien zijn er veel meer voordelen aan verbonden dan enkel het kostenplaatje: crowdfunding kan er namelijk voor zorgen dat het publiek zich nauwer betrokken gaat voelen bij het erfgoed dat je beheert. Een win-winsituatie dus.

Maar hoe begin je eraan? Welke soort projecten hebben doorgaans kans op slagen? En zijn er ook nadelen verbonden aan een crowdfundingsactie? Om aan al deze vragen een antwoord te bieden werd er binnen de reeks ‘Erfgoed in de Praktijk’ in het voorjaar van 2017 een vorming rond crowdfunding georganiseerd. Hiervoor werd beroep gedaan op de initiatiefnemers van Growfunding (www.growfunding.be), een succesvol platform dat sociale crowdfundingsprojecten in de regio Brussel begeleidt maar ook allerhande vormingen aanbiedt. Dit artikel is een weerslag van deze vorming.

Hou je softwarekosten onder controle met SOCIALware

Hou je softwarekosten onder controle met SOCIALware

Bladwijzer 15: wegwijs met Heemkunde Vlaanderen december 2015 • 15

Aan software valt in deze door technologie gedomineerde samenleving amper te ontsnappen. Jammer genoeg kosten commerciële software-pakketten vaak een bom geld en hebben non-profitorganisaties dikwijls niet het budget om deze aan te schaffen.

Om je ICT-budget onder controle te houden kan je op zoek gaan naar gratis alternatieven zoals open-sourcesoftware, freeware of freemium-software. Over het kiezen van dit type software vind je een inleiding op onze website. 1 Hoewel deze alternatieven vaak een oplossing bieden, heeft commerciële software ook voordelen. De gebruiksvriendelijkheid is doorgaans iets groter, je hebt als consument recht op garantie en je kan met problemen aankloppen bij het bedrijf dat de software produceerde. Bovendien zal je minder last hebben van advertenties en spyware die ongevraagd op je computer opduiken.

Wegens deze voordelen op tegenover de prijs die je voor commerciële software moet betalen? Dat is een vraag waarop geen eenduidig antwoord bestaat en waarvoor je geval per geval de afweging zal moeten maken. Maar als in jouw analyse om een softwarepakket al dan niet aan te kopen de prijs de enige hinderpaal is, dan kan je als vzw terecht bij SOCIALware.

SOCIALware is de Belgische partner in een wereldwijd netwerk (TechSoup Global) die softwarelicenties aanbiedt aan vzw’s voor ongeveer vier procent van de werkelijke productwaarde. Een aanzienlijke besparing dus!

 

Een vrouw achter de computer. Ze is bezig op een rekenmachine en schrijft iets in een boekje.

Rechtspersonenbelasting: wat moet je als erfgoedvereniging weten?

Rechtspersonenbelasting: wat moet je als erfgoedvereniging weten?

Een vrouw achter de computer. Ze is bezig op een rekenmachine en schrijft iets in een boekje.

Bestuur je een erfgoedvereniging met een vzw-structuur? Dan krijg je vroeg of laat te maken met de aangifte van de rechtspersonenbelasting. Die verplichting geldt voor elke vzw, ook als je geen belastbare inkomsten hebt of weinig financiële activiteiten.

De rechtspersonenbelasting roept vaak vragen op. Welke inkomsten moet je aangeven? Wanneer dien je de aangifte in? En hoe pak je dat concreet aan? In deze praktijktip leggen we het stap voor stap uit. Zo kan je de aangifte met een gerust gevoel voorbereiden.

WAT IS DE RECHTSPERSONENBELASTING?

Elke vzw moet jaarlijks een aangifte rechtspersonenbelasting indienen. Die verplichting geldt dus ook wanneer er geen inkomsten zijn aan te geven of wanneer de vereniging geen belastbare inkomsten heeft ontvangen.

Dien je geen aangifte in, dan riskeer je een boete. In bepaalde gevallen kunnen bestuurders daarvoor ook aansprakelijk worden gesteld.

De aangifte kan enkel online via Biztax.

WANNEER MOET JE DE AANGIFTE INDIENEN?

Voor de rechtspersonenbelasting gelden vaste indieningstermijnen.

  • Je dient de aangifte in binnen zeven maanden na de afsluiting van het boekjaar.
  • De aangifte heeft altijd betrekking op een kalenderjaar, van 1 januari tot en met 31 december.
  • Werkt je vzw met een boekjaar dat niet samenvalt met het kalenderjaar? Dan moet je een afzonderlijk financieel overzicht opmaken voor de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Voor verenigingen waarvan het boekjaar eindigt op 31 december, valt de deadline in principe eind juli. Omdat deze periode midden in de zomervakantie valt, wordt er vaak uitstel toegestaan. Dat uitstel kan echter niet worden gegarandeerd.

De meest recente indieningstermijnen vind je op de website van de FOD Financiën via de overzichtspagina met deadlines voor Biztax.

Stap 1: Controleer of je onder de rechtspersonenbelasting valt

De meeste vzw’s vallen onder de rechtspersonenbelasting. Dat is een jaarlijkse belasting die geldt voor een selectie van inkomsten van de vereniging.

Sommige vzw’s vallen echter onder de vennootschapsbelasting. Dat is het geval wanneer de inkomsten voornamelijk voortkomen uit economische activiteiten. In tegenstelling tot de rechtspersonenbelasting wordt dan de winst van de vzw belast.

Voor erfgoedverenigingen gaan we in de meeste gevallen uit van de rechtspersonenbelasting. In deze praktijktip focussen we daarom verder op dat belastingstelsel.

Stap 2: Ga na welke inkomsten je moet aangeven

Niet alle inkomsten van je vzw vallen onder de rechtspersonenbelasting. Daarom is het belangrijk om eerst na te gaan welke inkomsten je moet opnemen in de aangifte.

Inkomsten die wél onder de rechtspersonenbelasting vallen

Inkomsten uit onroerende goederen

  • Inkomsten uit de verhuur van een gebouw of lokaal aan een commerciële onderneming. Verhuur je aan een vereniging zonder winstoogmerk, zoals een carnavalsvereniging, of aan particulieren voor privégebruik, zoals een familiefeest, dan valt die verhuur hier niet onder.
  • Vergoedingen voor een zakelijk recht op een onroerend goed, zoals een erfpacht- of opstalrecht.
  • Dat zijn winsten die ontstaan bij de verkoop van aandelen, een onroerend goed of een zakelijk recht dat ermee verbonden is. Welke termijnen en tarieven daarbij gelden, vind je in de toelichting van de FOD Financiën onder het onderdeel ‘meerwaarden’.

Roerende inkomsten

Roerende inkomsten zijn inkomsten uit roerende goederen of beleggingen. Het gaat bijvoorbeeld om:

  • intresten;
  • dividenden;
  • koerswinsten.

Op deze inkomsten wordt al roerende voorheffing ingehouden. Toch moet je ze ook vermelden in de aangifte van de rechtspersonenbelasting.

Ook vergoedingen voor auteursrechten en inkomsten uit de verhuur van bijvoorbeeld tentoonstellingspanelen of een geluidsinstallatie worden als roerende inkomsten beschouwd. Ook exclusiviteitscontracten voor media-publiciteit worden behandeld als belastbare roerende inkomsten. Deze inkomsten worden niet eerder door jou aangegeven, dus ben je zelf verantwoordelijk voor een correcte opname in de aangifte.

Soms verhuurt een vzw zowel een gebouw als bijhorend meubilair of ander materiaal. In dat geval moet je de ontvangen huur opsplitsen tussen het onroerende deel (het gebouw) en het roerende deel (bijvoorbeeld het meubilair). Die verdeling kan op verschillende manieren gebeuren:

  • via een forfaitaire verdeling (vaak 80/20 of 90/10, voor respectievelijk het onroerende deel versus het roerende deel);
  • op basis van de relatieve waarde van de goederen;
  • via een verdeelsleutel die vooraf in de overeenkomst wordt opgenomen.

Welke methode je ook kiest, de verdeling moet logisch en verdedigbaar zijn tegenover de fiscus.

Vergoeding voor een ter beschikking gestelde wagen

Beschikt je vzw over een wagen die ook privé gebruikt mag worden? Dan moet daarvoor een voordeel van alle aard worden aangegeven in de rechtspersonenbelasting. Dit voordeel van alle aard is afhankelijk van de CO²-uitstoot, de brandstof en de ouderdom van de wagen. De belasting zal ook verschillen naargelang de vereniging de brandstofkosten betaalt of niet.

Vanaf 2026 zijn er wijzigingen in de fiscale regels voor autokosten in vzw’s.

Bepaalde niet-verantwoorde kosten

Sommige kosten moeten eveneens worden aangegeven. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer:

  • het wettelijk maximum voor vrijwilligersvergoedingen werd overschreden;
  • werknemers werden betaald zonder de vereiste fiscale fiches op te maken. In de praktijk komen zulke situaties meestal pas aan het licht bij een fiscale controle.

Inkomsten die niet onder de rechtspersonenbelasting vallen

De volgende inkomsten moet je niet aangeven in de rechtspersonenbelasting:

  • winsten;
  • schenkingen;
  • subsidies;
  • lidgelden.

STAP 3: KIJK NA OF JE VZW RECHT HEEFT OP EEN BELASTINGKREDIET

Sommige uitgaven kunnen recht geven op een belastingkrediet. Dat verschilt van een belastingvermindering. Bij een belastingvermindering kan je nooit meer terugkrijgen dan het bedrag aan belasting dat je verschuldigd bent. Een belastingkrediet kan daarentegen ook een terugbetaling opleveren wanneer je vzw geen belasting moet betalen en dus een nul-aangifte indient.

Een vrouw leest een boek. Er liggen nog meerdere tijdschriften op tafel.

Voor de meeste belastingkredieten komt enkel een organisatie met personeel in aanmerking. Er is echter één uitzondering die ook interessant kan zijn voor erfgoedverenigingen die volledig door vrijwilligers worden gedragen. Het gaat om het tijdelijke belastingkrediet voor de verdeelkosten van papieren tijdschriften en kranten. Publiceert je vereniging een tijdschrift of ledenblad op papier, dan kan deze maatregel mogelijk een financieel voordeel opleveren. In deze praktijktip leggen we uit wanneer je vereniging hiervoor in aanmerking komt en hoe je het belastingkrediet kan aanvragen.

STAP 4: DIEN JE AANGIFTE IN VIA BIZTAX

Bereid je voor

Zorg er eerst voor dat je alle benodigde documenten bij de hand hebt. Controleer ook of je computer technisch geschikt is om de aangifte in Biztax in te vullen. De technische vereisten voor je computer vind je op slide 44 en 45 van deze powerpoint.

Surf vervolgens naar Biztax en meld je aan. De meeste gebruikers loggen in via itsme® of met hun elektronische identiteitskaart.

Na het inloggen krijg je de keuze tussen je persoonlijk profiel en het profiel van de organisaties waarin je actief bent. Kies hier het profiel van je vereniging.

Maak een nieuwe aangifte aan

Ga naar ‘Mijn aangiften’ en maak een nieuwe aangifte aan. Via dezelfde rubriek kan je ook eerdere aangiften bekijken of ingediende dossiers raadplegen.

Vul vervolgens het ondernemingsnummer van je vzw in. Daarna geef je het aanslagjaar en het belastbaar tijdperk (het boekjaar) op.

Let erop dat je kiest voor ‘rechtspersonenbelasting (RPB)’ en niet voor ‘vennootschapsbelasting (VenB)’.

Doorloop de volgende vijf stappen in Biztax

      1. Ingave

In deze eerste stap vul je alle gegevens van de aangifte in.

Dat omvat:

  • de identificatiegegevens van de vzw, waaronder het bankrekeningnummer en de contactpersoon;
  • de belastbare inkomsten zoals opgenomen in de boekhouding;
  • eventuele uitgaven die recht geven op een belastingkrediet (zoals code 1952 voor bepaalde verdeelkosten van periodieke publicaties);
  • de verplichte bijlagen.

Wanneer je vereniging geen belastbare inkomsten heeft, hoef je hiervoor niets in te vullen.

Voeg ook de nodige documenten toe:

  • de jaarrekening (tenzij die al werd neergelegd bij de Nationale Bank van België);
  • het proces-verbaal van de algemene vergadering waarin de jaarrekening werd goedgekeurd;
  • het financieel overzicht van het kalenderjaar wanneer je boekjaar niet samenvalt met het kalenderjaar.

      2. Foutenlijst

Na het invullen controleert Biztax of je aangifte volledig en correct is.

Eventuele fouten worden weergegeven in een overzicht. Via de knop ‘naar fout gaan’ spring je meteen naar de juiste plaats om de fout te verbeteren.

Houd er rekening mee dat je na elke aanpassing de foutencontrole opnieuw moet uitvoeren. Pas dan krijg je een bijgewerkte lijst met eventuele fouten.

      3. Simulatie

In de simulatie zie je het voorlopige resultaat van je aangifte. Je krijgt een indicatie van het bedrag dat je eventueel moet betalen of terugkrijgt.

Via het pdf-icoon kan je ook de gedetailleerde berekening raadplegen.

      4. Ondertekenen en verzenden

Is alles ingevuld en gecontroleerd? Dan kan je de aangifte ondertekenen en verzenden.

Je kan je werk tussendoor altijd bewaren en later verder aanvullen. Vergeet wel niet om op ‘verzenden’ te klikken. Pas dan is je aangifte officieel ingediend.

Na een succesvolle indiening ontvang je daarvan een bevestiging. Je kan de aangifte vervolgens ook als pdf downloaden. De aangifte krijgt dan de status ‘ondertekend’.

Merk je achteraf nog een fout op? Dan kan je de aangifte nog één keer corrigeren, op voorwaarde dat de indieningstermijn nog niet verstreken is én dat de fiscus de aangifte nog niet heeft verwerkt.

      5. Aangiftedocumtenten

Onder ‘Aangiftedocumenten’ vind je een overzicht van alle ingediende aangiften.

Je kan er op elk moment je bijlagen, ontvangstbewijzen en eerdere aangiften opnieuw raadplegen.

MEER INFORMATIE

Meer informatie vind je op de website van de FOD Financiën. Geraak je er zelf niet uit, dan kan Cultuurloket jou te woord staan. Maak hier een afspraak.

Witte kassa: verplicht voor lokale erfgoedverenigingen?

Witte kassa: verplicht voor lokale erfgoedverenigingen?

Baat jullie lokale erfgoedvereniging een heemcafé uit of organiseert ze geregeld eetfestijnen? Dan is ze sinds kort misschien verplicht om met een geregistreerd kassasysteem (GKS), de zogenaamde ‘witte kassa’, te werken.

Wat?

Het Geregistreerd Kassasysteem (GKS) of de witte kassa bestaat uit een kassa met een controlemodule (black box) en een gepersonaliseerde kaart (smartcard). Zonder controlemodule en kaart werkt de kassa niet. Het hele systeem moet door een bevoegde overheid gecertificeerd worden. De maatregel vloeit voort uit een akkoord dat de regering in 2009 sloot met de horecasector: een verlaging van het btw-tarief naar 12% kon enkel wanneer de sector akkoord ging met de invoering van een GKS dat een efficiëntere fraudebestrijding mogelijk maakte.

Voor wie?

Btw-plichtige vzw’s die een zaak uitbaten waar regelmatig maaltijden worden verbruikt moeten een btw-kasticket uitreiken via een Geregistreerd Kassa Systeem (GKS), als zijn jaaromzet, exclusief btw, voor die restaurant- en cateringdiensten hoger is dan 25.000 euro.

Dit bedrag van 25.000 euro vervangt dus de term ‘regelmatig’ uit het oude artikel 21bis. Die term verviel op 30 juni 2016, omdat hij, na het vernietigen van de 10 % – regel, teveel ruimte liet voor interpretatie.

Vergeet ook niet dat alle btw-plichtige vzw’s die maaltijden serveren sinds januari 2015 sowieso btw-bonnetjes moeten uitreiken voor voeding en drank.

Of jouw lokale erfgoedvereniging btw-plichtig is, kan je nagaan in het artikel dat hierover eerder al verscheen in Bladwijzer. Is jullie erfgoedvereniging geen btw-plichtige vzw, dan hoeft ze zich van dit alles niets aan te trekken.

Wat doen?

Ben je een btw-plichtige vzw die meer dan 25.000 euro van haar horeca-omzet uit voeding haalt? Dan moet je dit melden bij de FOD Financiën. Vanaf begin 2017 gelden er geen verzachtende maatregelen meer en zou elke inrichting die een GKS moet gebruiken, er één moeten hebben.

Alle informatie vind je op deze site: www.geregistreerdkassasysteem.be.

Voor meer informatie kan je eveneens terecht bij Daphné Maes via daphne.maes@historiesvzw.be of op het nummer 015 20 51 74.