Reuzen in de wereld: Azië

In Azië spelen reuzen een rol in het culturele leven van sommige groepen in Bhutan, Cambodja, China, Indië, Israël, Japan, Myanmar, Nepal, de Fillipijnen, Taiwan en Thailand. De gebruiken verschillen van land tot land en van streek tot streek.

DE INDONESISCHE ONDEL-ONDELS

In de omgeving van Jakarta vinden we reuzen terug die ondel-ondel worden genoemd. Het gebruik wordt toegeschreven aan de inheemse bevolking van Jakarta, de Betawi. De Betawi zijn de afstammelingen van de mensen die rond de 17de eeuw in en rond Jakarta leefden. In die periode luisterde Jakarta naar de naam Batavia, een naam die de Nederlanders in 1619 aan de stad gaven toen ze die overmeesterden. Betawi wil dus ‘inwoners van Batavia’ zeggen. Omdat Batavia in die periode welvarend was en heel wat economische mogelijkheden had, lokte ze heel wat mensen van verschillende culturen. De Betawicultuur heeft dan ook invloeden ondergaan van onder andere de Chinese, Arabische, Portugese en Nederlandse cultuur. Het woord ondel-ondel slaat zowel op de reuzenpoppen zelf, als op de performance die ze geven op Betawimuziek. Het type muziek waarop de reuzen dansen kan sterk variëren en hangt zowel af van de groepen die de dansen uitvoeren als de gelegenheid waarop ze dat doen.

De ondel-ondels zijn bijzonder kleurrijk en sommige van hen zijn gekleed in traditionele Betawikledij. Een wit gezicht wijst erop dat het om een vrouwelijke pop gaat, terwijl het gezicht van mannelijke poppen rood is geschilderd. De hoofden van de reuzen zijn doorgaans gemaakt uit hout, de romp uit geweven bamboe en het haar uit palmvezels. Oorspronkelijk werden ondel-ondels gezien als representaties van de voorouders van het Betawivolk. Ze werden ingezet om de mensen te beschermen tegen ronddolende kwade geesten. Die functie zijn ze inmiddels kwijtgeraakt. De reuzen worden nu ingezet om allerlei festiviteiten op te luisteren, zoals de inhuldiging van een nieuw gebouw, een huwelijks- of verjaardagsfeest of een andere culturele activiteit. De ondel-ondels zijn de mascottes van de Betawi en worden ondanks de oprukkende modernisering nog steeds door tal van mensen in leven gehouden.

Ook in andere delen van Indonesië vinden gelijkaardige performances plaats, al heten ze daar anders. In Pasundan spreken ze van Badawang, in Centraal Java van Barongan Buncis en in Bali van Barong Landung.